De Ogen van Solo van Reggie Baay is een bundel sfeervolle autobiografische verhalen over het leven van Indische Nederlanders op Hollandse bodem, in zorgvuldige stijl genoteerd door Reggie Baay.
De eerste druk verscheen in 2005; dit is de vierde druk. Adriaan van Dis schreef de volgende aanbeveling: "De Ogen van Solo is de geschiedenis van een vader verteld door een zoon, soms pijnlijk, dan weer ontroerend. Maar het is meer dan een persoonlijk verhaal, door detail en toon is het zeer herkenbaar, niet alleen voor lezers die een band met de oude kolonie Nederlands-Indië hebben, maar voor iedereen die geïnteresseerd is in migratie en ontworteling. Reggie Baay raakt een snaar uit het verleden die vandaag nog natrilt en ons opnieuw bezig houdt. Een roman die je aankijkt en meesleurt."
Reggie Baay (Leiden, 1955) studeerde aan de Rijksuniversiteit Leiden, waar hij zich specialiseerde in de koloniale en postkoloniale literatuur en geschiedenis. Van 1985 tot 2005 was hij als redacteur verbonden aan het tijdschrift Indische Letteren en publiceerde hij vele artikelen op het gebied van koloniale geschiedenis en koloniale literatuur.