De vriendin van dichter Sytse Jansma kreeg op tweeëndertigjarige leeftijd een hersenbloeding en stierf onverwachts. Jansma besloot om zijn rouwproces vast te leggen om haar dicht bij zich te houden. In een roesreis van gedichten volgt hij zijn geliefde vanaf haar overlijden, in dagboekverzen, erotische herinneringen, brieven en hiernamaalsvariaties. Rozige maanvissen is een aangrijpende zoektocht naar troost, acceptatie en het leven.
'Rozige maanvissen' is een bundel die je kan blijven herlezen. Ik deed dat zoals gewoonlijk twee keer en nog ontglippen mij te veel van die door Sytse Jansma blootgedroomde, duurloze, pralltrillende, requiem-rode rouwverzen voor zijn aan een hersenbloeding plots overleden vriendin.
Ontroerend goed doet hij dat. In de eerste twee cyclussen, 'lichaam I' en 'lichaam II', blijft hij haar nog dicht op de zoute schubbenhuid schrijven, en op het roofvlies van haar lippen. Eerst met een poëtische reis van mortuarium naar zee waar hij haar as uitstrooit. Daarna via gedichten als postume vrijpartijen met zijn spartelvis met zwiepstaartbenen op het droge.
Dan volgt 'post', waarin hij haar aandacht zoekt door verslag uit te brengen van zijn worsteling met haar 'steeds minder'-worden. Kriskras reist hij daarvoor door een wereld van herinneringen en/of metaforen: een kerk in Lissabon, waar hij een elektrisch lichtje aansteekt, Sjerpa's die in helder gletsjerlicht staren, een masaikrijger die boven het wad drijft of een kapstokken jas. De cyclus eindigt met het gedicht 'daar en hier'.
Waarop 'hiernamaalsvariaties' volgt, een cyclus vol synesthesie en verzen die hij doordrenkt met nieuwe, ongehoord mooie woorden waar je niet altijd meteen kop of staart aan krijgt, tot je het slotgedicht leest dat ook de titel van de hele bundel draagt:
rozige maanvissen
ergens in taal is zij nog in woorden die duurloos en momentenbreed ronddobberen
als rozige maanvissen
haar zoeken is woorden aftasten die haar nog niet kennen, ze omvormen
tot ze fingerspitzenvinnen krijgen om haar bij zinnen te zwemmen
Zeer mooie bundel. Het verlies van en de rouw om zijn levenspartner. Nergens valt het woord 'dood' en toch wordt de harde realiteit niet weggemoffeld. Teder.
daar zweef je door de hoge hoed van het heelal daar streel je de planeten tot spinnende poezen daar denk je met kleine teugjes de uren uit de tijd daar kabbel je op de sonaten van de maan daar dromen je winterzwanen zich warm
hier roesreis je door je innerlijke azië hier vertraag je jezelf tot boeddha's toe hier lig je in het zachte gras van je glimlach hier halen de bomen jouw adem hier partitureluren de vogels je mooier dan ooit"
ik was zeer gecharmeerd van deel 1 en deel 2 (soort van dat je denkt ‘deze woorden ken ik al’ maar je toch een beetje moet huilen) en deel 3 en 4 deden me minder (soort van dat je denkt ‘deze woorden ken ik al’ en dan verder niet zoveel)
Wat als de dood je geliefde veel te vroeg komt halen en jij achterblijft? Sytse Jansma verloor zijn tweeëndertigjarige vriendin aan een hersenbloeding. In deze bundel geeft de spreker woorden aan het gemis, ongeloof maar ook zeker het verraad van het menselijk lichaam wat tot zo veel verdriet kan leiden. Jansma's woorden zijn te midden van de kille leegte doordrenkt van zachtheid en liefdevolle eerbied.
Ik was vooral groot fan van gedicht I. in sectie Lichaam II. Het is ontzettend dromerig en ik vond zijn gebruik van consonantie en assonantie heel sterk:
"hoe mijn hand vaart, een kano door haar meanderend blauw / aderspektakel, langs weilanden met ontplofte bloembermen, / rietkragen vol roepende karekieten, langs slootkantkoeien / die gedwee hun koppen in de wolken wiegen"
Niet elk gedicht sprak mij aan (wanneer is zoiets wel het geval?), maar dat Jansma kan toveren met woorden is wel duidelijk!
Jansma weet een gruwelijke gebeurtenis te vermooiwoorden. Het raakt. Pure geneesmacht. Het inspireert mij tot het verzinnen van nieuwe woorden om de diepe schoonheid en beroering van 'Rozige Maanvissen' te kunnen vatten. Jansma is op een tournee langs theaters in Nederland en België en brengt het ongeëvenaarde 'Rozige Maanvissen' op het podium breekbaar mooi tot leven.
Dichtbundel waarin het lyrisch-ik zijn partner is verloren. In het echt verloor Sytse Jansma plotseling zijn vriendin aan een hersenbloeding. Het begin van de bundel vond ik het interessantst. Daarin is Jansma het letterlijkst, en ik kom er steeds meer achter dat dat me het meest bevalt - ook in poëzie: het zo mooi mogelijk beschrijven van een gevoel of situatie in woorden die zo dicht mogelijk bij de namen blijven die we aan de dingen gegeven hebben.
Aan het einde stelt Jansma het hiernamaals voor als een muziekstuk en daar raakt hij me helemaal kwijt (sowieso erg vermoeiend, auteurs die termen als piannisimo en allegri gebruiken). Wat me het meest fascineerde aan het begin was de strijd die de ik-verteller voert om zo lief en teder mogelijk te zijn naar het dode lichaam dat voor hem ligt ('zo is het gegaan, zachter dan dit kan ik niet') maar steeds dringt toch de harde, smerige werkelijkheid door. Daarvan vond ik dit gedicht het mooiste voorbeeld, waarvan de 'harde tinten paars' volgens mij verwijzen naar lijkkleuren:
Ik kleed je aan, een bh die goed past, / zomerjurk over je koude hoofd, sproeten / op je bast, ik laat je armen bloot, leg ze langs / je zij, strijk de plooien rond je boezem recht, / ik doe je geen schoenen aan, schik je tot een foto / uit onze vele albums, jij met je blote voeten / in het zand, even geen tijd voor hoe je nu / je nagels lakt in harde tinten paars (14)
kattenbak vullen deur sluiten opa bezoeken rijden - gehaast denken aan zin 'rawdogging de treinrit' want koptelefoon bungelt nog aan ladeknop niet om nek geen muziek (ook al is dit de reden van vertrek) dan dit lezen - te snel verdriet voelen op de trein brak mijn hart een beetje