Het boek staat op zichzelf, ook al is het het derde deel in de “Gebroken” reeks. Het hoofdpersonage, Annabelle, is nieuw, zowel in de reeks als in het recherche-team van David. Ook de moorden hebben niets met het voorgaande te maken.
Dat geeft Lotte Leenaerts alle ruimte om Annabelle zich als nieuweling te laten gedragen, met alle fouten en onzekerheden die daar bijhoren.
De moordenaar is stapelgek of toch zeker zwaar psychisch gestoord, zoals achteraf blijkt. Toch voel je als lezer wel de nodige sympathie voor zijn beweegredenen, maar niet voor de daden zelf. Lotte geeft ook doorlopend een inzicht in de gedachtewereld (en handelingen) van de moordenaar, dat is een beetje haar handelswerk en de reden dat haar boeken als psychologische thrillers verkocht worden.
Alles past in mekaar en de echte waarheid blijft verborgen tot de laatste plotwending bij de climax.
Chronologisch beslaat het boek een periode van ongeveer 3 weken, wat gezien de gebeurtenissen verbijsterend kort is, maar wel realistisch naar geplogenheden bij moordonderzoeken toe. Helemaal achteraan worden er nog 2 heel korte stukjes aan toegevoegd om het verhaal af te ronden, een basis te leggen voor de toekomst en een mogelijke cliffhanger te introduceren.
Er wordt initieel de tijd genomen om Annabelle Van Hecke, een jonge rechercheur te introduceren. We krijgen een stukje uit haar privé-leven, ze woont samen met een homo waar ze het best mee kan vinden en is verder een gewone jonge vrouw met vrienden, hobby’s die geniet van eten, drinken uitgaan.
Zij ontmoet haar collega’s, probeert uiteraard een goede eerste indruk te maken en maakt daarbij beginnersfouten. Met de fouten gaat ze goed om en, tot veler verbazing, ze komt op goede voet te staan met Lena, zuurpruim en harde tante van dienst.
Initeel bij inbraken neergepoot, krijgt ze al direct een kans om te helpen bij moordzaken.
En daar is dan al meteen een eerste lijk, duidelijk een moord.
Daarbij onmoet ze ook de wetsdokter Alexander, dat zorgt verder in het boek voor een romantische noot, al bestaat die vooral uit het wegwerken van een dom misverstand.
De zaak lijkt simpel, de vermoedelijke dader, de ex-, is nog maar recentelijk vrijgelaten uit de gevangenis.
Omdat de speurders geen goed gevoel hebben bij deze even simpele als snelle oplossing blijven ze proberen om ze 100% waterdicht te krijgen.
Dan gebeurt een tweede moord. Het verloop is gelijkaardig met de vorige, nog lopende zaak, en het resultaat zit ook niet echt lekker. Annabel begint te twijfelen aan zichzelf terwijl de moordenaar overloopt van zelfvertrouwen en haast euforisch wordt.
De schrijfster laat de ontdekking van een lijk behandelen als een op zichzelf staande moord, maar na de derde moord worden er verbanden gelegd en moet alles worden overgedaan vanuit het standpunt van seriemoord. Ondertussen hebben ook een aantal andere personages een introductie gekregen in het verhaal, Eric, de commissaris, Jade, vrouw van David, psychologe en hoofdpersonage uit het eerste boek in de “Gebroken” reeks, Winnie van de medische dienst en zelfs Katje, de vrouw van de moordenaar.
Het verhaal raakt hoe langer hoe meer in een stroomversnelling waarbij de speurders langzaam aan de bovenhand halen en de moordenaar fouten begint te maken.
Alexander en Annabel ruimten het misverstand tussen hen uit de weg en belanden samen in bed.
Het net rond de moordenaar sluit zich, waarbij het nog even heel erg dodelijk spannend wordt.
Het is een vigilante verhaal waarbij de schrijfster wel zorgt dat de eventuele sympathie die de lezer voelt voor de moordenaar nooit de overhand kan nemen door de keuze van de slachtoffers. Het gebruiken van de bestaande setting en een aantal karakters uit de “Gebroken” reeks zorgt voor een gevoel van vertrouwdheid en herkenning (zie ook het nawoord van de schrijfster).
Algemeen is het allemaal wel uniek, de planning van de moorden, het planten van het vervalste bewijs, de evolutie van de moordzaak en de verhouding en het optreden van de collegas is een combinatie die je nergens anders zal tegenkomen.
Elke moord op zich brengt een belangrijk nieuw inzicht en betekent dus ook een plotwending. Bij moord drie is dat het besef dat er een seriemoordenaar aan het werk is, bij de (gedeeltelijk) mislukte dubbele moord vier en vijf is dat het besef dat het om een collega moet gaan. Op een bepaald ogenblik blijkt de moordenaar Annabel als zijn motivering voor de moorden te beschouwen. Dat is ook een flinke schok.
Hoewel niet strik noodzakelijk is het lezen van de vorige twee boeken uit te reeks toch aan te raden. Doordat een aantal karakters daarin dieper uitgewerkt werden is dat kennis die in dit boek van pas kan komen. Hier worden vooral Annabelle en de moordenaar psychologisch echt diep uitgewerkt. Andere karakters zijn eerder stereotiep en rolbevestigend. Bij de karakters uit de vorige boeken worden enkele details aan de (eventueel) bestaande kennis toegevoegd.
De karakters leven, ze zijn sympathiek, of juist niet, hebben echte gevoelens en gedachten en handelen normaal, breedvriendelijk of net enggeestig.
Zowel Annabel als de moordenaar worden in de loop van het verhaal verder uitgewerkt. De moordenaar uiteraard om het plot mogelijk en aaneembaar te maken en om zijn drijfveren bloot te leggen. Bij Annabel krijgen we een glimp van haar verleden met een vader die advocaat is en zijn dochter in zijn voetsporen dwingt. Tot zij dat niet meer aankan en bij de politie gaat. Haar onzekerheid, behoefte aan liefde en langzaam groeiend zelfvertrouwen.
Verder leren we dat zij aan rollenspelen doet (Dungeons & Dragons) wat nog dateert van haar studententijd. En dat toont aan dat zijn zeker geen vakidiote is maar wel een gezond en normaal sociaal leven leidt.
Het speelt in het heden, dat wordt duidelijk uit de context en die context klopt niet meer als het het geheel in een andere tijd plaatst. Want het gaat over de Belgische justitie, met vooral zijn beperkingen, klassejustie en verdedig-de-daders, straf-de-slachtoffers mentaliteit. De vijandschap en de reden daartoe tussen politie en advocatuur wordt mee belicht maar dat is niet bepaald gebonden aan België natuurlijk.
Het speelt Vlaanderen, in de Kempen, maar zou net zo goed in Wallonië kunnen spelen, er zijn niet echt Vlaamse accenten die dat verhinderen.
Het enige dat niet helemaal klopt is het feit dat de moordenaar de gewone gevangenis indraait, terwijl hij duidelijk rijp is voor de psychiatrie en dat dat in België systematisch wordt toegepast (psychiatrische vleugel in gevangenis of psychiatrische instelling) en dan is het onwaarschijnlijk dat hij door medegevangenen zal mishandeld worden (een detail en geen zekerheid).
De karakters zijn gewone mensen, zowel burgers, medici als politiemensen, die je elke dag om je heen ziet.
Het boek bevat een mooie mix van elementen. Er is de romantiek tussen Annabelle en Alexander, de medische lijn die telkens nieuwe inzichten geeft (na het frusterende maar o zo realistische wachten), het verhaal van de nieuweling die zich moet inwerken en doen aanvaarden bij de politiediensten, wat voor de nodige (soms wrange) humor zorgt.
En dan natuurlijk de spanning. De schrijfster heeft dat natuurlijk al opgebouwd vanuit de intro en dat houdt ze (gedeeltelijk) vast tot dit stukje intro zijn plaats vindt in het verhaal en daar tot de climax zal leiden.
Ondertussen zijn er de moorden, die telkens een spannend moment opleveren, de kleine ergernissen van de dag met achterliggende angst om een blunder te begaan die Annabelle haar carrière kan kosten.
Het steeds duidelijker worden van wie de dader is zorgt voor een blijvende en stijgende, vooral psychologische, spanning.
Dit boek verdient ten volle het woord THRILLER dat op de cover staat.
Lotte Leenaerts hanteert een vlotte pen waarbij ze er in slaagt om de gedachten en uitspraken van de verschillende personages levensecht weer te geven, of toch tenminste zoals de lezer ze zich voorstelt. Ze schrijft correct Nederlands, maar wel duidelijk spreektaal en geen stadhuiswoorden. Het is volks maar niet plat, ook niet bij de personen waar je dat wel zou verwachten. Maar dat wordt toch eerder storend dan passend ervaren.
Het taalgebruik is gericht op aktie en snelheid maar laat toch toe om op gepaste momenten de nodige rust te voorzien om op diepere gevoelens in te gaan, al wordt dat dan weer direct gevolgd door nogal expliciete seks.
Het is heel erg beeldend, zelfs zodanig dat ik meen dat de verfilming van de “Gebroken” reeks het gat dat, door enkele overlijdens bij de auteurs, ontstaan is in de Vlaamse film kan moeiteloos kan opvullen.