De meeste mensen weten niet beter dan dat de rooms-katholieke kerk 2000 jaar oud is en dat er een directe lijn loopt van de apostel Petrus naar de huidige paus Franciscus. Peter Raedts laat zien dat de historische werkelijkheid heel anders was: zo was Petrus helemaal geen paus en het is zelfs de vraag of hij ooit in Rome is geweest. Tot in de elfde eeuw was er ook geen sprake van ‘de katholieke kerk’. Eeuwenlang handelden wereldlijke vorsten en keizers naar eigen goeddunken met de katholieke wereld. Pas in de elfde eeuw ontstond de kerk als organisatie die bestuurd werd vanuit Rome, en pas na de Franse Revolutie en ingrijpende bestuurshervormingen in de 19de eeuw kreeg de kerk de gestalte die haar nog altijd kenmerkt: een bureaucratisch en centralistisch aangestuurd instituut.
Van Peter Raedts verscheen eerder De ontdekking van de Middeleeuwen bij Uitgeverij Wereldbibliotheek. De uitvinding van de rooms-katholieke kerk is de uitgebreide versie van zijn afscheidscollege als hoogleraar middeleeuwse geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Prof. dr. P.G.J.M. (Peter) Raedts, born in 1948. Peter Raedts studied Medieval History and Medieval Philosophy in Utrecht, and later on also Theology in Amsterdam.
P.G.J.M. Raedts (1948) studeerde middeleeuwse geschiedenis en middeleeuwse filosofie in Utrecht en vervolgens theologie in Amsterdam. In 1984 promoveerde hij aan de universiteit van Oxford op een proefschrift over de Engelse theoloog Richard Rufus van Cornwall (ca. 1220- ca. 1260). Van 1983 tot 1997 was hij docent kerkgeschiedenis der Middeleeuwen en Reformatie in Utrecht en daarna in Leiden. In 1994 werd hij benoemd tot hoogleraar middeleeuwse geschiedenis aan de Radboud universiteit, eerst in deeltijd en vanaf 2001 voltijds. Hij is gespecialiseerd in de geschiedenis van het christendom en de intellectuele geschiedenis van de Middeleeuwen. Op het ogenblik legt hij de laatste hand aan een boek over de verbeelding van de Middeleeuwen in latere tijden. Daarnaast heeft hij bijzondere belangstelling voor de middeleeuwse geschiedschrijving en met name voor de vraag hoe in de Middeleeuwen werd omgegaan met het Romeinse verleden. Ook de historiografie van andere periodes is een hobby van hem.