De mooiste literaire verhalen over Spanje van de auteur van De omweg naar Santiago.
‘Armzalig degenen die hun Spanje alleen aan de toeristenkusten zoeken, er is nog een ander Spanje, oneindig veel groter en onbekender, dat van de gewone mensen en verborgen schatten, het Spanje dat ik al jaren zoek en vind.’ Aldus Cees Nooteboom.
In zijn talrijke verhalen over Spanje toont hij de rigoureuze veranderingen die het land sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw heeft doorgemaakt. Nooteboom neemt ons mee naar het Spanje van Franco, naar de uitgestrekte natuur van het binnenland en naar hypermoderne badplaatsen blakend van de toeristen. De grote contrasten tussen de bergdorpen en het flamboyante Barcelona weet hij als geen ander te vatten in schitterend proza. In dit boek met zijn beste Spanje-verhalen dringt Nooteboom door tot de ziel van het land. Dit is Spanje in zijn puurste vorm.
Cees Nooteboom (born Cornelis Johannes Jacobus Maria Nooteboom, 31 July 1933, in the Hague) is a Dutch author. He has won the Prijs der Nederlandse Letteren, the P.C. Hooft Award, the Pegasus Prize, the Ferdinand Bordewijk Prijs for Rituelen, the Austrian State Prize for European Literature and the Constantijn Huygens Prize, and has frequently been mentioned as a candidate for the Nobel Prize in literature.
His works include Rituelen (Rituals, 1980); Een lied van schijn en wezen (A Song of Truth and Semblance, 1981); Berlijnse notities (Berlin Notes, 1990); Het volgende verhaal (The Following Story, 1991); Allerzielen (All Souls' Day, 1998) and Paradijs verloren (Paradise Lost, 2004). (Het volgende verhaal won him the Aristeion Prize in 1993.) In 2005 he published "De slapende goden | Sueños y otras mentiras", with lithographs by Jürgen Partenheimer.
Cees kan het Spanje dat ik zo graag zie in elk kortverhaal terugbrengen. Niet mijn verhalen, en toch zo herkenbaar. Dit is reizen zonder vliegtuig, trein, boot of auto. Gewoonweg lezen volstaat om er terug te zijn, daar waar 'de wereld zo sterk zichzelf is en anders dan de mijne is en toch zo de mijne dat ik er alleen maar van kan houden, of hem haten, en omdat dat alle twee moet, dan maar om en om.'