Op de laatste avond van oktober 1984 ziet een jongen hoe zijn beste vriend verongelukt. Het is zijn laatste avond als kind, voortaan moet hij flink zijn en vooruitkijken. Maar wel met een verdriet dat aan niemand uit te leggen is, en met schuldgevoel, met rouw, met gemis en met de dood die er niet genoeg van krijgt. Want in de zomer van 1998 verliest een broer zijn broer en jaren later, op dezelfde dag, een zoon zijn moeder.
De jongen is inmiddels geliefde geworden, man en vader, ook door die doden. De dagen worden mede door hen bepaald. Ze zitten in zijn schrijven, in het zijn en in het liefhebben, ze zitten in alle twijfels, struikelingen en worstelingen. Ze reizen mee naar verre landen. Ze zijn thuis waar hij woont. Dan wordt het 2022 en hij plant een boom.
In Treurwil zoekt Rik Van Puymbroeck naar verdriet van vroeger en hoe je dat niet kan loslaten, maar juist wilt vasthouden en vorm wilt geven. Hoe de rouw minder rauw wordt, al verwoordt de tweeklank treffend de toch onmiskenbaar blijvende pijn.
Niet gedacht dat dit boek mij zo zou raken. Super mooie beschrijvingen van de onbeschrijfelijke gevoelens die verlies kan oproepen. Het confronteerde me met mijn eigen sterfelijkheid en tegelijkertijd wilde ik mijn geliefden nog eens extra goed vastpakken vanavond. Ik ga slapen met een motivatie om van het leven te genieten (of er morgen alleszins al een mooie dag van te maken :))
Een boek van zachte echo’s en krachtige stiltes. Dankbaar uit geplukt: 'Il y a des jours, des mois, des années où il ne se passe rien. Il y a des minutes et des secondes qui contiennent tout un monde.' (Jean d’Ormesson)
Rouw je je ganse leven om het verlies van iemand? Mag en kan dat? Hoe dicht liggen dood en liefde bij elkaar? Rouw je bij verlies om de dood van die ene persoon of om het gemis dat diegene die achterblijft voelt?
Een boek schrijven over rouw en verdriet, over de dood, is geen makkelijke opdracht. Zeker niet als het om de dood nabij is. Rik verloor vriend, broer, moeder… en bij toeval sterven deze mensen allemaal op een 24ste augustus, weliswaar in andere jaren.
Worstelend met de rouw om deze (en andere) mensen uit zijn omgeving, maar ook met het ouder worden, probeert Rik een catharsis te zoeken in het neerpennen van deze emoties. De pijn als leidraad, de pen als verwerkingsmechanisme.
Rik Van Puymbroeck is al jaren journalist en heeft met Treurwil zijn eerste literaire werk uitgebracht. Eén autobiografisch portret waarbij de dood centraal mag staan want net als geboorte, opgroeien en ouder worden is ook de dood een deel van het leven.
Rik schreef een heel sereen boek waarbij je bij elk woord je hart bijna voelt bloeden. Dit boek wil je niet verslinden, dit wil je pagina per pagina en woord per woord in je opzuigen. Geen letter is te veel. Tussen de regels ligt ook troost verscholen. Of is het alleen maar de troost die wordt gezocht?
Dankzij de mooie quotes en referenties uit literatuur en muziek creëert Rik een sfeer die pijn doet, stil laat staan en je doet nadenken over de mensen die je zelf verloor.
Mijmeringen over leven en dood. Sommige passages raakten mij heel diep. Het boek doet me zin krijgen om ook het journalistiek werk van Van Puymbroeck te lezen.
"Een ramp is een gelegenheid voor moed. Een boom is pas stevig en sterk als er regelmatig wind op inbeukt. Want juist door die externe druk zet hij zich schrap en laat zijn wortels dieper reiken."
"Als je ooit aan zee komt, steek dan je handen in de golven en dan zal ik die even strelen."
Ik reken op de lente... het leven is repetitief en altijd herbeginnen.
Treurwil is niet alleen een boek over rouw, verlies en het verwerken ervan, maar het was voor mij ook een boek waarin de liefde van Rik Van Puymbroeck voor Frankrijk heel mooi werd tentoongespreid aan de hand van Franse citaten en verwijzingen naar de Franse literatuur. Rik Van Puymbroeck is dan ook een echte francofiel. Daarnaast was het voor mij ook een echt werkboek. Ik heb mijn potlood enorm veel gebruikt om fragmenten en citaten te onderstrepen. Ik heb ook de verschillende verwijzingen naar muziek opgezocht. Ik heb ook enorm genoten van de playlist. Het lijkt een dun boekje, maar het bevat zoveel rijkdom, waar je bij iedere lezing er volgens mij iets anders uit haalt.
‘Als de mens een moeder had die hem opneemt aan het einde, zoals een moeder hem weggaf aan het begin, hoe licht zou de dood zijn.’
Non fictie boek waarin de schrijver verteld over zijn zoektocht om met rouw om te gaan nadat hij meerdere naasten is verloren. Het was eventjes inkomen omdat het een ander soort boek dan dat ik normaal lees, maar dat kwam later helemaal goed en het heeft mij met momenten erg ontroerd. Laat je nadenken over hoe kwetsbaar het leven kan zijn en hoe belangrijk het is om te genieten van de mensen om je heen.
Nope...dit wordt 'em niet...! Noem me gerust een cultuurbarbaar...maar als je zo moet worstelen en herkauwen...dan leg ik het liever weg (na blz 93). Respect voor mensen die hier wel mee aan de slag kunnen. voor mij doet het niets... Op naar een volgend boek dan liever.
Uitgelezen: ‘Treurwil’, het literaire debuut van Rik Van Puymbroeck. Een boek dat zich bij uitstek laat lezen tijdens deze herfstige dagen, deze novembermaand waarin we de doden herdenken. Over wat gaat ‘Treurwil’? Op de achterflap staat het kernachtig verwoord: “Een verstild kleinood dat ons veel vertelt over rouw en verdriet.” Een boek dat me aanzette tot nadenken, herinneringen opriep, troost en herkenning bracht. Een boek dat je na het lezen niet zomaar in de boekenkast stopt. Wel een boek dat je binnen handbereik houdt om een stukje, een mooie zin of een citaat te herlezen. Kortom: een koesterboek!
Onder een warm dekentje van troost las ik dit boek. Ik kocht het op een van de (voor mij) moeilijkste dagen van dit jaar… @rikvanpuymbroeck schrijft in dit boek zijn eigen verhalen van verlies, rouw en verdriet neer. Dat sommige zinnen, linken naar muziek me troost hebben gebracht dat is zeker. Dat ik veel notities maakte om nog eens te herlezen als ik het nodig heb, dat ook…
Het deed me soms wat wenkbrauwen fronsen dat vele verwijzen naar andere verhalen, gedichten,… maar naar mate ik verder kwam in het boek, snapte ik het wel op een manier.
En nog iets wat ik wil, ik wil, ik wil (al zo lang) een treurwil(g)
‘Waarom lees je toch boeken waarvan je moet huilen?’ Mijn huisgenoten kijken me met grote ogen aan als ik ‘Treurwilg’ van Rik Van Puymbroeck dichtklap. We zitten bij het zwembad van ons vakantiehuisje in Barga, Toscane. De zon schijnt eindelijk, na een week regen, koorts, snotteren en hoesten. Covid, vermoed ik. Er zijn betere momenten, maar ook ergere plaatsen om ziek te zijn.
Net als onze vakantie echt lijkt te beginnen, lees ik een boek dat over rouwen gaat. Toch voel ik me diep verbonden met de schrijver, die in de kleinste details de melancholie zo mooi beschrijft. Niet dat ik zelf al zoveel mensen van dichtbij heb moeten afgeven; op dat vlak ben ik met geluk gezegend. Maar is afscheid nemen niet altijd een beetje rouwen?
Vooral het verhaal van Anneke, in een van de laatste hoofdstukken, raakt me bijzonder. Ze had Downsyndroom, zoals mijn Simon. Zelf voelde ik nooit meer rouw dan toen ik 26 jaar geleden afscheid moest nemen van mijn droom van een ‘perfect’ kind. Al wist ik toen nog niet hoe mijn imperfecte kind het mooiste kind van de wereld zou worden. Melancholischer werd ik sindsdien ook, maar in die melancholie schuilt ook zoveel troost.
Een aanrader dus, dit boek, voor wie melancholie koestert.
Een boek waarvan de centrale thema’s dood en rouw zijn, verdient de nodige tijd. De pagina’s passeerden bij momenten traag - ik nam de tijd, wat de dood in het boek weigert te doen. Er zit schoonheid in rouwen.
Één iets is zeker: met voorsprong één van de mooiste titels uit mijn bibliotheek.
Een mooier geschenk kon een beste vriend me eigenlijk niet geven : rouwen mag, rouwen moet en zal altijd blijven. Een levenslang proces - soms moeilijk te begrijpen - maar treuren mag je willen tot in de tijd oneindig.
‘Rouw werd minder rauw, maar ik koester. Ik omarm.’ Een boek over het leven, over de dood, over een man die troost en antwoorden zoekt. Iemand die zijn lezers verwarmt, raakt en toch zichzelf blijft. Mag ik nog verder lezen, het mag nog niet stoppen.
Fascinating how the author gets under your skin into places where nothing ever entered before writing about deep sadness. Sadness for the death and the eternal question if sadness can ever be removed when you loved the ones who left you behind. Written with a high level of sensitivity.
“Maar in dat hoekje van mijn telefoon schijnt de zon altijd. Dat is het verschil tussen het gewenste leven en het leven zelf. Liefst de zon, vaak zwaarbewolkt.”
Mooi en heel leesbaar. Herkenbaar en troostend ook voor als je recent met een verlies geconfronteerd werd. Het is goed om met de rouw om te gaan als je treuren wil. Toepasselijke titel. Je verdriet niet wegstoppen.
“De verleden tijd van verdriet bestaat niet. • Maar de herinnering is een behaagzieke minnares die zich graag plooit naar de wens van wie wil herinneren.”
Treurwil Rik Van Puymbroeck De Bezige Bij augustus 2023 209 p.
Rik Van Puymbroeck (55) is sinds 1991 journalist bij achtereenvolgens Het Belang van Limburg, De Morgen en De Tijd. De Stichting Verhalende Journalistiek bekroonde hem drie keer tot meesterverteller: in 2016, 2019 en 2021. ‘Treurwil’ is zijn eerste literaire roman die meteen genomineerd werd voor de Bronzen uil debuutprijs. Eerder verschenen onder meer in non-fictie:‘Thuis en ver van huis. Te gast bij Turkse Families in Vlaanderen’ (2005), ‘Weduwen. Overleven na de dood van je man’ (2008) en ‘Ergens onderweg’ (2017).
In de autobiografische roman ‘Treurwil’ zoekt hij uit hoe verlies en rouw tot vandaag onder zijn vel kruipen.
Op 31 oktober 1984 ziet hij zijn beste vriend een jongen van 17 verongelukken op een brommer. ‘De dag waarop ik geboren word’, noemt hij die gebeurtenis in zijn roman. Vijftien jaar later verliest Rik Van Puymbroeck zijn broer in een verkeersongeluk.
Dat de auteur na al die tijd met een zaklamp door zijn hoofd en lichaam reist, op zoek naar wat zich verborgen had in de kronkels, bloedbanen, hartslagen - zoals hij het beschrijft in ‘Treurwil’ - bewijst dat op rouw geen houdbaarheidsdatum kleeft. En trouwens iedereen rouwt op zijn eigen tempo en op zijn eigen manier. De auteur koestert zijn verdriet en hij is blij dat hij het blijft voelen. Het betekent niet dat hij voortdurend droevig is, maar de pijn die hij voelt bij het denken aan zijn overleden broer, jeugdvriend of moeder, die mag er zijn. Het toont aan hoe belangrijk ze voor hem zijn. En dat rechtvaardigt de titel Treur-wil.
Het heeft veertig jaar geduurd voor Van Puymbroeck zijn gedachten hierover min of meer geordend op papier kreeg en nu nog waren regelmatig andermans teksten nodig omdat zijn eigen taal vaak tekort schoot! Treurwil is een indrukwekkende meditatie over het evenwicht tussen leven en dood, het is tevensis tijdloos proza dat de intense lezer zeker niet onbewogen laat.
Rik Van Puymbroeck werkt als journalist voor De Tijd en werd door de Stichting voor Verhalende Journalistiek drie keer uitgeroepen tot Meesterverteller.
Zijn eerste literaire werk haalde in 2024 meteen de shortlist van de Bronzen Uil: Treurwil. U leest het goed: treurwil zonder ‘g’ op het einde. Al speelt de treurwilg ook een belangrijke rol in dit boek. Het (nieuwe) woord Treurwil is voor de schrijver de perfecte omschrijving van het thema: de wil om te treuren, om verdriet en gemis toe te laten en niet achter zich te laten. Omdat hij treuren wil – treurwillen als werkwoord. Want de dood is tenslotte een deel van het leven. Wat de goegemeente ook zegt … ‘Het leven gaat door’, ‘Je moet het achter je laten’, ...
Al heel jong werd Van Puymbroeck geconfronteerd met de dood toen zijn vriend voor zijn ogen verongelukte. In 1998 overleed zijn broer en dag op dag 22 jaar later zijn moeder. Hij verzamelt herinneringen aan de hand van foto’s, notities die hij ooit neerschreef en persoonlijke herinneringen. Niet enkel over deze drie doden, maar ook over andere vrienden en familieleden die overleden zijn. De auteur heeft nood aan rituelen, aan plaatsen om in alle rust te herdenken, stil te staan en weer verder te gaan.
Maar even veel als over de dood, gaat het over het leven. Over zijn liefde voor de Franse taal en voor Frankrijk, de liefde voor zijn dochters die op het einde van het boek zo fijn beschreven wordt.
Treurwil werd een autobiografisch werk, boordevol mooie zinnen en gedachten. Waar hij het zelf niet beter kan verwoorden, citeert hij zinnen van andere schrijvers, verwijst hij naar muziek, kunst, literatuur … Er is zelfs een afspeellijst op Spotify met dezelfde titel.
Deze roman gaat (onder andere) over verlies, over rouw en over verdriet dat je niet kunt loslaten en eigenlijk ook niet meer wil loslaten. Een boek dat mij nu ook niet meer loslaat.
Rik Van Puymbroeck wordt een tweede keer geboren wanneer zijn jeugdvriend in zijn armen sterft na een auto-ongeval. Hij is vanaf nu een wezen dat rouwt, dat verlies kent, dat wil treuren: hij ervaart treurwil, en dat is een fout, net zoals het ontbreken van de-g.
In Treurwil gaat hij op zoek naar manieren om met verlies om te gaan: hoe doe je dat, verder leven? Wat brengt troost? Hij vindt soelaas in het verzamelen van voorwerpen, het verdriet van anderen, muziek, schrijven. En hij plant een treurwilg in zijn nieuwe woning in Frankrijk.
Treurwil is ongetwijfeld een moedig boek, een poging om dingen van zich af en naar zich toe te schrijven. Maar onvermijdelijk is het ook een ego-document, met alle beperkingen van dien: het is navelstaarderig, bij momenten al te sentimenteel. De hineininterpretierung loert om de hoek, toeval lijkt niet te bestaan.
Niettemin heb ik genoten van de hoofdstukken over de moederfiguur, de dans van Stéphane Voirin voor zijn overleden vrouw, en de (mentale) zwerftocht langs kerkhoven.
Verkeerde verwachtingen. Ik dacht dat het universeler zou zijn, voor iedereen die het verleden niet kan loslaten, het verleden in gedachten probeert te verdraaien en te herschrijven (ik ben daar een krak in). Voor iedereen die verdriet niet wíl loslaten, maar het vormgeven.
Let op, dit is een mooi en heel persoonlijk rouwgeschrift, met veel interessante en mooie verwijzingen, maar op dit moment is het niet wat ik nodig heb. Ik klem mijn tanden op elkaar als ik lees. Dat is niet goed. Het gaat over de échte dood en die zoek ik zelf liever niet op. Ik vind het zelfs al moeilijk om dat woord neer te schrijven. Een woord dat als je terugspoelt, in dezelfde gedaante terugkeert. Onomkeerbaar.
Dus...mooie palindromen nu en Jingle bells please!
Een aangrijpend boek, waarin het verdriet rond overleden dierbaren in zekere zin wordt omarmd, en waar wordt gezocht hoe je deze mensen kan bij je houden in je leven, vasthouden, vorm geven...zo anders en veel meer waard dan goedbedoelde adviezen van loslaten, verwerken of doorgaan met je eigen leven..
Bijzonder boekje over dood en verlies. De auteur heeft heel wat naasten zien sterven en dat heeft hem getekend. Zijn beschrijving van die naasten, hun leven, hun dood en wat dat bij hem losweekte is verfijnd, weemoedig, poëtisch. Het boekje is ook een brede overpeinzing over leven en dood, over liefde en afscheid.