Aan het eind van de achttiende eeuw stelde een woordenboek dat ‘negers’ beestachtig, ongodsdienstig, onredelijk, ontrouw, schaamteloos, woest en wreed zijn. Stamden zij, ‘gelijk wij’, wel af van de eerste mens? Halverwege de negentiende eeuw meldde een veelgebruikt naslagwerk dat ‘negers’ niet kunnen niezen. De geschiedenis van het n-woord toont op pijnlijke wijze de witte superioriteitswaan. Die leidde er onder meer toe dat zwarte mensen in 1900 in een Haagse dierentuin werden tentoongesteld. En in 1928 op een Nijverheidsbeurs in Rotterdam. In onze taal leverde die superioriteitswaan woorden op als négeren (ik néger, jij négert) voor ‘hard en onbarmhartig behandelen’. En negerzweet voor ‘koffie’. In woord en beeld brengt taalhistoricus Ewoud Sanders deze beladen geschiedenis in kaart.
NAAR HET EVENBEELD GODS De jury van de taalboekenprijs 2023 plaatste Ewoud Sanders op de shortlist met ‘Het n-woord. De geschiedenis van een beladen begrip’. Een prachtig boekje waarmee Sanders deze prijs zeker verdient. Toch is hij niet de eerste en zeker niet de meest competente schrijver die over de herkomst van het begrip ‘neger’ heeft geschreven. Men mag de jury dan ook verwijten dat ze oogkleppen op heeft met hun keuzes over boeken die werkelijk over taal gaan en voor een breder publiek bedoeld zijn. In Mariken van Nieumeghen (online te vinden) staat het begrip ‘nigermansie’ dat wordt vertaald met ‘zwarte kunst’ waardoor het door de vertalers wordt gekoppeld aan ‘duivels’. Maar natuurlijk ging het oorspronkelijk niet om de duivel, die in het Nederlands Lucifer wordt genoemd. Hierin herkent men ‘le cijfer’, waardoor het om getallen ging. Woorden worden van achteren langer (adjectio) en lossen van voren op (detractio). De joodse ‘Talmoed’ helixte uit het voorjoodse ‘Getalmat’ en dit ‘mat’ helixt niet alleen in ‘mansie’ (nighermancie), maar ook in ‘mijter’: een verdubbelde ‘vijfhoek’ die in de vorm van een verdubbelde ‘vijfster’ een ‘tienkant’ oplevert. Wat heeft deze geometrie, deze MA-the-Ma-tiek (de wiskunde van de mama’s) met ‘neger’ te maken? De klinkers in woorden helixen alfabetisch, waardoor ‘niger’ helixte naast ‘negroïde’ dat klinkt als ‘negro-W-iede’. Daar de ie helixt in een i, helixt ‘wiede’ in ‘witte’. Op deze manier ontstaan niet alleen tegenstellingen (zwart / wit), maar ook synoniemen: De ‘knaap’ (Jezus) helixt via ‘knijp’, ‘(k)nijptang’ in ‘(nijpt)angst’. Volgens de nieuwe klankregels moeten we ook van achteren naar voren lezen (permutatio), waardoor uit ‘room’ (rooms-katholiek) ‘moor’ (zwart) helixt. Het ‘room’ helixte via ‘melk’ (Melkweg) in ‘milk’ (Milkyway), want klinkers helixen alfabetisch. Uit het Nederlands ontstond echter niet alleen het Engels en het Duits, maar ook het Frans en dat is een sensationele ontdekking! Uit KARMA helixte GERMA en dan Germaans (Vlaams), maar dan (ge)Romaans (Waals)! Draaien klanken, lettergrepen en worden om hun eigen as (metathesis) helixt GERMA helixt in MA-GER (Staakmadonna), maar ook in MAGIËR. Dat was geen tovenaar, maar een tovenares, want ‘reus’ Goliath geldt als bet-overgrootmoeder, maar men kan ook ‘betover’-grootmoeder lezen. Dit ‘reus’ stond dan ook niet voor ‘groot’, maar voor ‘groots’. Ook ging het niet om een man, maar om een vrouw! Mariken vraagt de duivel of hij haar de nigermansie wil leren. Hij weigert, want deze ‘zwarte kunst’ is gevaarlijk omdat slechts één lettertje (één klankje!) verschil de hele zaak kan verpesten. Wat historische taal- en letterkundigen nooit is opgevallen, is dat Mariken er al op wijst dat haar ‘oom’ (hier een man, maar ooit werd hiermee een vrouw bedoeld, vgl. ‘opoe’) deze kunst beheerst. Deze ‘duivelse’ kunst had geen betrekking op een duivels figuur, maar op het duivelse systeem van de klankverschuiving, wat onwetende taal- en letterkundigen de klankverLOEDERing noemden, waarin het ‘loeder’ naar een vrouw verwijst! Het begrip ‘neger’ in de zin van ‘zwart’ verwees naar ‘wit’ dat helixt in ‘witch’: een HEKS! Heksen werden door mannen eeuwenlang levend verbrand en begraven, omdat ze de klankhelix beheersten die ze voor mannen verborgen hielden. Die had niets met duivels en goden te maken, maar alleen met wiskunde, want de heksen ontleenden hun naam aan het HEXAGRAM dat samen met het PENTAGRAM de epitheelcel vormt, die biologen en scheikundigen ook pas onlangs ontdekten! Samen met het VERLOREN DRIEHOEKJE (dat ‘het hoekje omgaat’) vormen ze de TIENKANT. Via de getallen TAN (tancode), TEN, TIEN (10) helixt CIEN (100), maar dan in CHIEN alias HOND (honderd, ‘hun drietjes’ (1-0-0, algoritmen) alias DOG dat via de permutatie naar GOD verwijst. Taal- en letterkundigen die in de jury van de Taalboekenprijs zijn vertegenwoordigd, mogen alle boeken op de shortlist deze prijs geven, maar nu Freek Van de Velde in zijn commentaar op Neerlandistiek.nl (31-07-2023) luid verkondigt dat vrouwen niet worden gediscrimineerd wanneer het om taalkundige competentie gaat, zou deze recensie lezers moeten aansporen te twijfelen aan de DISCRETIE van deze jury onder wie Frits van Oostrom over wiens boek De Reynaert ik ook een gewaagde recensie schreef. Van Oostrom niet, maar heel veel mannen – onder wie met name een Freek Van de Velde - schrijven boeken van vrouwen gewoon over door niet aan BRONVERMELDING te doen. Van de Velde verkondigt nu zelf dat het Frans uit het Nederlands helixt (Neerlandistiek.nl – Etymologica: terugontleningen, 31-07-2023). Dat feit bewees al een vrouwelijke taalkundige in al haar publicaties sinds 2013. Die werden van Research Gate verwijderd en nooit door de mannelijke taalkundigen besproken alhoewel ze alle boeken kenden. Moge het in het boekje van Sanders over rascisme (zwart / wit) gaan, zou hij zich eens achter zijn oren moeten krabben wanneer het om discriminatie (man / vrouw) gaat, want ‘nagenoeg zwarte man’ gaat blijkbaar altijd nog voor ‘witte vrouw’! Maar we hebben niets meer te klagen, want volgens de klankhelix helixt room / moor via ‘moir’ (spreek ‘mwaar’) in ‘de waarheid’ die ‘aan het licht komt’. Man / vrouw, zwart /wit wordt nu een ‘bonte mengeling van kleuren’, waardoor de ‘regenboog-club’ en de ‘gekleurde Pieten’ de weg vrijmaken voor een samenleving die zich gezamenlijk opmaakt voor dat wat in de Bijbel Het Laatste Oordeel wordt genoemd, en dat helixt in het ‘overige deeltje’. De mens wordt gekenmerkt door ‘le condition humaine’ alias het ‘menselijk tekort’. Wanneer dit overige deeltje (een elektron) alias ‘de vonk’ die ‘overspringt’ haar werk doet, worden we ‘goddelijk’ (divine), want dat is wat Jezus (die de klankhelix ook beheerste) bedoelde, toen hij zei dat mensen naar het ‘evenbeeld’ van God zijn geschapen. Door de aanvulling van het overige deeltje, verliezen mensen het lichaam. Wat er over blijft, is slechts de geest, die helixt in ‘gisten’ wat naar ‘verrijzen’ verwijst. Op dat moment maken we in de vorm van sterrenstof deel uit van het heelal.
Een interessant thema dat vlot beschreven wordt en als een trein leest. Mooi uitgegeven ook met een heel aantal sprekende prenten. Alleen is het jammer dat het boek soms meer de geschiedenis van het kolonialisme (van Nederland) beschrijft dan de geschiedenis van het woord.
Bovendien is het behoorlijk stuitend dat een boek dat ijvert om minderheden te respecteren enkel aandacht heeft voor het Nederlands in Nederland en Suriname. Vlaanderen komt niet aan bod. Dat is een grote lacune. De koloniale geschiedenis van België is erg verschillend van die van Nederland en bovendien minder beïnvloed door de slavenhandel. Het zou interessant zijn te weten of die verschillende geschiedenis ook een andere benadering van het n-woord tot gevolg heeft. Jammer genoeg komt dit dus niet aan bod. Zelfs aan het einde van het boek, waar de auteur openingen zoekt voor verder onderzoek komt het niet in hem op om aan de evolutie van het n-woord in Vlaanderen te denken. Het toont hoe diep het Nederlands superioriteitsdenken is, zelfs bij zij die schijnbaar kritiek hebben op dat superioriteitsdenken.
Een aardige uiteenzetting over de betekenis van het woord ‘neger’ en de ontwikkeling ervan vanaf (waarschijnlijk) het eerste gebruik in de 18e eeuw. In mijn jeugd betekende het niets meer of minder dan een zwarte persoon, in principe uit Afrika. Tegenwoordig is het een woord dat nauwelijks meer gebruikt wordt vanwege de negatieve connotatie met betrekking tot de slavernij. Het boek behandelt de etymologie van (verschillende combinaties van) het woord neger en hoe de diverse woordenboeken, met name de Dikke Van Dale maar ook online fora, de omschrijving door de jaren aanpassen. Verder komt de toepassing in (kinder-)boeken aan de orde, inclusief het gebruik van bijbehorende illustraties. Het is overduidelijk dat een aantal van die boeken/illustraties uit mijn jeugd tegenwoordig echt niet meer kunnen…
Het boek geeft een interessante inkijk in de ontwikkeling en het gebruik van het woord 'neger' in het Nederlands. Uiteraard is het bekend dat het een beladen en omstreden woord is, maar de historische context ervan en de voorbeelden van (historisch) gebruik geven daar concretere invulling aan.