Dit boek was me aangeraden door de eigenares van de boekhandel Uslar & Rai op de Schönhauser Allee in Berlijn. Ik wou graag een Duits boek, dat qua taal niet al te uitdagend was en qua inhoud ook niet al te zwaar. (Radetzky Mars van Joseph Roth was eerder al te moeilijk gebleken in het Duits - té literaire taal voor mijn eerder beperkte beheersing van het Duits.)
Een goede keuze, zo bleek. In het begin was ik meteen verkocht door een hilarische scène over de ik, die Joachim heet, die als kind reikhalzend uitkijkt naar het schooluitstapje naar een soort glijbanenpretpark, met o.a. een Riesenrutsche, een buis zoals in een zwemparadijs, maar dan zonder water. De ik blijkt een broek aan te hebben met lederen opzetstukjes die in de gladde pastieken buis elk glijden verhinderen. De beschrijving van de chaos die ontstaat door alle kinderen na hem die op hem botsen en zo als een trage prop moeizaam het einde van de buis bereiken heeft me luidop doen schateren, wat me niet vaak overkomt als ik in stilte lees.
Het eigenlijke onderwerp van het boek is het jaar waarin de 17-jarige Joachim naar de VS trekt, om daar bij een gastgezin te wonen en naar school te gaan. Hoewel ik het na de eerste hilariteit (cf. supra) af en toe wat langdradig vond, omdat elke scène opnieuw van naaldje tot draadje verteld wordt en niet per se altijd boeiend was, kon ik op den duur die vertelstijl echt waarderen. Ik werd makkelijk in het verhaal meegetrokken en wende aan de vertelstijl, omdat die bijdroeg aan de vervreemding die de ik ervoer in de VS. Hij vertelt observerend, alles wat hij ziet en denkt, maar hij begrijpt vaak niet, omdat hij een buitenstaander is en blijft. Hij kijkt aandachtig en met verwondering, laat het leven in het gezin, in het huis in de bergen buiten Laramie in Wyoming waar hij is terecht gekomen, in de school, enz. op zich afkomen. Hij aanvaardt alles, oordeelt nauwelijks en omarmt sommige aspecten op den duur. De observerende verteltrant waarbij geen detail onbelicht blijft, doet je als lezer ervaren wat de ik ook ervaart. Vervreemding, verwondering, vaak afschuw (de scène in een soort dierenwinkel in Chinatown in Chicago, waar niet zachtzinnig wordt omgesprongen met een levende schildpad die kennelijk zal opgegeten worden, om maar één van de vele observaties te noemen waarvan je maag omkeert - ik denk nu ook aan de scène in de bergen waar een wild feestje gehouden wordt en waar een jongen op eigen vraag met gloeiende ijzeren staven met aan het einde een letter gebrandmerkt wordt om te kunnen toetreden tot een of andere stoere club).
Wat ik wat jammer vond is dat de laatste drie maanden van zijn jaar in Amerika in vergelijking met de rest van het boek er wat snel doorgejaagd worden; een breuk bijna met de rest van het boek. Zijn thuiskomst krijgt dan wel weer wat meer vertelruimte.
Anders scènes/beelden die me na het lezen helder voor de geest staan: zijn kamer bij zijn gastgezin met het waterbed waaraan hij heel erg moest wennen, de toenaderingspogingen tot het paard Mr. Spock, het uitzicht uit zijn kamer over het wijdse, desolate en stoffige land, de duiklessen op school die doorgingen in een vies roestig duikbassin van 34 m diep op een militair terrein, de toelating tot en het deel zijn van de basketbalploeg van zijn school, de vanzelfsprekendheid waarmee zijn gastouders hem opnemen in hun leven, het bezoek samen met een ontslagen leraar aan diens broer die in een gevangenis werkt en zijn ontmoeting daar met een gevangene op death row die Duits spreekt, de middag bij zijn coach thuis die een man blijkt te zijn die je liever niet kent buiten het basketbalterrein.
De titel is me niet helemaal duidelijk. Nog vrij in het begin van zijn jaar in de VS sterft een dierbare, waardoor hij even terug moet naar Duitsland. Dat zou de Tote kunnen zijn uit de titel, al is daar sprake van een meervoud. Ook het hoch fliegen is me niet duidelijk. Misschien refereert het aan een uitdrukking in het Duits? Dit boek, dat als ondertitel 'Amerika' heeft, is het eerste deel van zes. Wellicht wordt de hoofdtitel duidelijker als je de hele reeks leest.