In januari 1996 verrast Bart Moeyaert zijn zeventigjarige moeder met een verjaardagscadeau. Ze gaan samen drie dagen naar Parijs. Met deze citytrip als leidraad schetst Moeyaert niet alleen een intiem portret van zijn moeder, hij stelt ook vast hoe verbazend vaak Parijs in zijn leven is opgedoken, en hoe weinig hij zijn ouders over zijn leven heeft verteld. Aan de hand van brieven, foto’s, herinneringen en dagboekfragmenten vertelt hij openhartig over zijn late coming of age — de zoekende periode na zijn vroege schrijversdebuut. Hij probeert antwoorden te vinden, onder andere op de vragen die hij zijn moeder in Parijs niet heeft gesteld.
De boeken, het toneel en de gedichten van Bart Moeyaert zijn sinds zijn debuut in 1983 door lezers van alle leeftijden ontdekt, wat hem een aparte plek geeft binnen de Nederlandstalige literatuur. Tot de meest bekende titels behoren ‘Het is de liefde die we niet begrijpen’, ‘Broere’, ‘Tegenwoordig heet iedereen Sorry’, ‘Morris’ en ‘Een ander leven’. Hij publiceerde drie dichtbundels: ‘Verzamel de liefde’, ‘Gedichten voor gelukkige mensen’ en ‘Helium’.
Tot 1995 was Moeyaert eindredacteur van een magazine voor jongeren, daarna werd hij fulltime schrijver. Zijn werk is vaak bekroond, zowel in binnen- als buitenland, o.a. met de Vlaamse Cultuurprijs (de huidige Ultima), de Boekenleeuw, de Zilveren Griffel, de Woutertje Pieterse Prijs, de Gouden Uil, de Deutsche Jugendliteraturpreis, en de Norske Oversetterpremien. In 2019 won hij de internationale Astrid Lindgren Memorial Award (https://alma.se/en/laureates/2019-bar...). In 2002, 2012, 2020 en 2024 eindigde hij op shortlist voor de internationale Hans Christian Andersen Award.
Zijn werk verscheen tot hiertoe in achtentwintig talen. In 2014 werd Moeyaert aangesteld als artistiek intendant van het project Gastland Vlaanderen en Nederland op de Frankfurter Buchmesse 2016. Van 2000 tot 2021 was Bart Moeyaert hoofddocent Schrijven aan de afstudeerrichting Woord in Antwerpen. In 2019 verliet hij Antwerpen, de stad waar hij in 2006 en 2007 Stadsdichter was, en verhuisde naar de bossen en de rust van Heide, Kalmthout.
Een prachtig, levendig en ontroerend geschenk voor alle lezers van Bart Moeyaert
Begin april verscheen dit boek in de reeks Privé-domein van de Arbeiderspers. Natuurlijk is dit een geschenk voor alle trouwe lezers-essen van Bart Moeyaert. Wie schuilt er achter de mens Bart Moeyaert die we tot hier toe vooral als schrijver van een omvangrijk oeuvre van jeugdboeken, romans, toneelstukken en poëzie kennen?
Aan de hand van drie dagen Parijs die Bart zijn moeder, Henriette Smessaert, cadeau deed naar aanleiding van haar 70ste verjaardag, duiken we mee in haar verleden, en die van hemzelf uiteraard. We leren hoe zijn moeder geleefd heeft, eerst als dochter van de huisbewaarster op een kasteel ergens in de buurt van Brugge, die daarna haar man ontmoet, en dan zeven zonen op te voeden heeft waarvan Bart de jongste is. En hoe het leven en de schrijversloopbaan van Bart zelf stilaan vorm krijgen, en welke momenten in zijn leven keerpunten werden voor hem.
De moeder zorgde voor iedereen, bracht de warmte binnen in het gezin, en vond het vooral belangrijk om haar zonen gewoon gelukkig te zien. De vader, eerst leraar en dan schoolinspecteur, was veeleisender en strenger en wou zijn regels doen gelden volgens de gangbare normen toentertijd. Zijn vader en zijn broers komen inderdaad ook aan bod, omdat hoewel dit een moederboek is, dit verhaal niet volledig zou zijn zonder hen. Bart’s coming-out als homoseksueel en ook om zichzelf daarmee te verzoenen ligt heel moeilijk in een tijd, de jaren ’80 van de vorige eeuw, waarin zijn eigen vader dit nog als een ziekte bestempelt.
De sprongen in de tijd van de drie dagen in Parijs naar het verleden en weer terug - het reisje in de winter van 1996 vormt de rode draad van het boek - maken het boek boeiend en meeslepend. De mooie zinnen net als de vele vragen die gesteld worden en de thema’s wisselen elkaar af. De schrijver kent Parijs goed genoeg omdat hij er een hele tijd gewoond heeft, en daar zonder dat zijn ouders het wisten, ook bleef hangen vanwege de liefde. Hij leidt een heel ander leven dan bij zijn ouders thuis waar zij uiteraard buiten blijven en hij komt tot het besef dat hij zijn moeder hier nooit heeft over verteld. Maar ook zijn moeder kent hij niet goed genoeg, en wat zij voor dromen en wensen koesterde toen ze jonger was. Dat soort gesprekken zijn er eigenlijk nooit gevoerd thuis. In Parijs fleurt ze helemaal op en hebben ze een fijne korte tijd samen zonder vader en zes oudere broers in de buurt.
De auteur maakt een staat op van waar zijn levenservaring hem nu gebracht heeft in het jaar dat hij 60 wordt. Vorig jaar was er al een feest voor zijn 40-jarige schrijverschap. Bart heeft een vlot te lezen, gevoelig, en mild humoristisch relaas neergepend, als antwoord op een writer’s block die hem in de weg kwam te zitten bij het schrijven van een ander boek. Er zat dan ook iets vast dat nog verwerkt moest worden na het verlies van zijn beide ouders in 2019 en 2020, ook in of vlak na hetzelfde jaar waarin hij de grootste prijs voor kinderliteratuur, de Astrid Lindgren Memorial Award, mocht ontvangen. Hiervoor doet hij beroep op brieven, dagboekfragmenten en foto’s die een levendig beeld scheppen van het gezin waarin hij opgroeit, zijn jeugd, zijn liefdes en zijn leven als auteur.
Zelfs als dit een hoogstpersoonlijk boek is, of misschien zelfs daardoor, vormde dit werk voor mij een trigger om te reflecteren over hoe je zelf bent opgegroeid en welke relaties je zelf hebt (gehad) en onderhouden hebt. Wat ik hierin las, zal me nog een tijd bijblijven. De warme schrijver die Bart Moeyaert is, toont zich als hij lezingen en interviews geeft aan zijn vele lezers-essen en fans. Aan de binnenkant een huishouding van innerlijke demonen (en ook hormonen in mijn geval) onder controle krijgen is niet altijd even gemakkelijk, ik moet daar zelf nog zoveel over leren.
Ik koester mooie herinneringen aan de tijd waarin Bart Moeyaert vele scholen in Vlaanderen kwam bezoeken, o.a. de mijne, als beginnend schrijver. Dat je zo met de proza en de poëzie van iemand kan opgroeien en er nog steeds door wordt geraakt, is dan ook een mooi voorrecht. Dat dit nog lang mag blijven voortduren!
'Een ander leven' is een moeilijk boek. Dat gevoel kreeg ik gaandeweg tijdens het lezen, al kon ik niet precies, niet meteen de vinger leggen op het waarom. Aan de zinnen zal het niet gelegen hebben. Je weet meteen dat je Bart Moeyaert leest. Geen letter te veel. Het juiste woord op de juiste plek en af en toe een rake gedachte of een uitgelezen beeld waar je lezersbrein even aan kan blijven haken. Nee, het moeilijke schuilt ergens anders. In wat er verteld wordt. Verteld moet worden. Verteld móest worden, maar pas nu mocht. Van de schrijver en van de man die allebei in Bart Moeyaert wonen.
'Een moeilijk leven'? 'Een ander boek'? Spelend met de woorden uit mijn eerste zin probeer ik dichter bij de essentie te komen van wat ik de voorbije dagen gelezen heb - in Parijs dan nog wel, waar ik met mijn zeventienjarige zoon rond tsjoolde in de voetsporen van de schrijver die dat 28 jaar geleden met zijn zeventigjarige moeder deed. Het deel van zijn leven dat Bart Moeyaert hier uit de doeken doet zou ik zonder meer moeilijk durven noemen. Een strijd, zeg maar, minstens zo eerlijk en openhartig als die van Karl Ove Knausgård. En dus ook een ander boek dan wat je van deze schrijver gewend bent. Eentje met meer contrasten, meer clair-obscur, meer confrontatie.
De schrijver en de man in Bart Moeyaert treffen elkaar hier en het voelt alsof de moeder hen altijd al heeft willen verzoenen. Haar gezelschap in Parijs en de flarden uit haar brieven werken als contactlijm tussen de slim verknipte en meesterlijk 'recomposed' herinneringen waarmee Bart Moeyaert dat andere leven hier een plaats geeft. Een welverdiende glansrol zeg maar, want aan het einde besef je dat de veelzeggende titel ook absoluut op haar van toepassing is. Of was. Er zat te lang een vader in de weg. Ook dat deed me aan Knausgård denken. En dat was de moeilijke essentie die verteld moest worden. Met daarnaast ook veel momenten van schoonheid en lef en een leerrijk inkijkje in een vastberaden, ontluikend schrijverschap.
Ik weet niet of doorgewinterde schrijvers nog aan 'van-zich-af-schrijven' doen, maar iets fluistert me in dat Bart Moeyaert met dit boek iets kon afsluiten. Niet zelden wordt daarop een verfrissende of verrassende nieuwe richting ingeslagen. Dat zou dan iets zijn om naar uit te kijken. De prachtzinnen mogen blijven natuurlijk. Maar misschien heeft alleen de man iets afgesloten en gaat de schrijver gewoon verder waar hij gebleven was. Ook dan is het goed voor mij. 4,5*
Coda: Voor mezelf zal dit boek ook altijd verbonden blijven met Parijs. Mijn zoon wilde Musée d'Orsay bezoeken. Net als mijn zeventienjarige ik ooit, is hij dol op de impressionisten. En net als Bart Moeyaert en zijn moeder voelde het voor ons beiden als een overdosis schoonheid. Zoveel Monets, Manets, Degassen, Morisots, Sisleys en Pissaro's bij elkaar overrompelt je impressie-vermogen. Maar het verzoende wel mijn vijfenvijftigjarige ik met mijn liefde voor de impressionisten van ooit.
Wat een trip bezorgt Bart Moeyaert ons, 353 dik bedrukte (de meeste) privé domein bijbelse papieren lang. Wat een intieme kijken op zijn leven, op wie hij was, is en is geweest. Gedrenkt in melancholie, ingetogen tristesse en zinnelijk zoeken, maar altijd met een sprankel vreugde, soms een kruimel, soms een hele taart - met slagroom en al. En wat een mooie, eerlijke ode aan een bijzonder moedermens.
Machtig hoe een super persoonlijk boek je zo terug kan katapulteren in je eigen levensverhaal en hoe je haast automatisch je lectuur vertraagt en pauzeert om onbewust terug te denken aan je eigen ervaringen, ouders, opgroeien, …
Achteraf beschouwd had ik misschien niet moeten kiezen voor een boek uit de reeks Privédomein van een schrijver met wie ik volkomen onbekend was. De positieve waarderingen van anderen maakten me echter nieuwsgierig naar het autobiografische Een ander leven. Inmiddels weet ik een hoop meer over Bart Moeyaert (1964), maar mijn belangrijkste kanttekening bij het boek blijft dat het teveel persoonlijke details bevat: om een dergelijk egodocument welwillend te benaderen, is het eigenlijk nodig om iemands werk op zijn minst te kennen.
In het narratief van de schrijver staan zijn homoseksualiteit en het begin van zijn loopbaan als schrijver centraal. Daarbij reserveert hij een bijzondere rol voor zijn moeder, tot wie hij zich deels richt. Hun verhouding is aandoenlijk, al haalt dit boek de intimiteit van Jaap Robben (Schemerleven) of Wanda Reisel (Plattegrond van een jeugd) en het analytisch niveau van Édouard Louis (Combats et métamorphoses d'une femme) niet. Ik was het meest verbijsterd over de dominante rol van zijn vader, die de schrijver zelfs op volwassen leeftijd nog onder het juk tracht te brengen.
Ondanks het ongemak waarmee ik dit werk las, was ik geboeid door het tijdsbeeld dat Moeyaert schetst. Een aantal details is wel degelijk tekenend. Bovendien staat het verhaal bol van de literaire verwijzingen en interessante anekdotes, waarbij de ‘samenwerking’ met Aidan Chambers (Dance on My Grave) wat mij betreft een hoogtepunt is.
Wat een voorrecht om zo'n openhartige en ontwapenende blik te krijgen op leven en wandel van Bart Moeyaert. Hij laat de lezer zo dichtbij komen dat het soms een beetje ongemakkelijk voelt. Tegelijk maakt die openheid en kwetsbaarheid hem een nóg schonere mens. En ik was al zo'n fan! (sinds hij in 1992 Kus Me voor me signeerde op de boekenbeurs en mijn puberhart op hol sloeg.)
Ik vond deze glimps in Bart Moeyaerts leven, ontluikende schrijversschap en band met zijn moeder zo mooi, ontroerend en vrij triestig tegelijk. Ik gebruik bewust het woord glimps, want dat is 'Een Ander Leven', het geeft evenveel aandacht aan wat wordt verteld als aan hetgene tussen de lijnen door in stilte heeft geleefd. Kleine anekdotes, opgehangen aan de kapstok van de citytrip met zijn moeder naar Parijs, geworteld in de conservatieve Vlaamsche klei en de wens om een schrijver en vrij te zijn. Aanrader én voor mij alvast een goeie incentive om meer van Moeyaert te lezen (wat ik niet meer deed sinds ik als emotionele en romantische puber werd meegezogen in Duet met Valse Noten).
Wat een mooi boek. Bedankt Bart M voor de inkijk in het proces dat je doorliep om schrijver te worden/zijn, de liefdes die je deelde, de mooie momenten en de strijd. <3
(Hoe minder sterren, hoe langer de recensie, omdat ik al schrijvend probeer uit te vissen wat voor mij ontbreekt en dan tegenvoorbeelden vind, die me weer tot nuance dwingen — tot ik het moe ben en aanvaard wat er staat).
Ik was eerst niet van plan om het te lezen, want ik hou niet van autobiografieën en nog minder van relazen van citytrips. Maar een collega verzekerde me — op weg naar een conferentie waar Moeyaert zou spreken, dat het geen reisverhaal was of een klassieke autobiografie, maar een open inkijk in de geboorte van Moeyaerts schrijverschap en zijn worstelingen met de liefde.
En toen ik hem daarna, een vol uur lang, schijnbaar uit de losse pols, het verhaal van zijn moeder annex zijn eigen verhaal hoorde vertellen, met finesse, humor en overtuiging, kon ik het boek niet meer laten liggen. Ik besefte plots hoeveel ik al van hem had gelezen en hoeveel zin ik had in meer van dat.
Helaas vond ik het wat tegenvallen. Het reisverhaal met zijn moeder is maar een kapstok, dat wel, maar het autobiografische is toch echt mijn genre niet. Adressen, namen van schrijvers, losse bedenkingen: het leven is de verhaallijn, maar voor mij is dat te mager.
De vriendschap met Aidan Chambers is mooi, maar veel te kort beschreven om te beklijven. Ik vond de opbouw en kracht van zijn live vertelling veel beter en ook dat andere leven, van zijn moeder wellicht, kwam voor mij op papier niet tot leven. Ik hoorde ook niet de volwassen schrijver spreken, maar de jonge enigszins naïeve Bart. Ik miste een analyse vanuit metaperspectief door de schrijver die hij nu is.
Mooi vond ik de korte stukjes uit de brieven van zijn moeder waarmee bijna elk hoofdstuk opent. Een simpele zin verdeeld over enkele regels die het zonder veel opsmuk de kracht van poëzie geeft. Ook heel wat andere zinnen en bedenkingen zijn treffend geformuleerd natuurlijk, maar ze liggen verloren in de rest van de tekst. Het zal het genre zijn.
Het geheel vond ik te weinig samengebald, te zeer uitgespreid over de vele hoofdstukken om te kunnen raken en voor mij niet literair genoeg. Ik mis dwingendheid, inzichten, vragen, verbazing of vertedering. Het was te veel een verslag en te weinig literatuur.
Hij komt ook als gelauwerd schrijver nog over als iemand die zich stoerder wil voordoen (lees: wiet, seks — een ander leven?) dan zijn imago, en dat viel me een beetje tegen. In het boek leeft een vurige en voortdurende wens om adembenemend gevonden te worden, een stille roep om te erkennen welke knappe mannen voor hem vielen. Het boek fluistert ‘zie mij graag’ — en net dat wordt niet gethematiseerd.
Terwijl de kracht net in de zachtheid zit, en je dat toch niet hoeft te betreuren: ‘Soms ben ik al te ontvankelijk voor het verhaal dat op me afkomt. Alsof mijn huid heel af en toe — op momenten dat ik het niet verwacht — flinterdun is.’
Wat een troef, die ontvankelijkheid. Eis ze op. Zet ze in de verf. Misschien was dat wel wat ik miste. Een metaperspectief van de schrijver op de schrijver die scherper, politieker, radicaler is in al zijn zachtheid.
‘Ik heb er nooit aan gedacht dat je ook vragen kunt stellen over een ander leven, het leven dat iemand niet heeft geleid. Het is mogelijk dat mijn moeder me ooit al eens in bedekte termen heeft verteld dat ze bepaalde keuzes heeft laten liggen. Dan moet ik die waarheid hebben verdrongen. ‘Ik had een ander leven gewild’ is een mededeling die je van je moeder niet wil horen, laat staan wil onthouden.’
Eerste keer dat ik Bart Moeyaert las. Stevig onder de indruk van zijn stijl, volledig wat ik graag lees. Zijn compacte zinnen overdonderden me. Bloemrijk, op naar meer van hem. Ik kreeg zelfs zin om zelf woorden neer te pennen, alsof ik ze moest loslaten op papier, ze geen uitweg meer hadden.
Schrijfstijl 10/10 “Alles is mooi om te zien, maar de monumenten zullen er morgen waarschijnlijk ook nog staan. Wij daarentegen zullen morgen alweer op verschillende plekken zijn, zij de moeder in Brugge, ik de zoon in Antwerpen, en geef het nog een paar jaar, of misschien een generatie, en wij zijn vergeten. Stofjes op een winterjas. Niemand zal nog weten wat we dachten, wat we wilden, waarvoor we streden”
Een persoonlijke en aangrijpende inkijk in Bart Moeyaert zijn soms woelige leven, met een liefdevolle blik op zijn moeder. Ik ga met plezier op zoek naar mijn exemplaar van Duet met valse noten, waar ik als puber dol op was. Zeker op die handgeschreven stukjes.
Bart Moeyaert schrijft over het pad dat hij bewandelde om het juk van zijn vader af te leggen. De afstandelijkheid en de ernst die hij van thuis uit meekreeg zit vervat in wat hij met elke zin ongeschreven laat. Het creëert tegelijk een zekere intimiteit. Bart zit voor mij misschien net iets te veel in Een Ander Leven, een leven van dagboeken en brieven, van uitgeverijen en literaire avonden. Maar waar hij zijn moeder doorgrondt en eert, vertraag ik; wanneer hij zijn jeugdige worstelingen onthult, heeft hij me mee.
Ik kan me voorstellen dat het geluk niet graag alleen slaapt maar ik denk niet dat het geluk altijd naast de liefde ligt. [63] Alleen aan zee besef je hoe krap het soms is in je kop. [65] Ze weet dat ik de slechte gewoonte heb om 's nachts de voorbije dag over te doen. Dwangmatig lig ik na te gaan wat ik in gevoerde gesprek heb gezegd in het bijzonder verkeerd heb gezegd. [123]
Nu mijn vader is overleden probeer ik er het beste van te maken met de herinneringen die ik aan hem heb. Dit boek troost me in de periode van rouw die ik doormaak. Al is het absoluut geen rouwboek, maar een mooi menselijk en persoonlijk verhaal over hoe het is om iemands kind te zijn. Gezien en ongezien te zijn. Dat laatste soms gewenst maar ook soms ongewenst. Hoe we als volwassene blijven verlangen naar die momenten van symbiose die we hadden toen we heel klein waren. Zowel als ouder als als kind. En hoe het afscheid die poging tot symbiose voorgoed onmogelijk maakt. Of juist wel, in je hart en in je herinneringen. Of in een boek.
Het gebeurt zelden dat we beiden tegelijk hetzelfde boek lezen, Ivo digitaal en ik Anatool. Zo hebben we over 'Een ander leven' af en toe gesprekken gehad, soms over onszelf, in die verre jaren, want we leefden min of meer in hetzelfde tijdperk als Bart Moeyaert in Brussel of Antwerpen, of maakten soortgelijke kwesties mee, of net niet. Alledrie zijn we zevende zonen, aan het einde van een familiegeschiedenis in veranderende tijden, aan andere kanten van een klein land. Er was veel in Bart Moeyaerts 'privé-domein' dat ik herkenbaar vond. En sowieso is het ontzettend precieus geschreven. Ik vroeg me af en toe af waarom ik Bart Moeyaert nooit heb ontmoet, we hingen rond op dezelfde plekken met dezelfde mensen. Misschien is dat wel gebeurd, maar droegen we allebei hoogeffectieve zelfbeschermende afweertechnologie. Wie zal het zeggen? (Bedankt Wim voor het cadeau.)
Groots. Schijnbaar vloeien woorden zo makkelijk uit zijn pen. Zinnen zijn herkauwd, doorleefd. Ze zijn zalig. Wat een oprecht, soms ontroerend maar ook verdrietig en hard boek.