“Alles wat je gelooft wordt vroeg of laat waar”, zegt de stiefmoeder tijdens een discussie tussen haar en haar man over het beeld dat van haar wordt gecreëerd als ‘boze stiefmoeder’. In de roman De Stiefmoeder van Renate Dorrestein gaat het over een familiedrama waarbij hoofdpersoon, Claire, te dicht op een relatie tussen vader en dochter komt door een geheim te bewaren voor Josefien, haar stiefdochter. Dit geheim leidt tot een misverstand tussen Claire en haar partner Axel, de vader van Josefien. De ruzie die hieruit voorkomt lijkt te zullen resulteren in een scheiding tussen Axel en Claire en dit is precies wat Josefien wil. Ze hoopt dat haar ouders weer bij elkaar komen en dat de stiefouders oprotten. Rogier, haar stiefvader, is ze al kwijt, nu nog Claire.
Dorrestein beschrijft het idee van de ‘perfecte puber’ en ‘de perfecte dochter’. Ze maakt gebruik van vergelijkingen die zorgen voor humor en een sarcastische kijk op het leven van anderen. De humor zit hem in de beschrijvingen van dingen en de observaties van de personages. Claire wordt bijvoorbeeld vergeleken met een zeekoe. Dorrestein maakt meer vergelijkingen met dieren. “En daar zullen we Gregory hebben. Een te ruim, mosterdkleurig pak. Een vlassige snor. De zenuwachtige trekken van een fret.” De grappen en sarcastische uitspraken zorgen voor lucht in een toch heftig drama.
In de roman staat de kleur ‘rood’ centraal. Behalve het Engelse havenstadje waar Dracula is aangekomen (Whitby), zijn er meer bloederige vampierachtige verwijzingen. Claire heeft een expositie van een quilt waarin diverse tinten rood zijn verwerkt. Mogelijk staan de tinten rood symbool voor de liefde, en de bloedband tussen vader en dochter, waar een buitenstaander niet tussen mag komen. Claire is er toch tussen gekomen door het bewaren van een geheim voor Josefien, dit zorgt voor een vervaging van de tinten rood.
In het eerste deel van de roman wordt er regelmatig in het Engels geschreven, omdat de stiefmoeder in Engeland zit. Tijdens haar verblijf in Engeland worden alle vooroordelen over Engelsen uit de kast getrokken. De “rood verbrande beentjes op een rij”, de moeder die al vier kinderen heeft en weer zwanger lijkt en de kinderen die “welgemanierd” eten en zich “muisstil houden”.
Dorrestein zet je aan het denken over de aard van het geheim tussen stiefmoeder en stiefdochter. Pas in het tweede deel, wanneer het leven van Axel aan bod komt, kom je er achter, terwijl hij zelf nog niet weet hoe het zit. De manier waarop Dorrestein het geheim ontrafelt, houdt de spanning erin. Axel durft in de eerste instantie niet in actie te komen, omdat hij nooit voor zichzelf opkomt. Hij geeft de schuld aan zijn partner en wordt zo meegesleurd in de fantasie van zijn eigen gedachten.
Het laatste deel van het verhaal ontkracht de voorgaande delen. We krijgen een inkijkje in het leven van Josefien, dat lijkt op een niet al te sterke jeugdroman. Op het moment dat het geheim uitkomt tijdens een ruzie tussen Claire en Axel gebeurt er eigenlijk weinig. Josefien geeft toe dat het geheim om haar gaat en niet om haar stiefmoeder. In plaats van de boze vader die Josefien had verwacht, neemt hij het voor haar op en voor we het weten is het een happy ever after, dat hopen we in ieder geval want het einde is wat Josefien denkt dat er gebeurt.
De stiefmoeder is een prettig leesbare whatdunnit, waarin gecompliceerde relaties en moeilijke situaties lichtvoetig worden beschreven. Misschien iets té lichtvoetig, waardoor vooral het laatste deel over de puber Josefien het niveau van een slap meisjesboek nauwelijks overstijgt.