Merkwaardig, zo'n aanbeden jeugdboekenserie voor kinderen, pubers, tieners, twintigers zestigers, zeventigers, tachtigers, negentigers en toch vooral dertigers, veertigers en vijftigers (m/v) - en hun kinderen! Merkwaardig, dat onze drie opgewekte helden zich nooit samenhangend en persoonlijker hebben uitgelaten over, bijvoorbeeld, de ware aard van hun onderlinge verhoudingen, hun verdientsten (in dollars, ponden, guldens, auto's, reisjes, edelstenen enz.), hun familie, de relatie met hun schrijvende vader en wat al niet meer. Alsof zij zich niet wilden lenen voor een diepergaand onderhoud. Alsof ze om 'overexposure' te voorkomen een publiciteitsembargo afgekondigd zouden hebben. Niets is minder waar - het betreft hier een manco, een omissie, een onvolkomenheid, misschien wel een taboe. Was het niet St. Carolus van Aacken, abt van de basiliek van Porlezza da Stati, die al in de veeertiende eeuw meende te moeten costateren: 'Wat ons meest nabij is, zien we het laatst' ? John Bergen heeft het gelukkig tijdig gezien. Hij nam de tijd, pakte een pen en stelde onze drie niet klein te krijgen naturen een aantal vragen die al te lang op antwoord hebben moeten wachten. Hij heeft de response geredigeerd en op papier gezet. U kijkt momenteel tegen de achterkant van het resultaat. Een waarschuwing is hier echter wel geboden: de liefhebber passe op dat hij niet te laat op zijn werk komt of zijn vakantie verdroomt, als hij eenmaal aan het encyclopedisch gedeelte van dit boek is begonnen.
John Beringen begint met te zeggen dat je niet te veel van dit werk moet verwachten, dat iedereen (ttz elke Bob Evers-fan) het had kunnen doen. Daar heeft hij grotendeels gelijk in. De vragen die hij stelt en waarop hij een antwoord op probeert te formuleren zijn bepaald niet wereldschokkend, zijn antwoorden literair niet al te diepgravend. Wel interessant zijn de bronnen die hij aanhaalt uit interviews, gesprekken en quotes die voor velen zeker nieuw en niet direct toegankelijk zijn. Vooral dingen over het privéleven van Willy van der Heide hebben een toegevoegde waarde voor de liefhebber die meer wil weten. Het bibliografische gedeelte is redelijk standaard van opzet en in tegenstelling met wat er in de boekbeschrijving staat zal men er zeker niet bij blijven stilstaan. Het is wel uniek in de zin dat dit nog nooit eerder gemaakt werd en het verdient dan ook alle lof. Al bij al een middelmatig boek wiens verdienste vooral ligt dat het het eerste in zijn soort is. John Beringen zelf heeft al een vervolg klaar en anderen ook, dat mag al blijken uit de bibliografie.