Matsuo Basho is een van ’s werelds grootste dichters. Zijn schijnbaar eenvoudige poëzie is doordrongen van natuurbesef en vergankelijkheid, maar ook van het tragische verloop van de Japanse geschiedenis. Het zijn daarnaast aangrijpende getuigenissen van een reiziger zonder thuis.
Basho’s reizen door Japan vormden een geestelijke zoektocht. Daarbij was hij op zoek naar nieuwe beschermheren en naar leerlingen. Veel van zijn verzen getuigen van intense vriendschap, maar geven ook blijk van een diep verlangen naar eenzaamheid.
Basho’s poëzie is ook een confrontatie met het verleden: dichtende geesten van weleer zweven om hem heen op zijn reizen. Ze inspireren hem en brengen hem in verrukking, maar hij schrikt er niet voor terug om ze te parodiëren – soms heel brutaal. Deze verzameling – de eerste vertaling van ál zijn haiku’s in het Nederlands – doet recht aan Basho’s uiteenlopende stemmingen, aan zijn humor, zijn liefde voor de natuur en zijn radicale vernieuwingsgeest. Bijna alle 975 haiku’s zijn voorzien van verhelderend commentaar, zodat het zeventiende-eeuwse Japan tot leven komt.
Known Japanese poet Matsuo Basho composed haiku, infused with the spirit of Zen.
The renowned Matsuo Bashō (松尾 芭蕉) during his lifetime of the period of Edo worked in the collaborative haikai no renga form; people today recognize this most famous brief and clear master.
Matsuo Bashō is ook al jaren een literaire reisgenoot door het Japan van de zeventiende eeuw. Twee uitgaven bij Privédomein gingen vooraf aan deze 'Verzamelde haiku's': De herfstwind dringt door merg en been en De smalle weg naar het verre noorden. Ook hier was Jos Vos mijn gids. Toen ik hieraan begon, stelde ik mezelf alsnog de vraag waarom ik in godsnaam die 975 haiku's wilde lezen. Had ik dit boek niet gewoonweg gekocht omwille van de prachtige cover? Of omdat ik omwille van al het bovenstaande mijn Japanse honger wilde stillen?
Het antwoord vond ik vandaag, na ruim een maand mijn tijd te hebben genomen om dagelijks een aantal bladzijden tot mij te nemen. Jos Vos' commentaren, maar vooral zijn schitterende soms gedurfde vertalingen zorgen ervoor dat het geen moment saai of vrijblijvend wordt. Ook de oude haiku-meester zelf doet zijn duit in het zakje, want je leeft en reist en spot en geniet met hem mee. Of hij nu thuis is, bij vrienden of in de meeste gevallen 'onderweg', je leert niet alleen met zijn zeventiende eeuwse, Japanse ogen te kijken, je raakt ook geoefend en bekoord door de terugkerende symbolen die bij elk doorleefd seizoen horen, jaar in jaar uit.
Dit boek is dus net zo goed een biografie en een reisgids als een bundeling van Matsuo Bashō's beroemde haiku-oeuvre. Het dompelt je onder in een andere tijd, maar alles voelt o zo herkenbaar menselijk: een staalkaart aan emoties, eenvoud, nederigheid, vriendschap, luchtigheid, taalspel, ondeugende spot en altijd opnieuw die poëtische verwondering voor de natuur. Bashō was een meester in het doorprikken en op de korrel nemen van al te hoge cultuur, precies omdat hij die van binnen en van buiten kende. Hij speelde ermee, net zoals Sei Shōnagon dat kon. En wij mogen blij zijn dat iemand als Jos Vos ons dat zo heerlijk weet over te brengen. Ik beloof dan ook plechtig dat ik eindelijk eens ga beginnen aan zijn vertaling van Het verhaal van Genji die hier al jaren stof staat te vergaren.
Schöner Umschlag, schön vollständig auch, sogar mit japanischen Zeichen, aber mit unordentlicher Formgebung. Wäre schöner mit Tabelken oder mit einem Haiku pro Seite. Toll: das japanische Inhaltsverzeichnis. Schlecht: manche Seitenzahlen (<100) stimmen einfach nicht.
Het oude dorp, vrijwel elk huis heeft een Kakiboom
Om maar een voorbeeld te noemen (#881) uit dit boek met alle (in casu 975) Haiku's van Basho. Om iets van dit gedichtje te begrijpen moet men weten dat de kaki-boom eenvoudig voedsel verstrekte aan de zeer armen, vandaar de ontroering.
Of neem deze (#872)
Hasu no ka o me ni kayowasu ya men no hana
ofwel
Dringt lotusgeur door via je ogen? De neus van je masker!
waar men dus moet weten dat No-acteurs het publiek zien vi de neusgaten van hun traitionele maskers, niet door de ooggaten. En zo zijn er steeds heel veel zeer cultuur-specifieke details nodig om de korte 5/7/5 versjes, die ook nog velerlei technisch kenmerk hebben, zoals een seizoenswoord en een rust-woord, ook maar een beetkje te begrijpen. Dit boek helpt dus vooral om de haiku in het westen voortaan iets voorzichtiger te benaderen, en tegelijk is het boek ene plezierige inleding in het verre en het vreemde van japan.
Zelfs van de beroemdste Basho-haiku (#266) moet men iets weten voor men hem enigszins aanvoelt: de truc, de grap is, zegt zeer deskundig inleider en vertaler Jos Vos, dat normaal de kikkerzang bezongen wordt, en dat nu de plons het werk moet doen. En dat Kawazu ook toen, 17e eeuw, al een ouderwets woord voor kikker was:
Furuike ya kawazu tobikomu mizu no oto
Doodstille vijver - o, een springende kikvors plonst in het water.
Voor de liefhebber van Japanse literatuur is Matsuo Bashō (松尾 芭蕉 in het Japans) een prachtig begin punt. In dit boek neemt Jos Vos je mee door verschillende momenten uit zijn leven en geeft extra toelichting onder dr haiku van Bashō. Zo staan er een aantal grappigere/lichtere haiku die worden gevolgd door wat zwaardere/serieuzere haiku Hieronder volgen enkele favorieten van mij:
De zee wordt donker; de roep van wilde eenden is fletswit (208)
Ook zomerregen peilt voorzichtig de diepte van een vertrouwde beek (36)
Avondgesichten - je steekt je dronken tronie door het open raam (788)
Prachtige uitgave met het verzameld werk van Bashō met originele tekst in Japans, fonetisch Japans en Nederlands. Grove indeling naar seizoenen en per haiku een duiding van de context waarin deze geschreven is. Genot in te (her)lezen.