De schrijfcrisis in het Nederlandse onderwijs werd minder opgemerkt dan de leescrisis. Maar ook de resultaten van het Nederlandse schrijfonderwijs vallen al decennialang tegen. Schrijven krijgt in het basisonderwijs maar weinig aandacht, en in het voortgezet en hoger onderwijs wordt het hoofdzakelijk als technische taalvaardigheid onderwezen. Veel internationale ontwikkelingen in het schrijfonderwijs gingen in de 20e eeuw aan Nederland voorbij, en opleidingen voor professionele schrijvers kwamen er pas onlangs, mondjesmaat.
Het schrijfonderwijs in Nederland is al met al nooit van de grond gekomen. Het is dringend nodig sterk en betekenisvol schrijfonderwijs te gaan geven. De opkomst van generatieve AI en schrijvende chatbots als ChatGPT maakt de ontwikkeling van eigen schrijfvaardigheid alleen maar noodzakelijker.
Voor het basisonderwijs en voortgezet onderwijs zijn nieuwe kerndoelen en eindtermen in de maak die ons alle ruimte geven schrijfonderwijs zo in te richten dat alle leerlingen goed leren schrijven. In dit boek schetsen leraren, leerlingen, lerarenopleiders, beleidsmedewerkers, methodemakers, toetsexperts, onderzoekers, schrijvers, journalisten en dichters hun ervaringen en inzichten en laten daarmee zien hoe het Nederlandse schrijfonderwijs heringericht en verbeterd kan worden.
Deze bundel bespreekt het schrijfonderwijs in de breedste zin van het woord. Dit maakt dat niet iedere bijdrage voor iedereen even nuttig zal zijn. Het bestrijkt PO, VO, en HO.
Ook de schrijvers verschillen nog wel eens van mening, Dit maakt dat er zowel pareltjes te vinden zijn alsmede een aantal bijdragen die enige frustratie oproepen. De bundel brengt daarmee weliswaar een interessant panorama over schrijfonderwijs in Nederland, maar verliest daarin ook richting.
De focus ligt op schrijven als denkproces en schrijven als creatieve activiteit. Ik miste af ten toe de waarde van conventies en hoe deze te combineren met de vrijheid die schrijven kan bieden.