Basho is een van de sleutelfiguren in de geschiedenis van de haiku – de vermaarde Japanse dichtvorm. De haiku is een vingerhoed vol emotie, waarin de natuur een centrale plaats inneemt. In drie regels wordt een ‘ogenblikervaring’ uitgedrukt.
Internationaal is Basho een van de geliefdste Japanse dichters. Zijn schijnbaar eenvoudige poëzie is doordrongen van natuurbesef en vergankelijkheid, maar ook van het tragische verloop van de Japanse geschiedenis. Daarnaast zijn het aangrijpende getuigenissen van een reiziger zonder thuis.
Known Japanese poet Matsuo Basho composed haiku, infused with the spirit of Zen.
The renowned Matsuo Bashō (松尾 芭蕉) during his lifetime of the period of Edo worked in the collaborative haikai no renga form; people today recognize this most famous brief and clear master.
Korte bloemlezing van een aantal haiku's (eigenlijk hokku's) van de Japanse grootmeester Matsuo Basho. Veel respect voor de vertaling van Jos Vos. Gezien de beknoptheid van haiku's lijkt het mij een hele opgave om verwijzingen en woordspelingen even poëtisch weer te geven in het Nederlands. Mooie uitgave, mooie titel, maar drie sterren omdat haiku's me weinig weten te raken.
Wie was Basho en wat zijn hokku's? Wikipedia to the rescue: "Matsuo Bashō (Japans: 松尾芭蕉) (Ueno, 1644 - Osaka, 28 november 1694), eigenlijke naam Matsu Kinsaku, wordt (naast Masaoka Shiki, Yosa Buson en anderen) gezien als een van de grootste van alle haiku-meesters. Geboren in Ueno en in dienst van de keizerlijke Yoshita-familie, maakt hij zich hier rond zijn 28ste van los en trekt met zijn volgelingen door het land, onderwijl onsterfelijke poëzie makend. Hij schreef zijn gedichten niet, maar sprak ze uit, waarna ze door zijn 'discipelen' werden opgetekend.
In veel van zijn werk klinkt de boeddhistische filosofie door, voortdurend wordt de lezer herinnerd aan de vergankelijkheid van alles wat hij ziet." https://nl.wikipedia.org/wiki/Matsuo_...
"De dichtvorm [haiku] is in de 17e eeuw in Japan uit oudere vormen ontstaan door de wedijver tussen verschillende grote dichters, waarvan Matsuo Basho waarschijnlijk de bekendste meester is. De toepassing was toen de hokku, de aanzetstrofe voor de renga, een kettinggedicht, waaronder de tan renga of als eerste deel van de tanka. Pas aan het eind van de 19e eeuw werd door Masaoka Shiki het begingedicht hokku verzelfstandigd tot de haiku. Strikt genomen zijn daarmee de oudere gedichten van deze vorm hokku, ook al was het niet ongewoon dat het eervolle beginvers geschreven werd zonder de verwachting dat er een renga mee geschreven werd." https://nl.wikipedia.org/wiki/Haiku_(...