V. verweeft de politieke opvattingen van Susan Sontag (1933–2004), de dicht-op-je-huid ervaringen van Lieke Marsman (1990-) en de meer beschouwelijke uitwerking van Siddhartha Mukherjee (1970-) rond ziek zijn met Bijbelse narratieven. Depressie en kanker fungeren daarin als de archetypische aandoening van geest en lichaam.
Vanwege de thematische structuur met centraal de ruimte, taal, tijd, charme, eenzaamheid en genezing van ziekte komt de relatie met het oude en nieuwe testament wat springerig over. V. verstaat echter de kunst om bekende en minder bekende verhalen, met name die uit het oude testament, fris neer te zetten. De kloof tussen toen en nu wordt daarmee kleiner.
Sterk dat V. – met alle voorzichtigheid – durft te spreken over de zingeving die soms meekomt met ziekte (hfst. 4). Niet alleen omdat God ziektes gebruikt om iets voor elkaar te krijgen (zie bijv. verhaal van Sarah in de Egyptische harem), maar ook omdat ziekte betekenisgevend kan werken – zelfs nu nog.
Ook sterk is het eerlijk aankaarten van de hiërarchie in het rijk der zieken. Mentaal-psychische klachten worden minder serieus genomen dan fysieke schade of infecties. Dus de opmerking dat ‘long covid’ bij een deel van de getroffenen ‘tussen de oren zit’ is niet onwaar, maar roept woede op vanwege het taboe op symptomen die minder tastbaar zijn dan, pak ’m beet, een gebroken heup. (166v).
V. is wat ambivalent in zijn relatie tot de moderne geneeskunde. Met name aan het begin van het boek is er kritiek op o.a. de toegenomen efficiëntie, valorisatie en de steeds kortere ziekenhuisopnames van en in het kapitalistisch zorgsysteem (39). Dat zal de invloed van Sontag zijn.
[Het is ook ingewikkeld. De rolstoel van theoloog en klimaatactivist Rozemarijn van ’t Einde – waarmee ze in staat is om mee te doen met protestacties (31) – is ontworpen en gemaakt in één van de meest vervuilende sectoren van de moderne samenleving: de zorg.]
Verderop is hij juist weer lovend over de moderne zorg. Eén op de drie schoolverlaters zal in de zorg moeten gaan werken willen we de kwaliteit en toegankelijkheid van het systeem op peil houden. (148). Inderdaad, in 2040 zal een kwart van de Nederlanders 65+ zijn (CBS), met alle bijbehorende gebreken.