Suezkade vertelt het verhaal van Marc Cordesius, een jonge leraar die worstelt met zijn verleden en zijn rol op Descartes een gymnasium in Den Haag.
Hij voelt zich direct aangetrokken tot Najoua Azaiaf, een jonge studente. Zijn relatie is platonisch/ Roodkapje -Wolf relatie maar wekt argwaan bij zijn collega's. Marc's verleden is getekend door trauma's, zoals de ontvoering-verdwijning van zijn moeder, wat hem blijft achtervolgen terwijl hij probeert betekenis te vinden in zijn werk.
Het verhaal is verdeeld in drie delen.
In het eerste deel begint Marc zijn werk op de school en bouwt een bijzondere band op met Najoua. De spanningen en intriges onder de docenten komen naar voren, en Marc raakt steeds meer betrokken bij de school, hoewel zijn interacties met Najoua argwaan wekken. Het eerste deel eindigt met het verkrijgen van eigen (paradijs)studielokaal.
In het tweede deel komen de problemen van Najoua naar voren, zoals haar anorexia, wat haar relatie met Marc nog complexer maakt. De roddels en vijandigheid van zijn collega's nemen toe, en Marc's positie op school komt onder druk te staan. Hij afwijst Fineke Regenborg en Esther Biljardt, twee collega’s die verliefd op hem. Hij probeert te ontsnappen door prostituee te bezoeken, maar slaagt daar niet in. Dit deel eindigt met Marc die rekeningen van zijn collega’s in zijn postvak vond van reinigen kosten van hun kleding. Marc had collega Gijs Morrenhof het ziekenhuis ingeslagen.
In het derde deel raakt Marc steeds verder geïsoleerd en verliest hij de steun van zijn collega's. Zijn werk en zijn veilige haven worden vernield, wat zijn totale nederlaag symboliseert. Zijn ondergang: relaties met collega’s verslechterde; afgewezen vrouwen door hem accepteren dat niet; afgunstige mannen; zwakke Najoua; eigen demonen. Uiteindelijk Poes dood, klas verwoest, kan geen seks hebben met Najoua, vernedering in openbaar. Deel drie eindigt met Marc zich afvraagt wat zijn misdaad is? Zijn einde of (zelf)dood is niet beschreven of besproken.
In de epiloog reist Najoua naar Parijs. Ze heeft alles van Marc's geërfd inclusief zijn appartement in Parijs. Najoua reflecteert op hun relatie en de invloed die hij op haar leven heeft gehad.
Het boek verkent thema's zoals mislukking, verlies, en de destructieve kracht van roddels en wantrouwen in een schoolgemeenschap.
Ook Marc's innerlijke strijd en zijn complexe relatie met Najoua vormen belangrijke elementen in dit verhaal.
Het boek gaat ook over (de rol van) literatuur in het onderwijs. Literatuur op middelbare school verloren zaak p. 130
Siebelink verweeft literaire referenties door het hele boek, waaronder werken van Schopenhauer, Camus, Nana van Zola en vooral Condorcet.
Title van het boek is naam van de straat in Den Haag waar Marc een huis heeft aan de Suezkade.
Cover een afbeelding van een kat die op een stoel met kussen op een kleed staat. In het lokaal van Marc komt een (blinde)poes binnenlopen. Hij noemde de poes Gevallen Engel 2. De hond Gevallen Engel 1. Kat geliefde dier Franse symbolisten p. 306