“Men heeft ooit gezegd dat het eigen is aan het menselijk verstand dat het méér wil begrijpen dan het aankan. Het is eigen aan het menselijk hart naar veel méér te hunkeren dan naar datgene wat louter menselijke relaties kunnen bieden.”
Dit boek, oorspronkelijk geschreven in 1990, zou ik zonder aarzelen in 2025 opnieuw, gloednieuw, willen uitbrengen. De eerdere reviews van een paar jaar geleden deden me aanvankelijk twijfelen, maar ik begrijp ze nu beter. Het vraagt namelijk om denkvermogen en een diepere blik om echt te doorgronden wat de schrijver bedoelt.
Mijn christelijk geloof heeft me geholpen om dit boek op een diepere manier te begrijpen. De vele bijbelse citaten vind ik prachtig, en dan heb ik het nog niet eens over het hoofdstuk Vriendschap en Poëzie – een absoluut hoogtepunt. De schrijfstijl is wat ouderwets, en ik miste hier en daar wat witruimte, maar juist dat draagt bij aan de charme van het boek.
Nog nooit eerder heb ik zo’n uitgebreide recensie geschreven, maar dit onderwerp ligt me nauw aan het hart. Ik voel een diepe connectie met de manier waarop de schrijver denkt en zijn gedachten op papier zet.