Jump to ratings and reviews
Rate this book

Mens en natuur. Een geschiedenis

Rate this book
Onze relatie met de natuur om ons heen is, op zijn zachtst gezegd, ingewikkeld. Mensen gingen niet plots een bedreiging vormen voor het leven op aarde nadat ze er eeuwenlang mee in harmonie hadden geleefd. Verschillende ideeën over de omgang met de natuurlijke omgeving - sommige duurzaam, andere ronduit desastreus - hebben altijd naast elkaar bestaan. We waren er ons al verrassend vroeg van bewust dat ons handelen een nefaste impact kon hebben op de natuur. Maar die bezwaren werden geregeld aan de kant geschoven.

Deze inleiding tot de milieugeschiedenis helpt de lezer te begrijpen hoe onze hedendaagse problematische omgang met de natuur en ons milieu tot stand is gekomen. Het is een introductie tot het recente onderzoek naar de relatie tussen mens en natuur doorheen de eeuwen, in de Lage Landen en ver daarbuiten.

313 pages, Paperback

Published January 1, 2024

5 people are currently reading
16 people want to read

About the author

Maïka De Keyzer

5 books3 followers

Ratings & Reviews

What do you think?
Rate this book

Friends & Following

Create a free account to discover what your friends think of this book!

Community Reviews

5 stars
1 (5%)
4 stars
6 (30%)
3 stars
10 (50%)
2 stars
1 (5%)
1 star
2 (10%)
Displaying 1 - 3 of 3 reviews
Profile Image for Fien Danniau.
100 reviews2 followers
November 13, 2024
Notities

Definitie EG
! gedeelde geschiedenis mens en natuur, EG maakt komaf met kunstmatige scheiding.
EG neemt het verhaal van de natuur mee in de interpretatie van maatschappelijke structuren en processen.
“De ecologische geschiedenis onderzoekt de co-evolutie van mens en natuur door de eeuwen heen en toont aan dat die relatie niet universeel, maar fundamenteel contextgebonden is.” (14)

Antropoceen= tijdperk van de mens maar je kunt discussiëren over startmoment, cfr geologisch, CO2, kolonisatie, IR, WOII en start consumptiemaatschappij (22)

Shifting baseline syndrome (SBS) < daniel Pauly (24)
In België bv ferrarisbossen

1. Mens en klimaat (Soens) (33)

De Grote Versnelling met sociaal-economische indicatoren bevolkingsgroei, stedelijke bevolking, GDP, energiegebruik, mestgebruik, watergebruik, dambouw, transport, communicatie, toerisme…
=> allemaal jaren 1950 als versnellingspunt
=> zijn historische vergelijkingen relevant? Heeft klimaatgeschiedenis zin?
- klimaatopwarming is systeemprobleem
De samenleving is verdeeld over detevolgen weg: ecomodernisten <> degrowth-beweging

Klimaatgeschiedenis?
- Von Humboldt en George Perkins Marsh: mens-vegetatie-klimaat
- 1900: verband fossiele brandstoffen en klimaatopwarming wordt gelegd
- 1960-: Le Roy Ladurie en gletsjeronderzoek Franse Alpen ; verschuiving wijnoogsten
- 1972: Club van Rome en Grenzen aan de groei
- 1979: eerste klimaatconferentie Geneve
- 1988: Nasa deelt met senaat start van Global Warming; oprichting IPCC/klimaatpanel VN
- 2000-: historici interesseren zich voor klimaat

1) paleoklimatologie - reconstructie klimaat - deep history, obv natuurlijke proxies
2) historische klimatologie: obv bronnen
3) interpretatie weerwaarnemingen (incl HK)
4) onderzoek naar groei wetenschappelijke kennis en maatschappelijke reacties

Klimaatextremen
- klimaatextremen goed gedocumenteerd in de bronnen en verzameld in compendia, bv. Euroclimhist voor Europa sinds 1500 (Pfister), Duizend jaar weer, wind en water in de Lage Landen (Buisman)
- “Kleine Ijstijden”: 200BC-150; 450-700; 1400-1900, = clusters van 20-40 jaar met koude winters en natte zomers in Europa.
- Little Ice Age Impacts op de sml: first (biofysisch), second (huishoudens, economie, gezondheid), third (sociale en demografische implicaties), forth (adaptatie en culturele reactie). Bv correlatie met heksenvervolgingen.
- hoe belangrijk is klimaat als drijfveer van maatschappelijke processen? Complexe causaliteit/covariatie gesimplificeerd in supernarratieven (vooral voor periodes met weinig bronnen)
- systeemtheorie als uitweg: mate waarin sml om kan met kleine of grote schokken varieert naarmate de kwetsbaarheid: bloei - toenemende kwetsbaarheid - tipping point (bv pest 1350). - systeemtransformatie
- kwetsbaarheid? Kolonisatie en ongelijke machtsverhoudingen verstoren vaak zorgvuldige omgang met milieu, aka Traditionele Ecologische Kennis.
=> hoe herstellen we TEK in huidige klimaatcrisis
=> ‘oplossingen voor de klimaatcrisis zullen we niet in de geschiedenis vinden. Toch is een historisch perspectief op die crisis hoogstnoodzakelijk. Geschiedenis legt de wortels brood van de problemen waar we vandaag mee geconfronteerd worden. … Geschiedenis toont dat cruciale evoluties zelden vanzelfsprekend of onvermijdelijk waren: er zijn altijd alternatieven en er waren altijd andere pistes mogelijk.””Soms is historischekennis ook direct nuttig:… er valt iets te leren uit de wijze waarop mensen vroeger met hun leefmilieu omgingen.”(53)

2. Landbouw (Lambrecht)
10000- vruchtbare sikkel
6000- W-Europa

Productie ~
Landbouwareaal (extensivering)
Landbouwopbrengst (intensivering)

Groene revolutie
Tweede helft 20ste eeuw stijgt rendement enorm, zowel van tarwe, rijst als mais
In W-Europa relatief weinig landbouwoppervlakte
<= ghost acres (soja, eerder guano)
<= sterke intensivering: wet ondz, technologie, organisatie
= mest, waterhuishouding, eliminatie flora&flauna, …

HONGER?
Amartya Sen wint nobelprijs voor analyse mechanismen achter hongersnood:
a) food availability decline
b) food entitlement decline en de sociale selectie daarvan=> armsten hebben honger

1) MEST
Structureel mesttekort, ondanks Drieslagstelsel en natuurlijke bemesting, ook met stadsafval.
1840 kunstmest
=> reorganisatie gronden en ldbactiviteiten want ook minder vruchtbare gronden werden bruikbaar
=> afvalstromen steden moet anders
=> in combinatie met stijging veestapel, overbemesting en eutrofiëring (nutriëntenoverschot)
= vertroebeling water
= vermindering diversiteit f&f
1996: mestactieplan
202x: stikstofdecreet

2) WATER
Van overschotten naar tekorten
Beddenbouw > ondergrondse drainage verbetert met mechanisering, overheidshulp, pvc, ruilverkaveling
Afvoer = meer grond en teeltkeuze
// meer watervraag voor serreteelt en veeteelt
=> buffering en infiltratie vandaag

3) BEHEERSING ONGEWENSTE F&F
Onkruid en ongewenste fauna grote bekommernis/probleem
1940 chemische bestrijding met herbiciden en pesticiden
=> enorme repercussies op insecten- en vogelbestand
=> giftig vr de mens (silent spring-DDT)

4) (RE)ORGANISATIE LANDBOUWGRONDEN
Ruimtelijke spreiding van percelen om risico’s te spreiden => grote fragmentatie en variatie vh landschap met houtkanten en kleine reliëfverschillen.
20ste eeuw: overheden stimuleren ruilverkavelingen om productiviteit te doen stijgen met wetten.
België: 1956-2000 1/5 ldbgrond herverkaveld en uitgebreid gedraineerd, met alle gevolgen voor habitats

5) WETENSCHAP EN TECHNIEK
Wetenschap: proefstations etc. Herbiciden, pesticiden, !diergeneeskunde
Techniek: tractoren vervangen paarden, eerst in Amerika, na WOII in Eur.
Steeds zwaarder, dieper, groter, monocultureel
=> aantasting bodemstructuur => erosie
=> bodemverdichting => beperkte water en luchtcirculatie
Cfr. Dust bowl (winderosie 19’30 dr monocultuur)

ECOLOGISCHE KOSTEN
Goedkoop voedsel en voedselzekerheid 1950-80 duur betaald met de degradatie van leefmilieu.

3. Het landschap als milieubepalende factor. Zandig Vlaanderen als voorbeeldregio (Thoen)(87)

- Landschap bepaalt/ is bepaald door de relatie mens en natuur.
- gelaagd, relicten zijn sporen uit vorige ‘fase’
- vanuit zichtbare onderdelen de vormende factoren onderzoeken
- Inzicht in ‘sociale agrosystemen’ om landschap te begrijpen = interactie tussen geografische en fysische factoren met maatschappelijke inrichting.

- toponymie < germaanse, karolingische tijd
- heerlijkheden met castrale motte’s in ME
- 16e E : 60% pachtgronden
- kouters = open akkerland binnen de dorpen - infield
<> outfield met bossen en weides buiten het dorp
- meersen en broecen: vruchtbare rivierdalen met maaigras, eveneens economisch waardevol infield, semi-privaat/common => gemeentegrond
- hoeves: 2-5 grote per dorp in ME, grote pachthoeves van hospitalen en abdijen
- dries, pleingehucht met centraal vee of droogweide en waterput
- late ME: perceelversnippering als gevolg van vererving

4. Voor altijd blauw. Mens en water door de geschiedenis heen (Soens)

Primaire zorg in tijden van klimaatverandering
Afhankelijkheid van kwetsbare technologische systemen
Omgang met water is verbonden met organisatie van de samenleving

HYDRAULISCHE SAMENLEVING (117)
Nu: Nauwe maar geen determinerende relatie van grote hydraulische werken en gecentraliseerde politiek
- irrigatiesystemen startten vaak lokaal
Casus: waterrechtbank Valencia
- autoritaire leiders lieten zich verleiden tot megalomane waterwerken met vaak grote ecologische en menselijke tol én ook wel terugslag op de staat, cfr. Pontijnse moerassen, Grote Kanaal en koerswijziging Gele Rivier in China
- koloniale en imperiale context, cfr Tenochtitlan, suezkanaal,
- schaalvergroting en werkgelengenheid, cfr. hooverdam
=> grote ecologische gevolgen én spiraal van afhankelijkheid van technologie

POLDERMANIE VAN DE LAGE LANDEN (124)
Omgang met kusten en rivieren
1) exploitatie: gebruik zonder ingrijpende wijzigingen, zoals afwateringsgeulen
2) modificatie: dammen, bruggen, oevers verstevigen, grachten rechttrekken.
LL al cfr 6de eeuw: terpen
3) transformatie: grootschalige drooglegging, die kon evenwel ook weer omkeren/transgressie na storm/uitputting landschap/gebrek aan onderhoud (na Romeinse tijd)
- LL ca 1000: 2de bedijkingsfase waarbij mensen terpen verlieten en permanente dijken gebouwd
- bodemdaling door inzakken veengrond waarbij akkerbouw weer onmogelijk werd
- onzekerheid omtrent water => dynamische nederzettingen/amfibische sml
- wanneer dijkwerken (schijnbaar) permanent zijn vestigen mensen zich in risicogebied (cfr overstromingen 17de eeuw)
- inpolderen als grote investeringsprojecten vanaf late ME
- 17-18de eeuw: polders als drieste kapitaaloverwinning op het water in Eur, met lokale conflicten in kielzog
- in koloniale context vaak mislukt (batavia, New Orleans)
=> ecologische ongelijkheid: armen leven in risicovoller gebieden

RIVIERNORMALISATIE
ME: water tegenhouden en gebruiken (molens, bevissen, schepen vertragen; veilige en vruchtbare winterbedding (meersen)
19deE: water zo snel mogelijk afvoeren door rivieren recht te trekken en verdwijnen meanders tvv akkerbouw, bouwen in overstromingsgebied

WATER IN STEDEN
< Guillerme, 3 waterregimes
1) 1000-1300: water als energiebron
2) 1300-1700: stilstaand water, vele types water met elk een functie
3) 1700-: stromend water met riviernormalisatie en ondergrondse pijpleidingen die zuiver van onzuiver water scheiden. Cfr ‘open/gesloten stedelijk metabolisme’ (< Duvigneaud, 1977)
(4) heden: hergebruiken en vasthouden van water

Waterbevoorrading is universeel probleem met diverse oplossingen, met wisselende rol voor bekkens, waterhuizen, putten en regenwater.
Einde 19de eeuw onzichtbare waterleidingen met drinkbaar water waardoor beheer niet langer een collectief goed is maar privaat, in relatie met netbeheerder.

=> Spiraal van toenemende complexiteit
=> Macht! infrastructuur en culturele omgang in fct van dominante groep

5. Crisis en transitie. Geschiedenis van energie (Rob) (141)

Geschiedenis van historische energietransities in de Lage Landen in relatie tot de bredere mondiale veranderingen op energievlak.
= geschiedenis van mens en natuur, want:
Mens zoekt naar energetisch voordeel dmv omzetten van natuurelementen/natuurlijke grondstoffen in energie: spierkracht - vuur - gereedschap - windmolens in ME - fossiel in NT (turf) als motor IR en welvaart
=> ongeziene energie-intensiteit vandaag
=> ongelijke welvaartverdeling
=> zware ecologische kost
=> energietransitie overstijgt technologie: fossiel is vervlochten met mtp

* energieregime = samenspel tss energiedragers, infrastructuur, wetgeving, eigendomsrechten, technologie en distributie dat is ingebed in politiek-economisch bestel en sociaal-economische belangen. (142)
- premodern regime obv biomassa en natuurelementen
- fossiel energieregime
- fossiel energieregime+olie en gas
* primaire energiedragers:
A) grondstoffen: hout, steenkool, olie, voeding
b) natuurelementen: zon, wind, water
* secundaire energiebronnen, afgeleiden zoals elektriciteit

OPKOMST KONING STEENKOOL
- Preïndustrieel: biomassa vr primaire energiedragers
Demografische groei zet druk op bossen, (van 70% opp in 1000 nr 30% in 1700 in Eur): gevoel van schaarste
- I(R)evolutie: nieuwe technologie, hogere arbeidsproductiviteit en hogere vraag nr energie/steenkool
! Trage evolutie, sterk afhankelijk vd nabijheid v steenkool
- Na WOII wint petroleum aan belang maar toch wordt productie en consumptie steenkool hardnekkig in stand gehouden (kolenslag v Achiel van Acker), cfr. Energieregime waar met diepe sporen afscheid van moet worden genomen
! Steenkool is nog niet overal verdwenen, piekt nu pas!

? Ecologische gevolgen van IR?
Malthus: fossiele brandstoffen namen ecologische beperking voor demografische groei weg. Industriële mtp is maw nt langer gelimiteerd door het omliggende land en de natuur.
Ontbossing blijft belangrijk (spoor- en stuthout)
Cfr. Ontbossing Madeira

Carbon democracy (mitchell): steenkool was brandversnelling voor democratisering gezien de economische cumul id Industrie kon die immers makkelijk plat worden gelegd.

Great Divergence: snelgroeiende kloof tussen industriële en landen en de rest dat vaak in koloniale verhoudingen veroordeeld is tot het leveren van grondstoffen en landbouwproducten(Great specialization)
=> grote internationale ongelijkheid

6. Dieren (Violette Pouillard) (171)
“De geschiedenis van dieren helpt om buiten conceptuele en geografische scheidslijnen rond de dualismen natuur/cultuur, reservaten/gebieden voorbehouden voor menselijke activiteiten, na te denken over natuurbehoud.” (190)

EXPLOITATIE EN VERNIETIGING VAN WILDE DIEREN
- ‘schadelijkheid’ moeilijk objectief vast te stellen, ecologisch tegengesproken.
Bv wolven, verdwenen uit W-Eur in interbellum, terug via de alpen in 1992: die jaagden ooit ook op kinderen , ‘gedrag dat vandaag niet meer wordt waargenomen, wat aantoont dat het gedrag van dizren samen met veranderingen in het milieu en de menselijke samenleving evolueert.’ (180)
- uitbuiting alom in tijd en ruimte, geïntegreerd in regionale en wereldhandelsnetwerken (cfr. Ivoor)

* Positie mens - dier
- Animisme vd prehistorie vergoddelijkt dieren , niet planten
- Mythes met wortels id oudheid met veel natuurgodsdienstige elementen, bv Egypte: ook verering rivieren en bergen etc
- Aristoteles, scalae naturae: natuur als hiërarchisch systeem
ME: natuur is louter nuttig, verdwijnt uit de kunst
- Scholastiek: mens boven natuur
- Arthur Lovejoy, ‘great chain of being’ (1936): mens boven alles en iedereen => vrijgeleide voor exploitatie

* Columbian Exchange
< Alfred Crosby, 1972
(Ongelijke) uitwisseling van planten, dieren en ziektekiemen tss Eur en N-Am
BIZON (1): bijna uitgeroeid eind 19de eeuw, voor huiden, leer. Vrouwen moeten huiden verwerken en verliezen voedselonafhankelijkheid. Economische winst naar handelaren en industriëlen, inheemse mtp verloor belangrijkste hulpbron, land, sociale cohesie en autonomie.

* dieren als (hulp)bron in imperiale netwerken die ongelijkheid vergroten

* vernietiging => bescherming
Beschermingsprogramma’s/campagnes bijna even oud en universeel als de exploitatie van dieren en natuur
- VMT, vooral in eilandcontexten waar de vernietiging sneller werd waargenomen.
- campagnes rond iconische diersoorten: olifanten, bizon, alpensteenbok.
- ook jagers zijn pro bescherming
- natuurreservaten met ideaal van wildernis zijn de facto en uit noodzaak interventionistisch (cfr inteelt, omheind, bijvoederen, economische en toeristische exploitatie, selectieve jacht en hetintroducties)
BIZON (2): gedrag van de bizon verandert nr semigedomesticeerd - ‘einde als wilde vrije individuen’
In Europa liggen de eerste reservaten in de Alpen - Gran Paradiso en het beschermd (jacht)gebied van de steenbok.
=> ook steeds uitsluiting van rurale gemeenschappen en (dus) verzet tegen parken dat dieren bekopen met drijfjacht en vergif
=> koloniale contexten: eerste lijsten van beschermde diersoorten ; oprichting parken <> productieve gebieden ( monocultuur en mijnexploitaties) buiten de grenzen met alle conflicten van dien tss mens en dier en mensen onderling
=> bron voor wetenschappelijke specimen

* natuurbehoud en -bescherming wordt globaal en wetenschappelijk
International Union for Conservation of Nature (1948)
WWF (1961)
Organisaties die gedomineerd worden dr westerse belangen en continuïteit voorzien met aanpak ik koloniale periode
- beheersmethoden worden wetenschappelijk maar nog steeds zeer invasief

* dierentuinen
Wilde dieren via vangstnetwerken => fokprogramma’s
Gevangenschap => (zelden succesvolle) herintroductieprogramma’s
Nieuwe discipline conservatiebiologie

! Dierenbescherming en natuurbescherming kennen gescheiden evolutie
1) strijd tegen dierenmishandeling gaat over lijden van individuen, ethische overwegingen
2) bescherming wilde dieren gaat over behoud van soorten die verbonden zijn met milieu, ecologische overwegingen
=> dierenhistorici maken de brug:
- geschiedenis van milieu met en via de ervaringen van dieren en
- leggen oa de banden tussen exploitatie van dieren en natuurbehoudmaatregelen
- agency v dieren tempert dat van de mens
- ‘de diergeschiedenis stelt ons in staat om zowel het belang van menselijke acties als de weerstand, de veerkracht en de aanpassingen van niet-menselijke dieren te bekijken, van individuen tot soorten, en zo tot een dynamische milieugeschiedenis te komen.’ (197)

7. Geschiedenis van de natuurbescherming (De Bondt)(201)

Natuurbescherming is heterogeen
- geen technische, wetenschappelijke aangelegenheid
- politiek, cultureel, sociaal, esthetisch, ethisch
- wetenschappers naast kunstenaars, politici, juristen….
- omgeving vr heterogene wetenschap
=> diversiteit aan opinies over welke natuur moet beschermd worden en waarom.

HETEROGENE GROEPEN EN MOTIEVEN
- eeuwenoud, transcultureel, obv verschillende natuurbeelden

1) vanuit statisch LANDSCHAP
* Yellowstone als beginpunt 1872
- territoriale afscherming van een grootse wildernis die verondersteld werd vrij te zijn van menselijke invloed.
- cfr. Wildernisideaal: v negatieve bijbelse connotatie naar positieve invulling , wildernis by design
- (john Muir, frontier-als nationaal topos, 203)
- parken als recreatiegebieden vr bourgeoisie
- bij gratie van menselijke afwezigheid => geen oorspronkelijke inwoners
- interventionistisch beheer
- inspiratie voor vele andere parken

* Fontainebleau en nationale patrimonium
- rurale landschappen, bos, heide, veen
- reactie tegen wetenschappelijke exploitatie
- ‘pittoresk’
- landschap als erfgoed-patrimoine-heritage
- inclusief mensen, traditionele boeren bv
- natuurbescherming modelleert zich nr maar monumentenzorg
- beschermingsgebieden zijn klein

2) vanuit beweeglijke SOORTEN
* koloniale jagers
Ging zo slecht met populaties dat sport in gedrang kwam => wetgeving, reservaten, diplomatie
- allerlei associaties v white male gentlemen <> inheemse ‘stroperij’
* economische waarde
- multilaterale verdragen, oa voor nuttige vogels

DOOR/VOOR WETENSCHAP
- Na WOI werd wetenschappelijke natuurbescherming gradueel onderdeel van staatsapparaat
- maakt natuur meetbaar, leesbaar, beheersbaar
- natuur als labo voor kennisverwerving met beperkte toegang
- ‘preservatie’ <> ‘conservatie’/duurzame ontwikkeling
- wetenschap informeert én biedt frames voor beleid:
* natuurlijke historie: focus op ‘zeldzaamheid’ en voortbestaan vd ‘soort’. Cfr rode lijsten en kweekprogramma’s
* plantengeografie: inventarisatie en kaarten als beleidsinstrumenten. Cfr. Jean Massart
* ecologie: ‘associaties’, milieu, evolutie, ‘climax’theorie. Cfr ‘ecosysteem’ (‘1935,19’60)
* menswetenschap: economie, antropologie. Cfr ‘duurzame ontwikkeling’ die natuurbescherming en burgerrechten koppelen
=> biodiversiteit
* conservatiebiologie en revival v reservaten

NEOLIBERALISME
Nieuwe partnerschappen:
Natuur als commodity, als product met verkoopwaarde
Fortress conservation
Ecosysteemdiensten (cfr uitstoothandel, compensatielogica.
Nieuwe wildernis creëren- rewilding (1990), naar menselijk idee

9. Rampen (De Keyzer) (255)
Hfdst volgens stadia in rampencyclus
Focus epidemieën

VOORGESCHIEDENIS EN CONTEXT ‘NATUURRAMP’
Term insinueert exogeen fenomeen
- gevolgen van eenzelfde ramp kunnen verschillen
- oorzaak brand kan menselijk zijn
=> wat maakt mtp kwetsbaar?
1) ernst vd schok (cfr maatstaven Richter etc)
2) kwetsbaarheid van groep en mtp’n
Cfr vulnerability approach
Cfr environmental justice (Love Canal)

SCHOK & REACTIE
Quarantaine, cordons sanitaires,
coördinatie, voorbereiding en daadkracht

SLACHTOFFERHULP
Verbindende solidariteit
Professionele interventieteams (rode kruis Zondebokken: individu, minderheden , marginalen, overheden, experten
! Buitensporig veel aandacht naar historische chaos en geweld maar meestal hield sociale weefsel gewoon stand en was solidariteit frequent.

LANGETERMIJN?
This entire review has been hidden because of spoilers.
Profile Image for Tibo.
29 reviews7 followers
May 27, 2025
Goed geschreven, te veel herhaling alsof ze elkaars hoofdstukken niet gelezen
Profile Image for Mika Bracke.
59 reviews
October 28, 2025
Offers a fresh perspective on environmental history and the future of our world. While I understand that this book may not appeal to everyone, I personally found it an enjoyable read.
Displaying 1 - 3 of 3 reviews