Moet je 'de kromme spijker recht slaan' - zoals een Japanse zegswijze luidt - of is een spijker juist mooi als hij krom is? Je wilt het liefst een 'gewone' Nederlander zijn, maar als je in de spiegel kijkt zie je iets anders. Waarom kan dat zó confronterend zijn dat je ervan weg wilt rennen... Aki wordt geboren als kind van Japanse ouders in het Amsterdam-Noord van de jaren zeventig. Met haar Aziatische uiterlijk valt ze meer op dan haar lief is, en van jongs af aan doet ze verwoede pogingen haar Japanse achtergrond te negeren. Ze plakt haar oogleden vast om ze ronder te laten lijken en smeekt de kapper om krullen in haar steile zwarte haar. Aki snakt naar warmte en erkenning, maar wordt door haar moeder - die moeite heeft met de emoties van haar dochter − op afstand gehouden. Pas jaren later realiseert ze zich hoe het voor haar moeder geweest moet zijn, als Japanse in Nederland. Het is Aki's voorliefde voor excentriekelingen en dwarsdenkers - van een Japanse modeontwerper in Pino-pak, een nudistische vader van een vriendin tot een zweeftherapeut met bijbehorende kanarie - die haar de moed geeft om zich te verdiepen in het Japanse deel van zichzelf. Dit is een verhaal over acceptatie van jezelf. Van je eigen, maffe, ongewone en tegelijk doodgewone zelf. Over de auteur Aki Watano (1972) is journalist. Ze begon bij het muziekblad Popfoto dat later veranderde in het bekende meidenblad Fancy. Daarin had zij haar eigen rubriek Boyoloog waarin ze 'jongensproblemen' tackelde. Later werkte ze bij Celebrity, Grazia en Cosmopolitan en schreef de wekelijkse column 'Op het Schoolplein' voor LINDA. online.
Leuk om te lezen! Aan het einde leek de focus iets minder en samen met de schrijfster weet je na afloop helaas niet waarom haar moeder nu naar Nederland ging. Misschien had ze niet veel in de melk te brokkelen? Maar verder erg origineel omdat het grofbekse Amsterdam-Noordse en het beheerste Japanse tegenstellingen lijken die zich toch ook in een persoon kunnen verenigen.
Nice, at times dramatic, mainly set in Amsterdam-Noord, autobiographical book with twenty-six chapters, most of which are columns. Watano is an only child and was born in the Netherlands in 1972 to two Japanese parents. She has a loving relationship with her father, but the relationship with her mother is distant and cold against her will. As a child, she goes to a normal primary school during the week where she enjoys it and on Saturdays she goes to the Japanese school for a while where she does not belong in the group. She goes to study Japanese in Leiden, then goes backpacking for a while and then has two children with fashionable Dutch names together with husband Martijn.
Where I initially thought that growing up between two cultures meant that she would have to deal with racism, instead it is about the difficulties she has with the Japanese community and in particular her own family. Halfway through the book, the chapters rise above the level of columns, but that comes back at the end.
In het begin dacht ik, die Aki is goed ingeburgerd. Ze kan zeiken als een echte Hollander. Echt niets aan Japans zijn is leuk. Later ging het zeurderige een beetje af, of ik wende eraan. Leuk om te lezen, maar geen aanrader
Erg interessant om te lezen hoe de schrijfster het opgroeien tussen twee zo verschillende culturen heeft beleefd. Goed beschreven vond ik ook de moeilijke relatie met de moeder.
Ik vraag me af hoe het vervolgens verder ging... misschien komt er een vervolg?