Continuando il cammino intrapreso nel suo Pomeriggio del cristianesimo (2022), il teologo Tomáš Halík ci racconta qui il suo sogno della Chiesa che verrà. Un sogno a occhi aperti di un nuovo mattino, che prende la forma di dialogo con l'immaginario papa Raffaele del futuro, vero archetipo della figura papale che già nel nome (in ebraico, 'Dio guarisce') si manifesta come un padre spirituale che ispira e incoraggia, pastore di tutte le persone alla ricerca di senso. Halík mette per iscritto questi dialoghi tra il sogno e la veglia sotto forma di lettere (dodici come i dodici apostoli) in cui, con la libertà del figlio, confida e affida a papa Raffaele le sue speranze e i suoi dubbi, le idee e le preghiere di fronte al destino dell'esperienza religiosa, che non sta scomparendo, ma piuttosto cambiando nel suo modellarsi nel contesto della contemporaneità, mandando segnali di grande richiesta di senso, e che per questo va compresa e interpretata in modo nuovo. Cercatore tra i cercatori, in queste sue lettere immaginarie e concretissime Halík si interroga senza sconti sulle difficoltà e i problemi attuali cui il cristianesimo si trova a rispondere, dalle guerre al cambiamento climatico, dagli scandali e gli abusi alla sfida dell'intelligenza artificiale, al senso che per le donne e gli uomini di oggi possono avere l'inferno e il paradiso… Ne nasce, in questo che è forse il suo libro più personale, la visione profetica di una Chiesa davvero cattolica, cioè universale ed ecumenica, che, senza perdere la propria identità, non rinuncia a «uscire da sé stessa» e a leggere con coraggio e senso di responsabilità i segni dei tempi, intraprendendo un cammino sinodale per tornare a essere sale della terra, lievito per il pane fresco di domani.
Prachtig boek dat veel ter overdenking geeft. De vorm is wat bijzonder: brieven aan een fictieve paus, als zou Tomas daar toch wat bevestiging van autoriteit zoeken. Hij blijft sowieso keurig binnen de lijnen van kerk en traditie, hoewel hij wel de grenzen verkent. Dromend van een meer inclusieve kerk, met ruimte voor iedere geschapene. Eindigend met de aktueel bediscusieerde vraag naar bestaan en aard van de hel, zowel als de hemel. Halik stelt het mysterie centraal, waarin geloof, hoop en liefde onlosmakelijk in evenwicht verbonden zijn. Bekering is centraler dan waarheid, eenheid in verbondenheid aan Christus is kernachtiger dan theologisch fundamentalisme.
Kniha od kněze a teologa, který předběhl svou dobu. Halík píše imaginárnímu papeži Rafaelovi a radí se s ním o svých myšlenkách o nové moderní církvi. Přemýšlí, jak změnit stará dogmata a jak upadající církev zachránit. V zahraničí uznávaný teolog, jehož názory doma nechtějí slyšet. Není jednoduché si po dlouhých staletích zvyknout například na to, že by byly ženy kněžky a kněží se mohli ženit.
Prachtige brieven, gericht aan paus Rafaël, die in de dromen van Halík bestaat.
Met name de laatste brief, over de hemel, vond ik prachtig. Dat wat 'geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord, dat wat in geen mensenhart is opgekomen' is als een streepje licht wat onder een deur door schijnt, niet wetend wat er achter die deur schuilgaat, maar het heerlijke licht komt je tegemoet!
Blog n.a.v. ‘Dromen van een nieuwe morgen’ van Tomas Halik
De Tsjechische rooms-katholieke schrijver Tomas Halik voegde toch nog een boek aan zijn omvangrijke oeuvre toe. Zijn vorige boek, ‘De namiddag van het christendom’, leek zijn laatste te zijn. Maar met ‘Dromen van. Een nieuwe morgen’ ligt er toch een mooi vervolg. Tomas Halik doet verslag van zijn dromen, waarin hij converseert met een vroegere paus, Rafael. Ook nu benadrukt Halik het belang van spiritualiteit – voor de kerk en voor gelovigen is deze “dieptedimensie” het allerbelangrijkst. Van daaruit heeft de kerk de taak om het geweten en het meevoelen in de samenleving in te brengen. Want techniek en natuur kunnen dat niet. Een saillante bijvangst in dit boek is dat Halik zijn mening over de evangelische en pinkster-wereld bijstelt. Die vond hij nogal manipulatief met massa-bijeenkomsten, maar nu noteert hij waardering voor een aantal serieuze theologen die hieruit zijn voortgekomen. Wat mij trof tijdens het lezen: “Religie verdwijnt niet, maar evenmin keert ze in haar vroegere vormen terug. (…) In het huidige geestelijke landschap komen we steeds vaker zowel een ‘geloof van ongelovigen’ als een ‘ongeloof van gelovigen’ tegen.” “Ik geloof dat God ook in onze tijd in de Kerk de moed laat ontwaken om Hem te vragen van welke vorm van christendom Hij voor onze tijd droomt. (…) Omdat Christus en het paasverhaal de grondslag van de christelijke identiteit zijn, betekent dit dat we Christus en het mysterie van de paastransformatie van dood naar nieuw leven opnieuw moeten ontdekken.” “Ik ben ervan overtuigd dat zich voor het christendom van morgen een andere vorm van religie, een andere maatschappelijke rol zal aandienen.” “God is zelf de ontwikkeling van al wat leeft en zich ontwikkelt. God is er dus niet statisch in aanwezig, maar dynamisch. Het gaat om een proces. (…) Dit godsbegrip is het uitgangspunt voor een procesmatige opvatting van het verschijnsel christendom: een levend christendom is altijd in beweging.” “Religie is een veel complexer, vitaler en ambivalenter verschijnsel dan de moderne sociale wetenschappen en de wetenschappelijke theologie veronderstelden, en dat geldt zowel voor de critici als voor de apologeten.” “Veel religieuze instituten hebben hun vitaliteit verloren en daarmee ook hun vruchtbaarheid en invloed op de wereld om hen heen. Dit komt vooral doordat ze op allerlei manieren het levende contact met de dieptedimensie van religie- - met spiritualiteit – zijn kwijtgeraakt.” “Ik ben ervan overtuigd dat de vitaliteit van religie staat of valt met de werkelijke vervulling van een andere existentiële menselijke behoefte: de behoefte om de zin van ons leven te ontdekken en te ervaren. Deze zoektocht naar zin veronderstelt een transformatie, een metanoia – een afwending van oppervlakkigheid en uiterlijkheid.” “De Kerk moet zich nu al voorbereiden op het dienen in centra van spiritualiteit, waar mensen de cultuur van het geestelijk leven leren, inclusief de kunst van het geestelijke onderscheidingsvermogen, en waar ze vrijuit hierover kunnen spreken en hun ervaringen en charismata kunnen delen.” “De missie van de Kerk en de hoogste uitdrukkingsvorm van geloof en liefde voor God en de mensheid ligt in het nastreven van het ‘algemeen welzijn’ (…) Alleen een Kerk die Christus volgt in zijn onzelfzuchtigheid, in zijn zichzelf opofferende zelftranscendentie, in zijn zelfgave (kenosis), alleen een kenotische kerk die vrij is van alle uitwassen van triomfalisme en klerikalisme en van iedere associatie met de wereldse mentaliteit van macht en heerszucht, kan op zo’n manier vruchtbaar zijn.” “Jarenlang stond ik nogal kritisch tegenover de evangelicale, de charismatische en de pinksterbeweging vanwege hun fundamentalistische theologie en het manipulatieve karakter van hun extatische massabijeenkomsten. Maar met grote sympathie zie ik dat deze bewegingen nu ook een aantal serieuze en diepgravende theologen hebben voortgebracht. Zal deze theologie ook de vroomheid van de ‘gewone leden’ van deze gemeenschappen beïnvloeden?” “Technologie kan ons vermaak bieden, maar geen vreugde scheppen. Ze kan ons kennis verschaffen, maar geen wijsheid. (…) De twee krachten die onze wereld vormgeven, de natuur en de technologie, bezitten niet wat ons weten en ons voelen vergezelt: ge-weten en meevoelen. Het is onze opdracht deze twee onvervangbare menselijke eigenschappen in de wereld in te brengen en ze voortdurend te blijven ontwikkelen.”