Onder de foto van Hella Haasse op de binnenflap van Maanlicht staat: "Je zou het misschien niet zeggen, maar eigenlijk ben ik iemand met een hang naar het raadselachtige, het huiveringwekkende. Ik ben altijd gefascineerd geweest door griezelverhalen." Dat die fascinatie ook fascinerende verhalen opleverde blijkt in Maanlicht. De verhalenbundel bevat, zoals Patricia de Groot het in het nawoord verwoord, namelijk vier 'gotieke verhalen': knap geschreven verhalen vol mysterieuze, maar vooral dreigende, beangstigende gebeurtenissen.
In Een verhaal wordt de protagonist, die op zoek is naar vertier, op sleeptouw genomen door een onbekende begeleider. Hij komt terecht in een gelegenheid waar hij nog niet eerder geweest is en kijkt zijn ogen uit. Er wordt muziek gemaakt door een orkest waarvan de leden niet zichtbaar zijn voor het publiek. Zijn begeleider neemt hem mee naar de plek waar het orkest speelt. Een gebeurtenis die de naamloze hoofdpersoon niet meer zal vergeten en verstrekkende gevolgen heeft.
Maanlicht, Landschap in olieverf en Caulder Hall spelen zich allemaal af in oude huizen. In het eerstgenoemde verhaal logeert de 'ik' in een prachtig grachtenpand in Amsterdam, waar een grote grijze hond waakt. Die bewaker is er niet voor niets, zoals de 'ik' die haar nieuwsgierigheid niet weet te beheersen, na verloop van tijd ondervindt.
Minder beangstigend, maar net zo mysterieus, is de persoon in de kamer naast die van Laura Eskes. Laura heeft voor een aantal dagen haar intrek genomen in Caulder Hall, een landhuis in de Schotse Hooglanden, waar een aantal eigenaardige personen blijkt samen te leven. Hoewel de eigenares Laura niet bepaald warm welkom heet, besluit ze toch te blijven.
Landschap in olieverf, tenslotte, speelt zich af eveneens af in een landhuis. Caspar, pasgetrouwd en net terug van huwelijksreis, laat zijn vrouw Eunice een schilderij zien waarop zijn stamvader is afgebeeld. Onderaan staat het devies te lezen: 'Alleen ick'. Caspar grapt nog:" Nogal geborneerd. Dat hebben we maar afgeschaft". Maar Caspars stamvader niet.
De in Maanlicht opgenomen verhalen zijn na het overlijden van Haasse aangetroffen in haar nalatenschap. Zij was dus zelf niet meer betrokken bij het samenstellen van de definitieve, in dit boek gepubliceerde versies. Dat doet gelukkig niets af aan de kwaliteit: in elk van de verhalen herken je de meesterhand van Haasse.
Het zijn stuk voor stuk 'oude verhalen' die glorieus de tand des tijds hebben doorstaan. Een verhaal (waarschijnlijk geschreven in 1938) en Landschap in olieverf (1946/47) zijn nooit eerder uitgegeven, terwijl Maanlicht in 1946 in Ruim Baan is verschenen. Caulder Hall is in 1950 als feuilleton gepubliceerd in Vrije Geluiden. Er zijn diverse versies van dit laatste verhaal gevonden. Dat wetende kan het bijna niet anders dan dat je je na afloop van het verhaal afvraagt in welke versie van Caulder Hall die dienstbode een rol speelde.
De verhalen zijn bezorgd door Patricia de Groot.