Als je Christine voor het eerst ontmoet, denk je waarschijnlijk dat ze het goed voor elkaar heeft: jurkje, hakken, goede baan bij een hip bedrijf, appartementje in Amsterdam. Maar jij hoort het stemmetje in haar hoofd niet. Dat stemmetje dat haar al sinds haar vijftiende vertelt dat er minder Christine zou moeten zijn. Zo min mogelijk Christine zelfs. Op haar werk verzint ze smoezen om de lunch over te slaan. Ze liegt ’s avonds dat ze al gegeten heeft en maakt lange wandelingen door de stad, alleen maar om calorieën te verbranden. Tot ze zich realiseert dat de vertrouwde stem die lang haar beste vriendin leek haar alleen maar ziek, verdrietig en eenzaam maakt en ze er afscheid van moet nemen. Alsof dat zomaar kan. Zo min mogelijk mij is geen gemakkelijk verhaal over de gevaren van een eetstoornis, maar een begripvol hart onder de riem voor iedereen die ermee te maken heeft, van iemand die exact weet hoe het is. ‘Dit koekje is mijn grootste angst. Het is alsof ik vergif op moet eten. Ik kan het niet. Ik wil het niet. De gevaren die ik zie, zijn gewoon niet te overzien. Het is too much.’
Wat een prachtig, eerlijk en oprecht boek. Ontzettend dapper dat je dit hebt durven delen. Echt een aanrader voor iedereen die zelf met een eetstoornis te maken heeft of iemand kent die een eetstoornis heeft.
In ‘Zo min mogelijk mij’ lezen we over de strijd die Christine aangaat met haar eetstoornis. Ze heeft tijdens de therapie haar eetstoornis een naam gegeven om duidelijk te maken hoe groot deze eetstoornis was. Voor mijn gevoel is het een ander persoon die de regie over je leven en eten overneemt. Christine, of beter gezegd haar eetstoornis, is perfect in een schijnwereld op te houden, waarin alles goed gaat en genoeg redenen te bedenken zijn om niet te eten of om te compenseren.
Wat tijdens het lezen van dit boek meteen opvalt is hoe waanzinnig eerlijk Christine haar verhaal opgeschreven heeft. Dat ze ergens wel wist dat het niet gezond was maar dat haar eetstoornis haar gedachten zo deed voeden, waardoor ze het wel zag als de manier om te leven. Ze laat in haar verhaal duidelijk doorschemeren dat ze ergens wel wist dat het niet gezond was, maar er op dat moment nog niks aan kon veranderen.
Christine vertelt ook heel oprecht en duidelijk hoe de therapie was en dat haar therapeuten genadeloos hard waren, maar ze ook opgelucht was dat ze zo hard waren.
Maar het is ook een boek vol hoop. Ze laat zien dat er toch altijd iemand is die ziet dat het niet goed gaat. En ik denk dat ze met haar partner Jeroen echt in haar handen mag klappen, wat een toffe vent die in het begin al snel doorheeft dat het eigenlijk niet goed met haar gaat maar niet meteen druk op haar uitoefent. Naar mijn gevoel heeft hij het muurtje van Christine rustig afgebrokkeld zodat ze zelf mee kon in zijn ideeën en beslissingen zodat ze voelden alsof ze ook echt uit haar zelf kwamen.
Dit boek ontvingen wij van Growing Stories in ruil voor een recensie. Dit beïnvloedt onze mening niet.