Eindelijk eens een overheerlijk, vlot leesbaar, warm-verrijkend boek over Japanse filosofie. Niks geen softerig geschwärm met maan en water en instant verlichting, maar (bijvoorbeeld) een passage waarin je samen met de auteur langs de twee houten standbeelden aan de ingang van de grote tempel in Tokio loopt, om je af te vragen: waarom houdt de ene zijn mond geopend en de andere gesloten? Antwoord: de eerste schreeuwt demonische krachten weg, de tweede houdt goede geesten binnenboord. De ene lijkt 'a' te roepen, de andere 'm' te zoemen -- aum, weet je wel, de oer-typische boeddhistische klank. Waarna de auteur de 'stapelcultuur' beschrijft die Japan is: aan invloeden uit Indië en China werd de eigen identiteit toegevoegd. Dit alles, en duizend gelijkaardige andere dingen, vertellen op een wijze die je in de waan laat dat je een spannende roman aan het lezen bent -- wel, daar slaagt Michel Dijkstra in. Groot compliment van mij. 10/10.