Het is altijd intrigerend wanneer een bekendheid zich waagt aan het schrijven van een (filosofisch) boek, en in het geval van Mark Tuitert, de Olympisch schaatser, was mijn nieuwsgierigheid gewekt. Gezien mijn interesse in de stoïcijnse filosofie, besloot ik het een kans te geven. Was dit het zoveelste boek van een gepensioneerde sporten die naar een alternatieve carrière zoekt, of had Tuitert echt wat te melden?
En eerlijk gezegd, ik was blij verrast. Tuitert biedt met zijn werk een praktische leidraad voor het integreren van stoïcijnse waarden in het alledaagse leven. De leeservaring is vlot en toegankelijk, met tien korte hoofdstukken die elk een specifiek stoïcijns concept behandelen, gevolgd door enkele korte oefeningen aan het einde van elk hoofdstuk.
Wat het boek extra boeiend maakt, is Tuiterts vermogen om persoonlijke anekdotes te combineren met inspirerende voorbeelden van mensen die, bewust of onbewust, handelen vanuit een stoïcijnse opvatting. De bekende namen, zoals Ernest Shackleton, voegen diepgang toe aan het verhaal. Maar voor mij waren het juist ook de minder bekende figuren zoals Marcus Rashford, de Britse Manchester United-speler die tijdens de pandemie zijn inzet toonde voor schoolontbijten, en Giannis Antetokounmpo, de arme Nigeriaanse immigrant die zich opwerkte tot een ster in de NBA, die wat mij betreft aan het verhaal een moderne relevantie toe wisten te voegen.
Tuitert slaagt erin om op een overtuigende manier aan te tonen hoe wij, zelfs in deze moderne tijd, stoïcijnse waarden en normen kunnen omarmen en toepassen. Dit is een een vlot en praktisch handboek dat niet alleen de essentie van stoïcisme benadrukt, maar ook laat zien hoe deze eeuwenoude filosofie nog steeds waardevol is in ons hedendaagse leven. Wat mij betreft heeft Tuitert hiermee geen scheve schaats gereden.