Het begon zo onopvallend dat wij niet doorhadden dat het begonnen was. Mama stopte even met wandelen op straat. Het leek alsof ze genoot van het zonnetje of luisterde naar een vogeltje. Een paar seconden en dan stapte ze weer verder. Ook toen ze thuis op de tafel steunde om niet te vallen, dachten wij dat ze het gewoon fijn vond om de groeven in het hout te voelen. Ze kuchte af en toe, bleef halverwege de trap even staan om uit te blazen.
De mama van Seb en Bas vertelt dat alleen een drakenei haar nog kan redden. De twee jongens weten niet zo goed of ze bedoelt dat ze ongeneeslijk ziek is of dat ze werkelijk kan worden genezen door zo’n drakenei. De broers beslissen voor alle zekerheid om op zoek te gaan naar iets wat niet bestaat. En ze hebben exact één nacht de tijd om dat te vinden.
Twee broers, Seb en Bas, horen van hun moeder dat ze ernstig ziek is. Al een jaar, en ze heeft niet lang meer te leven. Hun vader is een tijd geleden ook al overleden, door een hartaanval. Seb en Bas zullen wezen worden. Ze hebben dan alleen nog elkaar.
Dit is de heftige start van het boek Bro’s, waarin de ‘bro’s’ Seb en Bas samen hun verhaal vertellen; op een heel bijzondere manier. Ze wisselen elkaar namelijk elk hoofdstuk af en vertellen wat ze samen meemaken opnieuw. Dan vertellen ze iets meer, of net iets anders, over dezelfde gebeurtenissen. Zo vertraagt het verhaal, en krijg je het dus van twee kanten te horen.
Je kunt herkennen wie er aan het woord is: Seb heeft altijd groene kleren aan en daarom is op ‘zijn’ bladzijden een groene band te zien. Bas draagt altijd rood en zijn hoofdstukken hebben een rode band. Dat hún perspectieven naadloos in elkaar overlopen zit ook zo mooi in hun namen: SebBas vloeit samen. En het wisselen van perspectief op deze manier is echt prachtig gevonden, want het past zó goed bij dit verhaal.
De moeder van Seb en Bas vertelt de jongens dat ze niet lang meer leeft. En op hun vraag wát ze dan toch kunnen doen antwoordt ze: alleen een drakenei kan mij genezen.
En dan besluiten de bro’s in het holst van de nacht het huis uit te sluipen, om die ene opdracht te volbrengen: het vinden van een drakenei. Een onmogelijke opdracht? Niet als je ziet wat Seb en Bas zien. Eerst praten ze met twee begrafenisondernemers bij een bushalte: ze hebben een doodskist bij zich. Dan ontmoeten ze twee meisjes in een cabriolet, komen ze bij een verlaten kermis en uiteindelijk bij vier deuren die hen naar een sprookjeswereld leidt. Iedere ontmoeting brengt ze iets dichter bij… bij wat eigenlijk? Is dit geen onmogelijke opdracht?
Ik wil niks verklappen over de afloop, maar je kunt al raden dat het verhaal steeds raadselachtiger wordt. Seb en Bas lijken hun ultieme opdracht te willen volbrengen om hun moeder bij zich te kunnen houden. Dat brengt ze dichter bij elkaar dan ooit, en dat zullen ze hun hele leven nog nodig hebben.
Bro’s is geschreven door een Vlaming en dat is te merken in het ‘schone’ taalgebruik waarin zinnen of uitdrukkingen soms net anders lopen. Leue speelt met taal, hij laat de jongens hardop woordgrapjes maken en filosofische vragen stellen; het boek staat er vol mee.
“Maar de tijd is geen pannenkoek. Je kan hem niet omdraaien. Je kan de tijd niet zoeter maken. Je kan de tijd niet oprollen. Je kan de tijd niet stapelen. De tijd is er en hoewel de wijzers alle kanten uit wijzen, wijzen ze eigenlijk vooruit.”
“‘Klauteren is de vergrotende trap van klimmen, zoals houden van de vergrotende trap is van graag zien.’ ‘Dan klauter ik van mama,’ zei ik.”
Bro’s leest ook als een spannend fantasieverhaal met een realistisch randje. Het deed me bijvoorbeeld ook wel denken aan de boeken over Flin en Juniper van Henry Lloyd.
De illustraties zijn bizar mooi, vooral van de allereerste sloeg ik steil achterover: een dromerig beeld van een moeder in bed met aan weerszijden haar zoons. De illustraties zijn echt heel bijzonder gemaakt, alsof er een waslaagje overheen zit. Dat maakt het mysterieus en héél passend bij het verhaal.
Ik vind het lastig om dit boek in een hokje en een leeftijdsgroep te plaatsen. Het is geschikt vanaf 9-10 jaar maar ook voor volwassenen nog ongelooflijk mooi. Het gaat over verlies, de dood, ziekte, maar ook over hoop en de wereld van de fantasie. Bovenal gaat het over broederliefde die onvoorwaardelijk is.
“Dit ogenblik wilden we onthouden, ons leven lang. Want nooit zouden we zoveel liefde kunnen voelen. Daar, samen met mijn moeder en mijn broer, dacht ik maar aan één ding. Het leven wint altijd.”
Broers. Bro´s. Tweelingbroers zelfs. Zo verschillend en toch gelijk. En een alleenstaande mama. Die ontzettend veel van haar kinderen houdt. Maar die ongeneeslijk ziek is en zelfs daarin haar kinderen extra leed wil besparen. En dus maar zegt dat er 1 iets is wat haar misschien beter kan maken.. Maar dat is buiten de twee broers gerekend die - zoals het echte zonen en broers betaamd - alles voor hun lieve mama willen doen. Dat is de dynamiek van het boek. En dan begint het .. Het grappige tussen de (z)waarheid. Prachtige gelaagde zinnen. Ik wil huilen en glimlachen tegelijkertijd. De jongetjes omarmen. Met ze mee hopen .. en verwerken. En herinneringen bouwen. En ze aan elkaar (ver)binden. Met de kinderlijk naieve, maar hartverwarmende wijsheid van een tien(?)jarige. Ga dit boek echt lezen. Het is zó mooi! Ik wil elke bladzijde van dit boek delen, maar dat doe ik niet. Want dit boek moet je in je handen hebben om te lezen. Om de pauzes te voelen. Om dat traantje weg te pinken wat volgens mij elke moeder gaat doen.
De opbouw is ook heel bijzonder. Het benadrukt het verschil tussen de twee broers. Seb is de rustige, de piekeraar. Bas is de fantasierijke, de dromer, de in het-nu-lever. En het boek toont dat verschil hoofdstuk na hoofdstuk vanuit de ogen van één van beide. Door het kleine accentje van de groene en rode band op de pagina´s. Door onderscheid in hun karakters, in hun kleren, in hun reactie. Met elke keer overlappend een klein stukje van de gebeurtenis en een illustratie. Die andere visie is verfrissend. Doet je beseffen dat je eigen ogen een gebeurtenis kleuren. Heel bijzonder.
Ik zag eerder ook de theatershow van dit boek en heb alleen maar lovende woorden voor de beide. Ga de voorstelling kijken (als het nog kan). Ga het boek lezen (dat kan). Want beide zijn een aanrader om het thema van een ongeneeslijke zieke ouder bespreekbaar te maken met kinderen. Met een knipoog die de humor steeds ook dichtbij houdt in dit moeilijke thema.
De mama van Seb en Bas vertelt de jongens dat ze ziek is. Heel ziek. Dat de dokters alles geprobeerd hebben en dat niets haar nog kan redden.
Tenzij…ze een drakenei vinden.
Vastbesloten om alles te doen om hun mama te redden gaan Seb en Bas op zoek. Een zoektocht naar een drakenei. En ze hebben exact één nacht de tijd om dat te vinden.
Ik spotte Bro's bij een mede-bookstagrammer en was meteen verkocht aan het verhaal.
In Bro's ga je mee in de gedachten van de twee broers Seb en Bas. Hun ongeremde, fantasierijke en kinderlijke gedachten maken het verhaal tot wat het is. Je zit als het ware in het hoofd van de twee jongens en voelt de wanhoop die ze voelen om hun mama in leven te houden.
Je voelt de band van de tweelingbroers glashelder doorschemeren in Bro's, maar wat nog duidelijker naar voor komt is hoe verschillend de broers eigenlijk zijn, maar hoe ze elkaar mateloos aanvullen.
Bro's is een prachtig verhaal aangevuld met krachtige illustraties die feilloos aansluiten bij het gevoel van het boek. Een hartverwarmend maar triest verhaal, dat laat zien hoe ongrijpbaar het leven is. Maar hoe geloven in het onmogelijke alles ook net dat tikkeltje hapbaarder maakt.
Twee broers, totaal verschillend, maar met hetzelfde diepe verlangen om hun moeder te redden van de dood, gaan op pad om een drakenei te vinden. Want heel misschien is dat wat hun moeder bedoelde, toen ze zei dat alleen een drakenei haar nog kan genezen. Of bedoelde ze toch iets anders, want waar vind je een drakenei? Seb en Bas vertellen ieder hun eigen verhaal, om de beurt, op de afwisselend rood en groen gemarkeerde bladzijden. Dezelfde nacht, hetzelfde avontuur, twee verschillende verhalen maar wel met dezelfde afloop. Want sommige dingen gebeuren nu eenmaal.
Voor een andere leeftijd geschreven dan 'Zoef!' van Janneke Schotveld of 'De trein van vier over twaalf.' door Conny Palmkvist maar alle drie gaan ze over die niet te vervullen wens: 'alsjeblieft niet doodgaan'. En helpen ze ieder op een geheel eigen manier om daarmee om te gaan. Mooi.
Prachtig geschreven jeugdboek over loslaten en omgaan met verdriet. De schrijver gebruikt een erg rijke taal, verzint nieuwe woorden en kan zeer expressief omschrijven. Op die manier heb je praktisch het gevoel dat je zelf deelneemt aan het avontuur. Het gaat over tweelingbroers die hetzelfde avontuur beleven en elk op hun eigen persoonlijke manier omschrijven. Super idee om voor de ene broer groen en voor de andere rood te gebruiken. Subtiel, maar de gekleurde lijn zorg voor duidelijkheid. Zeker een aanrader voor +10 jaar.
Mooi verhaal over 2 broers die hun zieke mama willen redden. De 2 verschillende karakters in het verhaal geven een leuke dynamiek. Het is een heel fantasierijk, avontuurlijk verhaal. Prachtig geïllustreerd door Alain Verster. Speciaal aan dit boek is dat je een hoofdstuk 2 keer leest, telkens door het oog van 1 van de broers. Je herkent welke pagina's van welke broer zijn door de kleuren (groen en rood). Zeker een aanrader voor lezers vanaf 10j.
Prachtig fantasie/avonturenverhaal over twee broers die de hoop niet verliezen en op zoek gaan naar een levensreddende oplossing voor hun doodzieke mama. Het taalspel van de schrijver maakt dat het zeker ook een aanrader is voor volwassenen.