Het onwaarschijnlijke verhaal van een vriendschap tussen een kind ontsnapt aan Auschwitz en een kind van een nazi.
Simon Gronowski’s levensverhaal had dat van een gewoon kind in een gewone familie moeten zijn. Maar hij is een Jood. Op 17 maart 1943 werd hij samen met zijn moeder en zus door de Gestapo opgepakt. Toen hij op 19 april met het beruchte twintigste konvooi werd gedeporteerd, sprong hij uit de trein en kon hij als bij wonder ontsnappen. Hij was toen elf en een half jaar. Zijn moeder en zus verdwenen in Auschwitz.
Ook Koenraad Tinels levensverhaal is tragisch. Zijn vader was een fervente aanhanger van Hitler; zijn broers droegen het uniform en de wapens van de SS en verdedigden de idealen van de Führer.
Deze twee oorlogskinderen, Simon en Koenraad, gingen lange tijd gebukt onder het gewicht van hun verleden. Tot de zestienjarige Sacha Rangoni hen samenbracht tijdens een lezing die werd georganiseerd door de Union des Progressistes Juifs de Belgique. Uit die ontmoeting ontstond een hechte vriendschap, die haar neerslag vond in dit boek, een oprecht pleidooi voor menselijkheid. Koenraad leerde van Simon dat hij de last van zijn vaders schuld niet dient te dragen, terwijl Simon van Koenraad leerde dat hij niet het eeuwige slachtoffer hoefde te blijven om zijn verloren geliefden te eren.
Hun verhaal werd verwoord door Simon Gronowski, verbeeld door Koenraad Tinel en in perspectief geplaatst door auteur David Van Reybrouck.
Het is een van de meest bijzondere verhalen van het afgelopen jaar: de ontmoeting en onwaarschijnlijke broederschap op leeftijd van Simon Gronowski, overlevende van de Shoah, en Koenraad Tinel, het nazikind. De zwijgende generatie breekt de stilte in Eindelijk bevrijd: “Ik wil desnoods de hele Heizel toespreken.”
(Nederlands) De advocaat en mensenrechtenactivist Simon Gronowski vertelt het verhaal van de jeugd van de kunstenaar Koenraad Tinel in een pro-Nazi gezin dat werd meegesleurd in de chaos aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, van Gronowski's eigen gelukkige ontsnapping aan een zekere vernietiging in de gaskamers van Auschwitz en het verlies van zijn familie in de Holocaust, en hoe hun ontmoeting voor beiden een moment van verzoening en bevrijding was: Gronowski werd bevrijd van zijn gevoel een slachtoffer te zijn, en Tinel werd bevrijd van zijn schuldgevoel. Tinel reageert met een reeks inkttekeningen die Gronowski's verhaal vertellen, en foto's documenteren hun hechte vriendschap. De schrijver David Van Reybrouck voegt een naschrift toe. Een ontroerende illustratie van het belang van vergeven en niet vergeten. (English) The lawyer and human rights activist Simon Gronowski tells the story of the artist Koenraad Tinel‘s childhood in a pro-Nazi family swept up in the chaos at the end of the Second World War, of Gronowski’s own lucky escape from certain annihilation in the gas chambers of Auschwitz and the loss of his family in the Holocaust, and how their meeting was a moment of reconciliation and liberation for them both: Gronowski was freed from his sense of being a victim, and Tinel was freed of his feeling of guilt. Tinel responds with a series of ink drawings telling Gronowski’s story, and photographs document their firm friendship. The writer David Van Reybrouck adds a postscript. A touching illustration of the importance of forgiving and not forgetting.
Simon G overleefde de oorlog. Hij kon van de trein springen op weg naar de concentratiekampen. Zijn mama zei: spring en ren. Koenraad T groeide op in een gezin van collaborateurs. Beiden vinden elkaar en worden ‘broeders’. Zeer ontroerend.