Naast haar Volkskrant-stukjes, die al jaren trouw in de herfst gebundeld worden, schrijft Sylvia Witteman reeds tien jaar columns voor Libelle. Een gulle selectie verschijnt nu voor het eerst in boekvorm. In Klein huiselijk leed deelt Witteman behartenswaardige adviezen uit 'Neem nooit een kat met lang haar. Echt niet. Ook niet wanneer hij/zij gratis is, zoals indertijd onze Lola.' Ze deelt bespiegelingen over interieurinrichting, waarbij de term 'bohemanian chic' een goed inzetbare mantel der liefde lijkt voor schoorsteenmantels vol rommel, souvenirs van reizen, een opgezette fret in gevecht met een slang, en een goudkleurig bord met daarop de fraaie spreuk 'De schoonste naam op 't wereldrond/Het schoonste woord uit menschen mond/Is Moeder'. Er zijn drie kinderen met eeuwig weerwoord, en, naarmate diezelfde kinderen steeds uithuiziger worden, de intiemere band met spullen. Zo is er sprake van broodrooster-overspel, rouw om de dood van een pepermolen en gesprekken met huisraad. 'Zoek ik een vervanging voor het drukke gezinsleven dat in wat kalmer vaarwater komt? Zeg ik dáárom tegen een zak met een half gesneden volkoren "Wat ben jij slordig opengescheurd"?' Dit alles en veel meer, gelardeerd met herinneringen aan haar eigen gecompliceerde jeugd en het gezinsleven van weleer.
Pfff, eindelijk uit. Ik lees ze graag hoor, die stukje van Sylvia Witteman maar dit is wel een overdoses dus ik ben er wel even klaar mee. Ook omdat ze stukje recycled en dan denk ik ‘dit heb ik toch al gelezen?’ Daarnaast heeft ze een aantal stopwoorden die het goed doen als je de spaarzaam gebruikt maar dat woord zit niet in haar vocabulaire. Dus voor mij even geen ‘hoongelach’, ‘grommen en brommen’ , ‘kokhalzen’ en alle vervoegingen van het werkwoord ‘spotten’ meer.