Diep in de Spaanse Estremadura heeft de afgeleefde Karel de Vijfde, eens keizer en koning, na zijn afdanking een fraai landhuis laten bouwen bij het klooster San Yuste, om er zijn laatste dagen te slijten. Het jaar is 1558. De dood is de voormalige heerser tot op een schrede genaderd. Dan speelt elke septemberavond een onzichtbaar blijvende muzikant op de gitaar en Karel luistert. De muziek woelt in hem een gewetensonderzoek van ongekende omvang los. De aardse monarch komt onder invloed van de muziek tot de slotsom dat hij in alles heeft gefaald: in zijn oorlogen, liefdesbetrekkingen, kettervervolging, zijn beheer van de Nieuwe Wereld dat slechts gruwel en en uitbuiting heeft meegebracht.
Theunis Uilke de Vries was een Nederlands (Fries) schrijver van vooral historische en sociale romans. Hij was ook actief als dichter, als toneel- en hoorspelschrijver, en hij schreef tevens biografieën en essays.
Hij heeft diverse prijzen gewonnen voor zijn werk. Zo ontving hij in 1962 de P.C. Hooftprijs voor zijn gehele oeuvre.
Het concept was interessant, de keizer reflecteerd op zijn rol in de geschiedenis en zijn "vrome" leven. Maar het duurt te lang en bouwt niet op en grijpt, een beetje in het wilde, steeds terug naar andere punten. Dit is waarschijnlijk een waarachtig beeld van de laatste maand van een stervende man, maar, god, ook doodsaai.