"Tot voor enkele generaties verstopten mensen hun emoties omdat het zo hoorde en omdat er geen keuze was: zwijg en werk verder.'
Sindsdien is er veel veranderd. Dat we onze emoties bespreekbaar kunnen maken, is een goede zaak. Maar als emoties delen dwingend wordt als gevolg van die 'bevrijding', hebben we de ene plicht ingeruilde voor de andere. En blijven we sukkelen met de plaats van emoties in ons leven.
Filosoof Ignaas Devisch staat stil bij de kracht van de stilzwijgende emotie. Moet elke emotie wel publiek gedeeld worden?
Ignaas Devisch is een Belgische professor in de filosofie, medische filosofie en ethiek. Zijn onderzoek gaat vooral uit naar filosofische vraagstukken in de gezondheidszorg. Daarnaast is hij ook auteur en columnist bij De Standaard. Zijn boek ‘We informeren ons kapot’ was genomineerd voor de Socratesbeker 2025. ‘Een kleine filosofie van grote emoties’ is een reeks essays van Uitgeverij Pelckmans waarin men op zoek gaat naar de plaats van emoties in onze samenleving. Dit boekje is het eerste essay. Elk volgend deel handelt over één specifieke emotie.
Ignaas Devisch groeide op in een tijd waarin je gevoelens uiten, zeker als man, een teken van zwakte was. Ondertussen zijn we geëvolueerd naar een tijd waarin zowat het tegenovergestelde geldt. In dit essay zoekt de auteur een antwoord op onder andere de volgende vragen: “Wat heeft die omslag mogelijk gemaakt en wat heeft die evolutie met ons gedaan? Moeten we die evolutie toejuichen of zijn er ook kanttekeningen te plaatsen?”
De auteur brengt een sereen maar bevlogen betoog waarbij hij vertrekt vanuit het verhaal van zijn grootvader die leefde in een tijd waarin het zwijgen werd opgelegd. De omwenteling naar deze tijd werd mogelijk omdat het collectief niet langer bepaalt wie of wat we zijn (o.a. het katholicisme). Vanuit het individu doen we nu aan zelfrealisatie waarbij we zelf verantwoordelijk zijn voor wat we bereiken in DIT leven (hierNUmaals). Niet hoe de wereld is staat centraal, maar hoe we die ervaren. Individuen gaan meer uit van wat het leven hun kan bieden dan wat zij aan het systeem zouden moeten bijdragen. De aandacht voor het emotionele aspect heeft het mogelijk gemaakt ons los te wrikken uit verstikkende systemen en structuren. Maar ook de opkomst van sociale media heeft een grote invloed op de evolutie van zwijg- naar spreek-cultuur. Toch stelt de auteur vast dat emoties delen je kwetsbaarder maakt dan voorheen. “Emoties delen betekent dus ook dat we beter voor elkaar moeten zorgen of moeten leren hoe we onszelf kunnen beschermen tegen het misbruik van onze kwetsbaarheid.” De vooruitgang en het streven naar meer transparantie heeft zelfs een keerzijde, met name het idee dat je emoties MOET delen. “Wie zich niet volledig blootgeeft, is verdacht.” Bovendien valt het op dat het ‘ik’ de spil is van het hele emotionele gebeuren.
In een 2de deel gaat Devisch op zoek naar een antwoord op de vraag “Hoe kunnen of moeten we nadenken over emoties?” Ratio werd door de geschiedenis heen beschouwd als de enige weg om tot de waarheid te komen, emoties als een blokkering van die weg. Gevoelens zouden onze blik vertroebelen. Om tot een antwoord op de vraag te komen, raakt hij de kern: “Kan je in een essay over emoties alleen met afstand theoretische beschouwingen maken of moet je ‘in de emotie staan’”? Eigenlijk stelt hij vast dat ook de filosofen doorheen de geschiedenis meer door emoties gedragen werden dan ze zelf beseften (vb. verlangen naar wijsheid, gepassioneerd de waarheid begeren). De poging om filosofie, denken en wetenschap te scheiden van emoties is dus mislukt. De auteur is ervan overtuigd dat we vandaag vooral anders over emoties moeten praten. Niet zozeer door ze op afstand te houden maar door te onderzoeken hoe emotioneel we wel zijn terwijl we over emoties praten. De vraag naar emoties kan daarom nooit een vraag op afstand zijn maar een vraag die binnenkomt in ons eigenste leven. Onze ervaring is wezenlijk voor de wijze waarop we kennis verzamelen. We bekijken alles immers vanuit een perspectief. Emoties zijn één van de toegangspoorten tot de wereld.
In het 3de deel geeft Ignaas enkele filosofische inzichten mee om emoties beter te begrijpen, door er anders over te schrijven en na te denken. Doordat we technologisch onze leefwereld meer onder controle hebben gekregen, beschouwen we emoties steeds vaker als iets waaraan je kan werken of waarmee je je kan laten helpen, waardoor we vb. verlegenheid en angst als disorders bekijken. Het toont aan hoe sterk we de maakbaarheid van het leven vooropstellen, in de hoop om zo aan de tragiek van het leven te ontsnappen. Het is onze opgave daarmee te leren omgaan. De auteur ziet hierbij een grote rol in het delen van kwetsbaarheid omdat dit ook erkenning en steun geeft. Het is in zijn opinie belangrijk om emoties te delen zonder ze te presenteren als vaststaande feiten, zodat gevoelens in beweging kunnen komen. Tegenwoordig worden ze te vaak opgeworpen tegenover de ander met een pakket aan eisen hoe men voortaan benaderd wenst te worden. Op die manier kunnen emoties geen bron van uitwisseling en verdieping vormen. Toch hoeven we niet volledig transparant te zijn voor anderen. Dat is bovendien onbereikbaar en een onwenselijk ideaal. Elkaar de rust geven om te kunnen zwijgen kan een enorme daad van liefde of vriendschap zijn. De zwijgcultuur mag niet verruild worden voor een dwingend spreken. Intimiteit en discretie prijsgeven moet een keuze blijven. Een stilzwijgende hand kan soms meer betekenen dan een vorm van spreken waar geweld van uitgaat.
Ik ben positief verrast door dit kleine boekje. Ik was onbekend met het werk van deze auteur maar hij heeft me zeker kunnen charmeren. Hij schrijft heel helder en bouwt zijn betoog bijzonder duidelijk en gestructureerd op. Voor een thema als ‘emoties’ weet hij een mooi evenwicht te bewaren tussen afstand houden en nabij zijn.
"Emoties brengen ons in beweging, maar wij moeten in beweging komen om emoties mee te maken." Een uiterst dun boekje dat zich volledig focust op de wereld van de emoties (alhoewel ik nog steeds niet goed het verschil weet tussen 'grote' en 'kleine' emoties). Vanuit de hand van zijn grootvader zet Ignaas zijn uiteenzetting in beweging en ontvouwt hij een beschouwing over hoe gevoelens zich steeds nadrukkelijker opwerpen als de bakermat van onze samenleving. Emoties sturen ons handelen, onze morele oordelen en ons collectief zelfbeeld. Hij beschrijft zowel de weldaden als de schaduwzijden van deze emotionele ordening van de wereld. Het resultaat is een klein essay, zeer geschikt om tussendoor te lezen.
Schitterend hoe Devisch dit beschrijft: zo menselijk, niet hoogdravend , herkenbaar en uitdagend. En hoe bevrijdend ook te weten dat er geen sprake is van grote of kleine emoties.
Ignaas Devisch is perfect op zijn plaats om dit kleine essay te schrijven over emoties, als filosoof weet hij als geen ander hoe het is om te praten over de diepere kronkels de mensen en hun gedachten. Is het makkelijk om daarin te vertoeven, in die kronkels? Nee, helemaal niet. Dit is dan ook niet het makkelijkste essay om te lezen, dit is ook niet iets dat je in één lezing volledig kan bevatten... dus in de nabije toekomst staat een 'herlezing' gepland, om toch iets dieper te kunnen graven...
Vertrekkende vanuit dat ene gebaar van zijn grootvader gaat Ignaas in dit essay op zoek naar de evolutie van emoties doorheen de jaren. Het feit dat hij zijn grootvader begin jaren negentig dit gebaar zag maken, simpelweg strelen door de haren van zijn overleden vrouw, lijkt zo evident maar voor een 'man' in die dagen was dat allemaal zo evident niet (aldus Devisch). Daar tegenover staat een beeld dat recenter op tv verscheen toen Roger Federer afscheid nam van de tennis en na zijn laatste match met zijn eeuwige concurrent Nadal hand in hand op de grond van het gravel zat, emoties tonend.
Op die kleine dertig jaar is het verschil groot van wat allemaal tentoongespreid kan en mag worden zonder dat men zich daarbij vergewist van enige beledigende taal, iets wat 'vroeger' eerder wel zou zijn gebeurd!
Maar bij het positieve verloop van het mogen en kunnen tonen van deze emoties bestaat er het gevaar dat we ook te ver gaan daarin, vooral met alles wat online op social media allemaal getoond wordt. Geen reel of Tiktok filmpje, geen foto of post op Twitter (X), Threads, Instagram of Facebook is tegenwoordig nog voorzien van schroom of enig nadenken. (wie is daar niet schuldig aan? Hoeveel van ons deelt geen foto dat ie triest is, ziek is, een emotioneel boek heeft gelezen, gehuild heeft bij een film of de dood van een geliefde of huisdier?)
Hoe bevrijdend kan 'sharen' werken zonder dat het een teveel aan emoties tonen is? Bestaat er iets als 'teveel aan emoties tonen'? Die vragen stelt Ignaas zich af in dit essay. Eigenlijk zou ik hem graag horen vertellen over dit onderwerp in plaats van erover lezen. Ik vermoed dat de lezing hieromtrent nog beter te begrijpen valt. Anderzijds het boekje kan je altijd opnieuw nemen en terug lezen!
Een boeiend tegengewicht voor de hysterische nood aan het delen van elke emotie, vooral als je denkt dat jou alleen onrecht is aangedaan. Wat ik ook (niet in dit boek!) zo sterk vindt, zijn al die mensen die via alle kanalen uitroepen dat ze recht opeisen op privacy. Sleutelwoorden voor dit boek: het meest persoonlijke van Devisch, zeer toegankelijk; boeiend is de worsteling van 'hoe paradoxaal is het om rationeel te schrijven over emoties' In ieder geval een warm boek, en daardoor ook troostend. Zelf weet ik nog altijd niet of de roeping van filosofie wel 'troost' is. Ik zou denken: een vraagstelling verhelderen, dwaze antwoorden als dwaas ontmaskeren. Maar als lezers daardoor getroost worden, waarom niet...
Echt goed geschreven. Het boek neemt je mee in de evolutie van de perceptie op emoties, waar we van komen en waar we naar toe gaan. Het heeft me enorm geprikkeld om kritisch te kijken naar mijn eigen houding tegenover emoties van mezelf en welke omgang ik hanteer wanneer ik in aanraking kom met emoties van anderen.
Mooi, heel mooi. Mijn korte treinritten noopten me om dit toegankelijke essay in stukken te lezen. Ik wou dat mijn treinrit langer was, zodat ik dit persoonlijke verhaal zonder onderbreking had kunnen lezen.
Ik lees te weinig filosofieboeken om er een soort expertoordeel over te kunnen vellen, maar ik vond dit in ieder geval een interessant en mooi boek. Zeker ook omdat het geen pasklare antwoorden geeft, maar vooral vragen stelt.
Ik vond het een heel fijn essay maar het voldeed toch niet aan mijn verwachtingen. Wat natuurlijk mijn eigen “schuld” is, maar dat vind ik toch jammer.
Als Belgisch luisterboek gelezen, interessante filosofische beschouwingen voor iemand die zich recent in filosofie verdiept. Logische opbouw en gedachtengangen
Eigenlijk 3,5. De kern van het essay is heel helder, de uitstapjes naar andere denkers vind ik lastiger. Een complex concept vormen de emoties, wat ik ervan meeneem: wees niet zo met jezelf bezig.
Een essay, maar toch vooral redelijk oppervlakkig. Als je maar een beperkt aantal pagina’s te vullen hebt dan lijkt het mij nuttig die niet te vullen met veel herhalingen…
Ik vond vooral het inzicht vanuit de discoursanalyse van foucault interessant. Binnen dit kader, het gebruik van metaforen om verdriet of andere emoties te beschrijven.