John de Wolf (Schiedam 1962) is een icoon van het Nederlandse voetbal. Als speler van onder meer Sparta, FC Groningen, Feyenoord en Wolverhampton Wanderers groeide hij uit tot een verschijning op de velden. Met Feyenoord behaalde hij drie nationale bekers en werd hij kampioen van Nederland. Zijn ware voetbalerfenis is de onhollandse, meedogenloze stijl en zijn grenzeloze doorzettingsvermogen die hij nu overbrengt op de verdedigers van Sparta. Maar John is veel meer dan voetbal. Dit is het verhaal achter de wolvenogen. Het verhaal over de ontwikkeling van een jongen tot profvoetballer, en van profvoetballer tot bezorgde vader. Nooit eerder was John de Wolf zo openhartig als in deze biografie.
Tijdens het lezen kwam ik er achter dat ik eigenlijk niet zo veel wist over John de Wolf, terwijl het toch een icoon uit het Nederlandse voetbal is. Daarom des te leuker om meer van en over hem te lezen. Aan de schrijfstijl moest ik in het begin even wennen - ik wist de eerste hoofdstukken bijvoorbeeld niet direct vanuit wiens perspectief het geschreven was. Maar al snel sprak de schrijfstijl van de korte hoofdstukjes me wel aan. Het leest dan ook lekker vlot weg. Als je van sportboeken houdt en biografieën kun je hier best aan beginnen. Verwacht echter geen hoogstaand boek met heel veel diepgang. Al met al een zeer vermakelijk boekje om te lezen. En zeker de stukken die vanuit John's eigen perspectief zijn geschreven, daarin hoor je het hemzelf vertellen met zijn kenmerkende accent en manier van praten.
Ik heb hem weleens ontmoet, ik voetbalde bij Zwart-Wit '28 toen hij daar zat. Ik was als jong meisje fan van hem. In die korte tijd bij ZW vond ik het een arrogante gozer. Hij vond zichzelf heel wat. Het boek heeft dat beeld wel wat veranderd. Mooi inkijkje in zijn leven, hoe hij zaken aantrekt maar er niet graag over praat. Krijg je opeens het beeld van een hele gevoelige vent.