Sir Bernard Spilsbury, Honorary Pathologist to the Home Office, gave crucial evidence in numerous murder cases between 1910 and his suicide in 1947. Here, Andrew Rose re-examines Spilsbury's cases and uses previously untapped sources to challenge the perception of him as 'the most brilliant scientific detective of all time'.
Andrew Rose practiced law in London for twenty years and was a judge until 2008. His first book, Stinie: Murder on the Common, was shortlisted for the Gold Dagger Nonfiction Award by the Crime Writers’ Association. He divides his time between London and France.
Lethal Witness: Sir Bernard Spilsbury, Honorary Pathologist. Andrew Rose
Inhoud: The Rise and Fall of Sir Bernard Spilsbury (1877 – 1947), de eerste beroemde forensisch patholoog in de UK en wereldwijd. De biografische gegevens blijven beperkt, trouwens Spilsbury leidde een teruggetrokken leven, louter gericht op zijn werk. In zijn jonge jaren was er niets dat zijn latere faam deed vermoeden. Hij was een underachiever op school, en slaagde er niet in om aan de universiteit van Oxford een scholarship te behalen. Toch kon hij, dankzij een ruime financiële ondersteuning van zijn vader, in Oxford beginnen aan een opleiding tot arts, en hij haalde een graad in natuurwetenschappen (een soort van bachelor/kandidaatsdiploma, veronderstel ik) met second class honours. Het vervolg van zijn medische opleiding situeert zich in London, aan St. Mary’s Hospital, vanaf oktober 1899. Hij maakte hier absoluut geen haast, en haalde zijn eindexamen in juli 1905. Maar dit boek is niet bedoeld als gedetailleerde biografie. Het gaat hem vnl. om de optredens van Spilsbury als expert in talloze rechtszaken, vaak moordzaken. Meestal trad hij op voor het Openbaar Ministerie (“the Crown”), zelden voor de verdediging, en in een grote meerderheid van de gevallen leidde zijn optreden tot de veroordeling van en de doodstraf voor de beklaagde. Vandaar “Lethal” Witness. De zaken worden behoorlijk gedetailleerd uit de doeken gedaan. Er is steeds een opsomming en karakterisering van de verschillende dramatis personae, en een levendige beschrijving van de debatten, soms met letterlijke citaten van vraag en antwoord. Er is blijkbaar veel opzoekingswerk aan vooraf gegaan, ook in dossiers die pas na 70 of 80 jaar vrijgegeven zijn. Bravo, een heel gedetailleerde en levendige tekst. Juridisch is Rose uiteraard zeer onderlegd (hij was advocaat aan de balie en later rechter in de UK), maar ook medisch kon ik hem niet op blunders betrappen. Nochtans is voor een simpele bewoner van het Europese vasteland het Britse juridisch en medisch landschap wel een doolhof, met talloze afkortingen, die gelukkig deels achteraan in een lijstje verklaard worden. De betekenis en implicaties van vele posities blijven mij wel vaak een raadsel. Maar goed, dan kunnen we Rose niet aanwrijven. Dat zijn de eeuwenoude tradities van Merry Old England. Rose schijnt geen groot bewonderaar van Spilsbury te zijn. In het eerste hoofdstuk worden de jeugdjaren van Spilsbury beschreven. Nadat Bernard eerst thuis privé onderwijs had gekregen, was hij vanaf de leeftijd van 9 jaar een beetje de speelbal van de professionele ambities van zijn vader, een soort apotheker-chemicus, die eerst vanuit Leamington Spa verhuisde naar Noord London, enkele jaren later naar Manchester, weer terug naar London, en dan naar Birmingham. Bernard moest dan achtereenvolgens naar verschillende scholen, eerst als extern, en vanaf 12 jaar als intern. Rose zegt hierover: “ De constante veranderingen van school lieten hem niet toe vriendschappen te ontwikkelen en droegen waarschijnlijk bij aan de gevoelens van isolatie en introspectie, die zo duidelijk waren in zijn latere leven. (…) Het zaad van zijn wantrouwen tegenover anderen en zijn neiging tot geheimhouding is waarschijnlijk hier geplant.” Dat kan wel zo zijn, maar Rose gaat hier met zijn wat simplifiërende psychologische analyse zijn boekje toch enigszins te buiten, vrees ik, iets wat hij de latere Spilsbury zelf ook verwijt. Deze was in zijn hoogdagen 1915 – 1935 zo’n beetje onfeilbaar in de publieke opinie. Zelf zei hij daarover enigszins grappend: “Ik ben God niet, maar ik vervang Hem wel tijdens Zijn vakantiedagen.” Naar de huidige forensische normen echter schijnt Spilsbury geregeld de bal misgeslagen te hebben, met enkele onterechte doodstraffen tot gevolg. Bovendien hield hij vrijwel altijd koppig vast aan zijn mening. Nu is het zo dat van experten, in rechtbanken of eender waar, verwacht wordt dat ze met duidelijke en zekere opinies afkomen, anders worden ze de volgende maal gewoonweg niet meer gevraagd… Dus veel twijfel, bochtenwerk of onwetendheid kan men zich niet permitteren als expert. Tussen haakjes, klinkt dat een beetje bekend in Covid-19 tijden? En Spilsbury had inderdaad veel ervaring, en oog voor detail, maar tevens wist hij door zijn onverstoorbaarheid, zijn onberispelijk voorkomen (altijd met slobkousen, “spats”) en onwankelbaar zelfvertrouwen bijkomend ontzag af te dwingen. De volksjurys stak hij meestal probleemloos op zak. In meerdere gevallen moesten de beklaagden het met een pro deo advocaat doen, die bij gebrek aan ervaring en kennis ook meestal door Spilsbury en door de procureur (The Crown kon zich wel toppers in de advocatuur veroorloven) ingemaakt werd. Af en toe was er een medisch expert of een slimme advocaat van de tegenpartij die wel iets dierf tegenwerpen, maar Spilsbury praatte er zich vrijwel steeds uit. Zozeer, dat hij vanaf de jaren ’20 wat aan zelfoverschatting begon te doen, en verregaande conclusies trok uit feitenmateriaal dat tegenwoordig zeker als onvoldoende zou beschouwd worden. Ook waagde hij zich op paden die niet tot zijn expertise behoorden. Zo werd hem ooit gevraagd zijn mening te geven over een damesschoen die gevonden was bij het ongeval met de Britse R101 Zeppelin, die crashte, ontplofte en uitbrandde in Frankrijk in 1930, waarbij 46 slachtoffers vielen, allemaal mannen. Spilsbury ging aan de slag, o.a. met speciale Röntgenfoto’s, en maakte na een maand zijn verslag over, waarin enkel werd bevestigd wat iedereen al dacht: dat het een verbrande damesschoen was, zonder menselijke resten. Vermoedelijk had die al voor de crash op het terrein gelegen. In tegenstelling tot zijn verslag was Spilsbury’s factuur niet min: 25 guineas, nu het equivalent van ongeveer 1000 euro. (Luxegoederen en honoraria van artsen en advocaten werden uitgedrukt in guineas. 1 guinea was een pond en een shilling, dus 21 shilling). Maar hoogmoed komt voor de val: vroeg of laat moesten er tegenstanders in de rechtbank komen, die hem genadeloos confronteerden met zijn overinterpretaties. Vanaf 1932 waren dat o.a. sir Patrick Hastings en Aleck Bourne. Zijn nederlagen in de rechtbank nam Spilsbury niet goed op. Hij werd ook jaloers op de jongere pathologen die stilaan naam begonnen te maken. In mei 1940 kreeg Spilsbury een soort beroerte, en in de jaren nadien nog twee kleintjes. Hij werd traag, slecht te been, vergeetachtig. Hij raakte naar het eind van zijn leven financieel ook in slechte papieren. Zijn zuster werd psychotisch en diende levenslang opgenomen in de psychiatrie, zijn dochter had een ongelukkig huwelijk, en twee van zijn zonen stierven: Peter tijdens de bombardementen op London door de Duitsers in WO II, en de oudste, Alan, die hem hielp in zijn laboratorium, kort daarna in 1943 aan de vliegende tering. Dat gaf hem de definitieve knak. Hij was enkel nog bezig met zijn werk, vervreemdde van zijn vrouw en overblijvende kinderen, en vereenzaamde volledig, slechts licht getemperd door zijn lidmaatschappen van enkele vrijmetselaarsloges. Hij zonk stilaan weg in depressie en stierf in 1947 door zijn eigen hand. Tragisch.
Stijl: ik moest het boek in het Engels lezen, ik denk niet dat er een Nederlandse vertaling van is. Rose heeft een zeer rijke woordenschat, waardoor ik het woordenboek bij de hand moest houden en minder snel opschoot dan gehoopt. Maar dit draagt natuurlijk ook bij aan de rijkdom van de tekst.
The grim but fascinating story of Britain's first honorary pathologist to the Home Office, Bernard Spilsbury. He put forensic medicine and pathology 'on the map', and played a part in its recognition as a distinct science in the 20th century. But Spilsbury's was a rather sad life - a lifelong 'loner', who struggled to form and maintain close relationships, he developed an inflated and ultimately dangerous belief in his own infallibility as an expert. It was revealing that so many of his cases resulted in successful conviction, but many of these would now be considered as unsafe. As usual, the government was complicit in various cover-ups, despite a growing disquiet among Spilsbury's contemporaries.
Andrew Rose provides a fairly flat account of Spilsbury's life - it's not really a biography as such, given that relatively little is known about his personal life. My only real complaint is the use of so much dense legal jargon - it was a bit of a slog. Otherwise, recommended.
A bit heavy going (lots of forensic and legal detail) but very comprehensive. Spilsbury seems to have led rather a sad, lonely life, but the real story of the book is how he wasn't anywhere near as perfect as the public believed. He might have been able to explain things very clearly in layman's terms for a jury, but his explanations weren't always accurate. And he must have known this at the time, though he was presumably motivated by a keenness to win cases for the prosecution and a wish to bolster his reputation for infallibility.