Nato e cresciuto in Inghilterra da padre bengalese e madre inglese, Lahya è un undicenne piccolo e nero, che non ha nessuna intenzione di rimanere tale per il resto della vita. Unico suo desiderio è quello di diventare una splendida donna bianca, bionda e bellissima come la mamma di cui è palesemente innamorato, e il più diverso possibile dal padre che disprezza. Sulle soglie dell'adolescenza, Lahya medita con frequenza propositi suicidi. Quando il nonno paterno viene accoltellato e muore, il ragazzo parte con la famiglia alla volta della Grande Mela, che è pronto a detestare come la sua inglesissima mamma, e si trova nel clan dei Cenna, ancora molto attaccato alle tradizioni della madrepatria.
Lahya is een jongen van nog geen twaalf jaar. Zijn vader is van Indische afkomst en donker, zijn moeder is een schitterende blanke Britse. Liever dan de kleine zwarte courgette te zijn die hij nu is, wil hij een schitterende blanke vrouw worden. Dan zou iedereen tenminste van hem houden. Op vakantie in New York vertelt zijn oma over de Hindu-godin, Kali. Zij kan al je wensen laten uitkomen, maar dat vraagt wel offers. Lahya gaat op zoek naar het perfecte slachtoffer voor Kali, een mooie blanke man. Dit boek stond bijna 14 jaar te wachten in mijn boekenkast om gelezen te worden. De zoektocht van Lahya is bij momenten grappig, bij momenten ontroerend en altijd een beetje bizar. Voor de liefhebbers zou ik zeggen (ik twijfelde tussen een 2 en een 3 ... het werd 3 wegens toch wel een heel aantal "goede" passages).