Grappig, hoe een eerste indruk een boek kan beïnvloeden. Ik kan me nog vaag herinneren dat ik als tiener zwaar teleurgesteld was in dit boek omdat er geen Hans (uit "Met je rug tegen de muur", deel 2) in zat en ik blijkbaar toch best een band met hem opgebouwd had. Die teleurstelling is onbewust blijven sluimeren, waardoor in mijn hoofd dit boek altijd als de minste van de trilogie is blijven hangen (Ik heb de trilogie niet op volgorde gelezen, waardoor ik bij deel 1 voorbereid was op een andere hoofdpersoon). Onterecht. Totaal onterecht.
Als Klaus Kordon iets goed kan, is het gelaagde karakters schrijven, karakters waar je een band mee krijgt, karakters die echt aanvoelen. Daardoor zijn ze niet goed of slecht, daardoor hebben ze hun irritatiepunten (zoals iedereen die heeft), maar ze voelen zo echt, waardoor je totaal met ze mee gaat leven, je het gevoel hebt dat je ze kent en dat je zo bij ze kan binnen lopen. Combineer dat met een (voor mijn gevoel, ik heb er gelukkig geen ervaring mee) enorm realistische kijk op het einde van de Tweede Wereldoorlog in Berlijn, en je krijgt een fantastisch, meeslepend, emotioneel, dramatisch en chilling verhaal over echte mensen, in plaats van over helden en schurken.
De wereld die hier geschetst wordt is grijs, mensen hebben twijfels, heldendaden bestaan niet (alhoewel, ja, met Kurtje Tetzlaff bestaan heldendaden wel, maar ze zijn, net zoals in het echt, zeldzaam), mensen maken goede én foute beslissingen, zijn (te) koppig, maar het voelt zo echt...
Indrukwekkend...