Als juffrouw Barbara in de 16e eeuw iets ontdekt dat haar persoonlijk diep raakt, gaat vervolgens haar huis in vlammen op en dat is nog maar het begin.
Lydia Verbeeck (°1948, Kontich) studeerde aan de lagere normaalschool in Berchem en tot 1990 gaf les in een school in Kontich. Om haar lessen geschiedenis wat aangenamer te maken, schreef ze verhalen. In de reeks historische verhalen van De Sikkel werden enkele verhalen van haar uitgegeven. Haar eerste jeugboek was Zeg maar Mattias. Het werd bekroond met de debuutprijs van de stad Knokke-Heist voor het beste jeugdboek 1986.
Nadat ze gestopt was als onderwijzeres ging ze aan de slag als scenariste voor televisie en toneel. Toevluchtsoord is een combinatie van de twee favoriete genres van Verbeeck, namelijk de thriller en de historische roman. Lydia Verbeeck is stadsgids in Lier en het verhaal speelt zich dan ook af op en rond het begijnhof van Lier.
Vergeet de woorden 'thriller' en 'literair' waarmee deze boeken gepromoot worden. Deze reeks moet het niet hebben van haar thrillergehalte, noch pretendeert de schrijfster de literaire toer op te gaan.
De charme van het quintet ligt geheel in de prachtige evocatie van het 16de eeuwse Lier (my home town), een klein maar vrolijk stadje, dat ten tijde van de Spaanse bezetting meer herbergen op zijn grondgebied had dan gelijk welk ander stadje van dezelfde omvang. Een stadje dat ooit mocht kiezen tussen een schapenmarkt en een universiteit. De Lierse levensgenieters kozen voor het eerste en worden nog tot op de dag van vandaag 'schapenkoppen' genoemd en hebben zelfs in de 20ste eeuw een 'sociëteit van de schaapshoofden' opgericht, een Lierse variant van de Lions, de Rotary ed. En die universiteit, die ze niet moesten hebben... juist, die staat nu nog altijd in Leuven. (maar hé, wij hebben een verre herinnering aan een schaapsmarkt, onze geuzennaam en een sociëteit)
Maar nu de over de boeken. Wel, ik holde mee met de begijntjes in total distress wanneer er het lijk van een naakte man op het begijnhof werd aangetroffen (dat zou heden ook nog wel de talk of the town zijn in Lier). Ik hoorde de alarmklokken van de Begijnhofkerk luiden (ik hoor ze vandaag nog regelmatig - ik woon er dan ook op 50 meter van - alleen doen ze nu niet meer dienst als alarmklokken, maar kondigen ze eerder een trouw of een begrafenis aan). Ik stond mee met de begijnen de was te doen op den bleek aan de Nete (en ik zag in de toekomst het huis van mijn ouders staan). Ik liep mee mee met de bewaker van de Gevangene Poort naar het stadhuis op de Grote Markt (een traject dat ik nog heel vaak doe omdat het niet de korste, maar wel de leukste weg van bij mij thuis naar het centrum is) En ik heb ook heel wat bijgeleerd, over vroedvrouwen en vroedmeesters (mijn respect voor vroedvrouwen, dat al groot was, is alleen nog maar toegenomen), over de herkomst van de blauwe Madonna boven de begijnhofpoort. Mijn kennis over analgesie anno einde 16 de eeuw is ook weer helemaal up to date (en in alle eerlijkheid mag ik besluiten dat we erop vooruit gegaan zijn).
Kortom, ik heb zo'n 2tal maanden vertoefd in Lier ten tijde van de Spaanse bezetting, en ik heb me daar geen moment verveeld. Het feit dat de schrijfster tot haar overlijden stadsgids in Lier was, zal ook wel bijgedragen hebben aan de sappige manier waarop alles verteld wordt.
Ontspannende en toch spannende, historische thriller die zich in 1597 afspeelt op het Begijnhof van Lier. Dit als een literaire thriller gaan bestempelen is wat te hoog gegrepen maar onderhoudend is dit goede, sterke plot wel.
Ze lezen wel vlotjes die boeken van Verbeeck. In dit boek vond ik al wat meer mijn ding. Catharina is al iets minder dom schaap (alleen al omdat ze glansrijk voorbij gestoken wordt door juffrouw Barbara), maar als hoofdpersonage blijft ze nog steeds wat leeg, lijkt me. Maar door een sterkere afbakening van de overige personages valt dat niet meer zo op. Overigens waren er meerdere punten in het boek waarop ik dacht, nu kan er toch echt niets meer fout lopen en dan bleek dat ik weer een verhaallijn helemaal vergeten was. (Die van Arthur bijvoorbeeld.) Dit boek hield veel minder frustraties in dan het vorige, het las vlot, ik was soms aangenaam verrast en keek er echt naar uit om in verder te kunnen lezen. Geslaagd dus! ;)
Niet echt mijn ding, de tweede ster was ook een twijfelgeval wat mij betreft. Te veel personages in dit verhaal zodat geen enkel echt goed werkt uitgediept. Wel positief is dat ze van een kluwen aan draadjes op het einde toch alles aan elkaar weet te breien. Het feit dat ik me moest forceren om dit boek te blijven lezen, zegt wel genoeg.