Lara groeit op in een bruisend gezin van vijf kinderen. De jongste, het nakomertje, heet Wolf. Op zijn achttiende trekt hij de deur van zijn studentenkamer achter zich dicht om niets meer van zich te laten horen. Een halfjaar na zijn verdwijning wordt zijn lichaam levenloos aangetroffen in een bos in Lapland. Onder zijn kleren vinden de speurders zijn dagboek terug, het verslag van zijn laatste reis naar het noorderlicht. Tien jaar later slaat Lara het dagboek van haar overleden broer weer open. Ze kijkt terug op haar kinderjaren in een warm nest, de woelige maanden van Wolfs vermissing en de nog woeliger jaren na zijn dood. In dat verhaal probeert ze een positie in te nemen, als schrijver en als zus. Op die manier maakt ze haar eigen reis, een zwerftocht van rouw, niet op zoek naar verklaringen, wel naar stipjes licht in de duisternis. Wolf is een waargebeurd verhaal, een beproeving voor een auteur die zich, net als haar broertje, altijd heeft laten leiden door haar verbeelding en de drang om verhalen te vertellen. Een onversneden ode aan de literatuur en de onweerstaanbare aantrekkingskracht van fictie.
Lara Taveirne schreef een thesis over liefdesverdriet. Ze schreef ook een keer een brief, waarmee ze zichzelf toegang verleende tot een vervallen sluiswachtershuis. Dertien jaar lang woonde ze onder een lek dak, verstoken van luxe en lawaai, maar dicht bij de natuur. Zo nu en dan schrijft ze ook een roman, zoals De kinderen van Calais (winnaar Debuutprijs 2015) en Wolf (longlist Libris Literatuur Prijs 2025).
In 2013, terwijl de drukte van mijn schrijversverjaardag aan de gang was, ging er in mijn privéleven één en ander aan het schuiven, en begon — buiten beeld — een pijnlijke periode. Na het lezen van ‘Wolf’ van Lara Taveirne relativeer ik die lastige tijd onmiddellijk. Lara is familie van me. Het nieuws van de verdwijning en de dood van haar jongste broer kwamen dat jaar rauw binnen. Wat je moet weten is dat ik in 2006 als Stadsdichter van Antwerpen de ouders van de vermoorde Luna heb omhelsd. Volgens mij heb ik toen voor het eerst het Verdriet Zelve omhelsd. Sinds die omarming stamel ik als het over verdriet, rouw of verlies gaat. Je kunt iemand met je hele lijf sterkte toewensen, het blijft toch maar één woord. Sterkte. Een bevlogen boek lang richt Lara zich tot Wolf, die op z’n achttiende aan een reis met een welbepaald eindpunt begint. Je voelt de hartslag van deze middelste zus. Met haar witregels dwingt ze je naar de volgende alinea te springen, adem te happen, en haar soms lichte, soms donkere denk- en gevoelswereld in te duiken.
Aangezien ik dit boek twee keer vlak na mekaar gelezen heb, denk ik wel dat ik 10 sterren mag geven. Voor mij is het alsof de auteur me meenam op verschillende reizen, reizen die elkaar kruisten. Er was een reis naar haar jeugd in dat heerlijke chaotische grote gezin, er was de laatste reis van Wolf naar het Hoge Noorden en dan is er haar reis naar Wolf, de zoektocht naar wie haar broer was, en hoe hem tenslotte te laten gaan zoals dat ballonnetje van de kermis. Ik vond het boek heel ontroerend, eerlijk, echt, gewoon. Er is veel herkenbaar in het boek, over hoe familie, over hoe vrienden, willen helpen en deel uitmaken van het rouwen, maar hoe je ook omringd wordt, afscheid nemen doe je sowieso alleen.
Waarom las ik twee keer dit boek, en wel gewoon van de laatste bladzijde opnieuw naar de eerste? Toen het boek uit was had ik het gevoel dat ik niet klaar was, dat ik veel gemist had omdat het boek mij in eerste instantie voortjoeg op die reis naar Wolf. Dus, daarom een onmiddellijke tweede lezing, trager. Ik kon die zoektocht nog niet stopzetten. Ik hield van het jeugdige van Wolf, de herkenbaarheid van enerzijds de branie en het gewild grappige en grootse, en daarnaast zijn kwetsbaarheid.
Hieronder een quote over de lange rij mensen die na de uitvaart de familie kwamen groeten. "Bij elke hand hoorde een mens die bij een bepaalde periode uit ons leven hoorde. Daardoor was elke handdruk ook een afscheid van ons vroegere zelf. Jouw dood had een barst veroorzaakt, een breuklijn dwars door ons leven, waardoor ons ongeschonden zelf voor altijd onbereikbaar aan de overkant lag."
Het boek is een sensatie en een bestseller, en terecht. Ik heb Wolf gelezen van de Vlaamse schrijfster Lara Taveirne. In de roman vertelt ze over de verdwijning van haar jongere broer. Hij werd maanden later dood teruggevonden in een bos in het noorden van Zweden, zijn dagboek op zijn lichaam gebonden. Lara Taveirne vertelt in het boek over de twijfel, de ontreddering, de rouw van haarzelf en haar familie. Over hun kindertijd. Haar broer heette Wolf.
Wolf is een prachtig en ontroerend boek, dat breed aanspreekt door het dramatische avontuur van de broer; ik was zeer gepakt door het verhaal over de bedelaar, over de prostituee. Er zijn ook veel boeken aanwezig in deze roman.
Zus Lara schrijft het verhaal van haar broer. Deze roman gaat dus vooral over verlies en pijn, maar ook over de verhouding fictie – autobiografie. Het is onvermijdelijk haar interpretatie van zijn leven. Het is een niveau dat de tekst dieper maakt, dat de verhoudingen tussen Lara’s broer, haar familie en haarzelf problematiseert. (Vader heeft stukken van het dagboek weggelaten. Echt gebeurd.) Zo gaat Wolf ook over vertellen en verzinnen, over het schrijven en de literatuur zelf. Ik heb heel hard van dit boek genoten. Aanrader.
Dit is tot nu toe één van de weinige Nederlandstalige boeken waarvan ik van begin tot eind heb van kunnen genieten. (Vergeef mij, ik heb nog niet veel nederlandse literatuur gelezen maar ik ben wel van plan om dat dit jaar (2026) te veranderen). Zelfs nu vind ik het lastig om de juiste woorden te vinden. Dit boek is prachtig en hartverscheurend. Je voelt mee met de familie en je ziet hoe het de familie voorgoed veranderd. Ik laat niet snel tranen vallen maar tijdens het lezen van dit boek zijn er zeker wel een aantal tranen gevallen. Ik voelde mij zelfs leeg toen ik het boek uithad.
Mooie schrijfstijl/proza. Zeer goed te volgen. Meesleepend boek.
"Dat ik het schrijf is omdat ik me, net als jij, alleen gewapend in het donkere bos durf te wagen. Met een houten zwaard. En met een verhaal als een harnas om mijn lichaam gebonden."
———————————————————————— Immediately after finishing the book in 2025:
my first dutch book of 2025. So, I finally finished it. This was a difficult read. The end emotionally wrecked me. (Yes, some tears did fall). I infact feel empty after finishing it. 10/10 book.
What makes it more difficult to read and heartbreaking is that it's actually based on the authors life.
Het is uniek dat een auteur zo’n persoonlijk, snoeihard verhaal op zo’n ontroerende, meeslepende, liefdevolle, literaire manier aan ons toevertrouwt. Ik heb het boek verslonden en gekoesterd. Ik las het bijna zonder adem te halen uit en vind het prachtig hoe Wolf in de hoofden en harten van zoveel lezers opnieuw een beetje tot leven mag komen.
(In combinatie met Autobiografie van mijn lichaam van Lize Spit) 4,25
Dit is geen officiële recensie. Ook geen officieuze. Dit is het ietwat nonchalante verslag van een leeservaring. Ik hoop dat Lara Taveirne en Lize Spit het niet erg vinden als ik hen hier naast elkaar plaats. Er zijn wel meer overeenkomsten maar de grootste gemene deler lijkt me dat jullie allebei zo onvergelijkelijk jezelf zijn en in de portretten van een broer en een moeder ook júllie eigenheid van kruinsprietje tot teennagel aan ons kenbaar maken.
Klinkt dapper dapperder dan moedig? Want dan kies ik dapper. Dapper de keuze om de vraagtekens rond het leven en het overlijden van een dierbare om te buigen tot letters. Dapper de volharding om de gekozen stijl, toon en vorm tot aan de eindmeet consequent te volbrengen. Dapper om daarbij te botsen op het onzegbare en met een ladder aan woorden er telkens overheen trachten te klimmen. Dapper hoe jullie beeldspraak inzetten als een extra ruk aan de katapult om woorden harder en dieper te doen raken. (Maar dan met betere metaforen dan de mijne.) Dapper de toewijding om een dierbare en de emoties die in en rond deze individuen cirkelen waarachtig en respectvol in te kleuren. Dapper de precisie en openheid waarmee jullie leed getrotseerd wordt en uiteindelijk gekanaliseerd richting etalages van lokale boekhandels.
Deze boeken zijn meer dan een mentale striptease, dieper dan een blootlegging van de ziel, dit is functioneel naakt: jezelf binnenstebuiten keren met uitsluitend letters, woorden, zinnen om je weer aan te kleden, zonder jezelf onderweg te verliezen aan boosheid, hooghartigheid, minachting. Functioneel omdat er dankzij het eenpersoonsperspectivisme waarmee verleden, heden, gezinsleden, jezelf, Wolf of Lize’s moeder worden belicht, uiterst veel valt te leren voor de lezer rond hoe om te gaan met zware beproevingen en trauma.
Het bevreemdde me: me verheugen een boek open te slaan om telkens weer in de tragedie te worden ondergedompeld. Deze opengeslagen dagboeken deden me pijn, met een verdriet dat me overviel juist omdat er uit de tentoongespreide menselijkheid, mildheid en fragiliteit een torenhoge gunfactor oprees: het gunnen dat mooie mensen als jullie het minder hard te verduren hadden gekregen. Het ware immers beter geweest dat er geen reden was voor deze sublieme getuigenissen. Deze boeken hadden nooit geschreven moeten worden.
Wellicht geldt Newtons Wet van behoud van energie ook voor de menselijke psyche. Geen emotie gaat ooit verloren. Alles wat de één zendt, verzwijgt of berokkent … creëert bij de ander wijzigingen in het gemoed, in de geheugengroeven, in de druk op de schouders en in de bagage voor onderweg. Gebrekkige empathie en onuitputtelijke empathie verhouden zich hierbij als culminerende vaten. Zwaktes worden opgevangen met veerkracht, leegtes met letters. De schoonheid van de troost. En als er geen troost meer rest, dan maar de schoonheid. Gelukkig zit er catharsis en zelfs een schuchtere poging tot verzoening in jullie finales.
In het allereerste gesprek met een vrouw -die later mijn vrouw zou worden- polste ze naar mijn persoonlijkheid en passies door te vragen of ik eerder 1 km breed en 1cm diep ben, of 1km diep en 1cm breed. Wel, de literatuur is sowieso 1 km breed en 1km diep: van maatschappelijk relevant tot sprankelend van de uitzinnige verbeelding, maar ook als bodemloze bron van inzichten rond hoe je in godsnaam mens onder mensen moogt, kunt, moet zijn. Zoals twee dappere vrouwen die schrijven over een broer en een moeder en proberen zichzelf weer heel en geheeld te maken.
A Dutch-language book in which the author bids farewell to her youngest brother, Wolf, who travelled to his death in the forests of northern Sweden. Naturally, it's a deeply personal and moving story. No English translation (yet), Dutch review below.
Rouwboeken zijn een populair genre. Dat klinkt onbedoeld een beetje denigrerend. Tal van schrijvers, in ons taalgebied en daarbuiten, hebben hun gevoelens bij het afscheid van een dierbare verwerkt in meestal aangrijpend, uit de aard zelf, erg intiem proza, waardoor dat uitstijgt boven het meer klassieke verhalende werk. Ik denk aan Tom Lannoye (Sprakeloos), Erwin Mortier (Gestameld liedboek: Moedergetijden), A.F.Th. Van der heyden (Tonio: een requiemroman), enzovoort. Velen zullen er zich herkennen. En toch is elk boek, is elk soort rouw anders, omdat de relatie tot de dode anders is (ouder, kind, geliefde…), of de omstandigheden anders zijn (plotse dood, slepende ziekte, jong, oud…).
Dit rouwboek van de Vlaamse schrijfster Lara Taveirne is bijzonder omdat het om een erg jong iemand gaat, “Wolf”, haar broertje van 18 jaar, die er bewust voor koos uit het leven te stappen. Op een mooie dag verdween hij, pas een half jaar later werd zijn lichaam teruggevonden in de ontdooide bossen van Noord-Zweden. Taveirne beschrijft de vertwijfeling bij de verdwijning, de schok bij de vondst, en vervolgens het hele rouwproces.
Zoals dat gaat bij zelfdoding is er de queeste naar de beweegredenen, en het peilen naar het schuldgevoel ("had ik niet meer …"). Aangrijpend, uiteraard, maar knap is dat de schrijfster ook haar eigen ambiguïteit aankaart: hoe is het mogelijk om in volle rouw, en ook nog na langere tijd, “normaal” te kunnen leven, normale, banale gevoelens te kunnen hebben.
Serendipiteit is een raar fenomeen. Ik las dit boek nietsvermoedend vrij kort na Into the Wild van Jon Krakauer, over de jonge Chris McCandless die de wildernis van Alaska opzocht en daar (wellicht ongewild) zijn dood vond. “Into the Wild” en ook de onvermijdelijke On the Road van Kerouak komen bij Taveirne expliciet aan bod. Maar met evenveel parallellen als verschillen, het mysterie blijft dus.
Rond het midden van het boek volgt een postmodern zijpad, waarbij Taveirne zich vragen stelt bij de waarachtigheid van Wolf’s laatste dagboeknotities, haar eigen narratief over zijn verdwijning en de gevoelens die dit bij haar en haar familie opwekt. “Ik wil je terugschrijven”, noteert ze bij het begin, om op het einde te moeten vaststellen “ik kan je niet meer terugschrijven”. Persoonlijk werd ik iets meer geraakt door Taveirne’s vorige boek Pluto: aan het einde van de weg rechtdoor, maar voor dit afscheid nemen en loslaten van haar jongste broer, kan je alleen maar het diepste respect opbrengen.
Dit boek gaat niet over Wolf. Het gaat over de schrijver/protagonist en hoe haar leven overhoop is gehaald door het tragische besluit van Wolf. Zij wil haar broer terugschrijven op zijn nooit gestuurde afscheidsbrief. Echter zoals zij opmerkt aan het einde: “Inmiddels ben ik erachter gekomen dat dit onmogelijk is, dat ik je op zoveel manieren kwijt ben geraakt dat ik alleen daarover kan schrijven” (pg 210).
Het boek gaat over hoe het leven van de schrijver betekenis heeft gekregen juist door de reis van Wolf. En die eerlijkheid levert pareltjes van overdenking op. Aan het begin de prachtige zin: “Je kwam elke dag niet terug” (pg 9) en “Het stukje dat ik had afgelegd overspande de afstand tussen wie ik altijd was geweest en wie ik nooit meer zou worden” (pg 12/13). Het is een integer geschreven relaas over herinneringen die vervagen en het framen in woorden van het leven van de broer, waarbij de waarom-vraag niet beantwoord kan worden en misschien ook niet meer zo belangrijk is.
En toch weet ik niet goed wat ik moet met dit boek. Gevoelens van voyeurisme doen me ongemakkelijk meevoelen met het hele gezin. Ook daaraan worden woorden gewijd op pg 54 en 55: degene die de stilte doorbreekt wordt nooit vergeven, die moet leren zichzelf te vergeven. Gezien de wijze waarop het verhaal is geschreven gun ik dat de schrijfster van harte. Dit type verhalen blijft echter zo niet mijn genre.
lang wakker gebleven lezende tijdens de nacht tussen twaalf en dertien december, toevallig of niet exact twaalf jaar nadat Wolf mogelijks ook lang wakker bleef, iemand dicht vertelde me ooit over hem waardoor alles dichter voelde, dit verhaal is ont-zettend droevig maar teder en raak en hemels in woorden gegoten
het leest als een trein en dat is misselijkmakend symbolisch
Traag lezen was een noodzaak. Waar geen woorden voor zijn, schept Laura een sober, eerlijk, wonderschoon doorwroeten van een overwerkbaar verdriet, en hoe een gezin z'n grondvesten verliest.
Ik voel wat schroom om over 'Wolf' te spreken. 'Wolf' is voor mij namelijk een boek dat ik met zeer veel geestdrift en gewiegd door heerlijke zinnen in een ijltempo heb uitgelezen. Ik liet het avondeten nog net niet aanbranden en ging er zelfs even mee op een speelplaatsbankje zitten tijdens mijn ochtendtoezicht voor er al te veel leerlingen op school waren die dat toezicht ook daadwerkelijk nodig haden.
'Wolf' is voor mij een dierbaar boek geworden. Hoog op het lijstje van boeken-die-je-moet-gelezen-hebben.
Maar Wolf is mijn broer niet, ik heb Wolf nooit gekend en ik kan me dus hoogstens een halfbakken voorstelling maken van hoe vernietigend mooi het moet zijn om wel Wolfs zus, vriendin of moeder te zijn.
Hoe tof om een stukje mee te stappen in het leven van zo'n vrije ziel. Hoe ongelooflijk moeilijk om daarna verder te gaan en je verdriet over wat is (of wat had kunnen zijn) te kanaliseren.
Lara goot het verhaal van 'de zus van Wolf' in een onstellend mooi boek. Vol warme liefde en heerlijk schone beelden. Zo heeft ze het op een bepaald moment over hoe ze bevroren kinderpyjamaatjes van de waslijn haalt en over hoe ze door haar man in de auto getild wordt nadat haar papa haar opbelde met de melding van Wolf gevonden was en hoe haar vriendin bij wie ze op bezoek was daarna haar gordel vastklikte.
Dit boek is voor mij nu al een klassieker en een opener voor vele gesprekken over hoe en wat en waar en waarom van Wolfs leven en dat van ons.
Het verhaal van 'Wolf', die in de bossen van Lapland zijn eigen dood zocht, intrigeerde me al van toen ik Lara Taveirne als schrijfster leerde kennen. Dat maakte ook dat ik de roman die ze over haar broer schreef, verwachtingsvol ophaalde in de boekhandel op de dag dat hij verscheen. Het liefst nipte ik aan haar zinnen in een zetel die ik voor het open raam had geschoven terwijl de ochtendwind zich in mijn botten nestelde. 'Wolf' is licht en tegelijk breekbaar, vol kleur en soms ook oneindig duister. Toen ik zo traag mogelijk naar het einde hunkerde, vlijde mijn zoon zich op mijn schoot. Hij vroeg hoe mooi ik zijn sokken vond uitgedrukt in grassprietjes, terwijl hij met een duivenveertje over de rug van mijn hand wreef. Hoewel ik meer dan ooit in de laatste bladzijden van het boek wilde verdwijnen, kon ik meer dan ooit niet zeggen dat ik eigenlijk aan het lezen was.
Binnen een paar bladzijden ben ik helemaal gegrepen door dit boek. Lara schrijft in korte alinea’s, met telkens een zeer treffende laatste zin. Daarna volgt een witregel om het tot je te laten doordringen, om dan gauw verder te lezen. Ik vind het waanzinnig goed. Verderop zegt Lara hierover: het boek schreef zich vanzelf. Maar dan loopt ze vast en dat is ook te merken.
In één adem uitgelezen, of misschien wel in één snik. Want wat is dit portret van een verlies liefdevol, indringend, moeilijk - alles tegelijkertijd en daarom ook schrijnend mooi.
“Ik hoop dat jij het niet erg vindt dat ik jou hertekend heb. Herschreven. Dat ik je lichaam in een verhaal heb gewikkeld. Een verhaal in een verhaal in een verhaal in een verhaal. Alles om je te beschermen tegen de kou. Alles om je te beschermen tegen het echte verdwijnen.”
Wat een prachtig boek. Het is geen non-fictie. Het is een roman. Of toch niet? Meeslepend is het wel, en ondanks het zware thema leest het erg vlot, en komt er zelfs wat humor in voor.
Ik heb het verslonden in drie dagen. Gezien de titel is dat wellicht ook te verwachten. Hoewel het geschreven is als ode aan een broer of als afscheid, of als in leven houden van..laat het zich niet wegleggen. Het verdriet is nooit te donker of zwaar om verder te lezen. Het geeft verdriet in zoveel verschillende schakeringen weer en de liefde voor de jonge Wolf is onmiskenbaar. Een liefde gedragen door een prachtig gezin. En hoe de lezer na het lezen ook een jonge Wolf heeft rondfietsen in het hart. Terwijl ik het las zwol het verhaal aan als een wervelende symfonie van parallelverhalen en linken die Lara Taveirne legt met andere verhalen, en terwijl het boek het einde nadert vraag je je samen met de schrijfster af hoe je zo een ode kan afronden..hoe begin je aan een einde. En welk verdriet begint er dan? Het heeft me diep ontroerd. Regelmatig liepen er twee meanderende sporen over mijn wangen. Nu het boek uit is, is er enkel nog die oorverdovende stilte. Naast zo een wervelende symgonie kan enkel een oorverdovende stilte bestaan.
"Het zonlicht is zo overweldigend dat het knettert." Wel, hetzelfde geldt voor dit boek. Een overweldigend boek. Een knetterend boek. Een zon. En een Icarus die zichzelf in snippers scheurde en in de lucht gooide. Alleen versnipperde hij niet in hitte maar het ijskoude Lapland.
Troebele ogen, maar gelukkig "herken je echte schoonheid ook blind."
Heel ontroerend en diepzinnig verhaal, en zo menselijk.
Op een dag verdwijnt Wolf, de jongste broer van de schrijfster, om zijn laatste reis te maken, op 18jarige leeftijd. Hij reist naar het verre Noorden, naar Lapland, en wandelt daar door de bossen in de winter, tot hij zich tenslotte neerlegt om te sterven. Hij heeft zelf zijn levenseinde gekozen.
De auteur vertelt in dit boek op heel pakkende wijze hoe zij zelf en haar familie en omgeving met dit verlies omgaan.
Een ongelofelijk mooi boek het verlies van een broer, een zoon, een jongen, een man, een bekende onbekende het zoeken naar het waarom, het koesteren van wat was, het vervloeken van het niet zien een zacht boek diepmenselijk
"Door over je te schrijven eiste ik dat verdriet op. Mijn versie zou een schaduw werpen over hun herinneringen. En dat wilde ik niet. Mijn intussen tienduizend-en-zoveel woorden mochten niet tussen jou en hun gemis gaan staan."
"Ik had woorden nodig, omdat ongelukkige families samenzweringen van stilte zijn. Diegene die de stilte doorbreekt, wordt dat nooit vergeven."
"Bij leven was je ons broertje. Altijd het kleine broertje van. Je werd gedefinieerd aan de hand van ons."
Met kletterende regen tegen de ruiten en twee slapende mannen naast mij heb ik tot diep in de nacht dit boek gelezen; ik kon het maar niet wegleggen. Vanaf het begin was ik gegrepen door het tragische verhaal van een zus die d'r broertje verliest, maar ook het verhaal van het broertje Wolf zelf. De luchtige, simpele stijl, de prachtige gedachten en observaties, ondanks de zware thematiek, heb ik in geen tijden zo genoten van het lezen zelf. Dit boek is een voorbeeld voor wat literatuur met je kan doen: "Dat ik hier ben beland, is de schuld van verhalen. Series, films, boeken, ik laat me er veel te veel door leiden. Het is niet tegen te houden. Zinnen sijpelen mijn woordenschat binnen, karaktertrekken worden overgenomen, langzaam transformeer ik in een personage. Liep ik maar in een verhaal rond, dan zou er tenminste iemand toekijken. De onstilbare honger naar aandacht eindelijk gestild.''
Nou, Wolf, je bent gezien, je bent niet onopgemerkt gebleven.