Filosofiehuis Het zoekend hert - The searching deer riep met De Nieuwjaarslezingen een bijzondere traditie in het leven: rond de jaarwisseling reflecteert telkens een bijzondere denker uit de Lage Landen over het jaar dat komt en alles wat hem of haar prikkelt. De lezing van Anne Provoost is een bevlogen pleidooi voor de waardering van literaire fictie, een genre dat nu minder populair lijkt te worden maar van onschatbare waarde is voor onze cultuur. Net als de twee vorige Nieuwjaarslezingen wordt deze tekst uitgegeven in een handzaam formaat (11 x 17 cm), met zwartlinnen kaft, goudopdruk, leeslint, hoogwaardig papier en een afdruk van het handschrift van de meester of meesteres.
Herlezen met het oog op een schrijfdocent-sessie autobio door Anne Provoost. Die zal wellicht haaks staan op waar ze in deze heerlijk uitgegeven nieuwjaarslezing door het filosofische huis 'Het Zoekend Hert' voor pleit, nl. dat men (lees: vooral hoogopgeleide, belezen mannen) tegenwoordig bon ton beweert nog louter fictie te lezen, omdat verzonnen verhalen niet leerrijk en dus tijdverlies (zouden) zijn.
Als eclectische veellezer spreek ik dat hartstochtelijk tegen, maar Anne Provoost doet meer: ze analyseert en documenteert hier haarfijn wat fictie (lezen) met ons doet, zowel neurologisch, psychologisch als filosofisch. Kort en krachtig boekje dus, dat een lans breekt voor de in het onderwijs, de maatschappij en het dagelijks leven steeds meer in verdrukking rakende kracht van de verbeelding. Ik kreeg er zin van om nu ook Kris Pints inspirerende De wilde tuin van de verbeelding te herlezen.