In Moskou wordt de beroemde advocaat Doeganovitsch vermoord. De volgende dag is commissaris Stijn Goris schijnbaar toevallig getuige van een hold-up in een Brusselse juwelierszaak en krijgt een kogel in de borst. Enkele dagen later kan hij ternauwernood voorkomen dat vriendin Sacha ontvoerd wordt. Het is duidelijk dat iemand het op Goris gemunt heeft. Goris en zijn assistent Pauwels laten niets aan het toeval over. Ze screenen alle misdadigers die door Goris’ toedoen in de gevangenis zijn beland en inmiddels terug op vrije voeten zijn. Voor Pauwels zijn ze allemaal verdacht. Maar Goris weet beter: er is maar één man die zo verbeten achter hem aanzit en die hem kost wat kost levend in handen wil krijgen. Wie kaatst moet de bal verwachten, ook al ben je een briljant Brussels commissaris.
Een oude zaak achtervolgt commissaris Stijn Goris. Hij heeft een tijd geleden de russische gangster Kefkevsky laten oppakken, en wat meer is, diens geld laten verdwijnen. De handlangers en vrienden van Kefkevsky hebben het nu op Goris gemunt. Ze willen Papi (zo noemen ze Kefkevsky) wreken en het geld terug. Er worden verschillende aanslagen op Goris gepleegd, men probeert zelfs zijn vriendin te ontvoeren. Stijn Goris en Stef Pauwels rusten niet totdat ze weten wie verantwoordelijk is voor al deze daden, en eens ze dit weten, bijten ze zich vast in de zaak; ze moeten zelfs naar Albanië reizen om de ondergedoken Oleg Marjkine, de pleegzoon van Kefkevsky en de leider van de organisatie op te pakken.
Spannende politiethriller, maar ik zou toch niet zeggen dat het een topboek is.