"De reis naar Ispahan" vertrekt vanuit enkele regels van het bekende gedicht van P.N. van Eyck:
Geen dreiging was 't Waarvoor Uw tuinman vlood. Ik was verrast, Toen ik 's morgens hier nog stil aan't werk vond staan Die 'k s' avonds halen moest in Ispahaan.
De dood speelt een belangrijke rol in het leven van de hoofdfiguur van deze roman: de begaafde, hardwerkende en succesvolle architect Pieter Hooft. Alles draait om zijn werk en zijn jong gezinnetje. Het paar gaat op reis, bouwt een nieuw huis, stoeit op het strand en geniet van alles wat het leven bieden kan. Maar het leven neemt ook. Dat ondervindt Pieter al shij vermoedt dat hij kanker heeft en daar, na lang aarzelen en dubben, ook zekerheid over krijgt. Die wetenschap ondermijnt hem. Hij leeft met zijn geheim naast vrouw en kinderen verder, moet ongedwongen doen, actief blijven, lachen en blij zijn... Nog dieper en harder grijpt het lot in wanneer zijn vrouw en kinderen bij een auto-ongeluk om het leven komen. Na dagen van onmacht en verdriet komt Pieter tot rust. Bevrijd van de zorg om hun lot, zal hij wellicht bevrijd worden van de angst voor zijn eigen dood.