Geen ander deel van de Nederlandse geschiedenis heeft zo veel impact gehad op het beeld van de westerse wereld als de slavenhandel in West-Afrika. Bijna drie eeuwen lang, van 1612 tot 1872, bezat Nederland een tiental forten aan de toenmalige Goudkust (het huidige Ghana). Het belangrijkste was het kasteel van Elmina. Hiervandaan werden Afrikaanse mannen, vrouwen en kinderen op onmenselijke wijze naar Noord- en Zuid-Amerika en het Caribisch gebied verscheept. Dit boek beschrijft hoe leven en handel rond dit fort verliepen. Van Engelen trekt vanaf de kust het Afrikaanse binnenland in en bezoekt de plaatsen waaruit de slaven werden weggevoerd. Gaandeweg verdiept hij zich in de discussie rond slavernij die de laatste jaren in Nederland is opgelaaid. Was de slavenhandel niet minstens zo Afrikaans als Europees? Dit boek is een beklemmend verhaal over een geschiedenis die doorwerkt tot op de dag van vandaag en niet mag worden vergeten.
“Tussen 1514 en 1866 zijn ongeveer 12,5 miljoen Afrikanen aan boord gebracht van Europese schepen met als bestemming (voornamelijk) de Nieuwe Wereld.”
De laatste jaren is er gelukkig meer aandacht voor ons slavernijverleden. Dit boek uit 2013 geeft een goed beeld van de trans-Atlantische slavenhandel door Nederland. Marcel van Engelen schreef het verhaal vanuit het perspectief van het kasteel van Elmina dat Nederland in 1637 veroverde op Portugal. Elmina ligt aan de Goudkust in wat tegenwoordig Ghana heet.
Portugal was qua aantallen voor ongeveer de helft verantwoordelijk voor de slavenhandel en Groot-Brittannië voor een kwart. Het Nederlandse aandeel bedroeg zo’n 5 procent. De Europeanen kwamen meestal niet verder dan de kust. De kolonisatie van Afrika begon pas eind 19e eeuw. Aan de Goudkust was men afhankelijk van de toevoer van eerst goud en ivoor maar later vooral slaven door de Ashanti. Slaven waren binnen Afrika overigens in die tijd een normale zaak. Vaak als gevolg van oorlogen werden mannen en vrouwen gevangengenomen en verhandeld als slaaf. In eerste instantie werden slaven met de Europeanen vooral geruild tegen waardevolle en nuttige goederen. Later werd er ook geruild tegen vuurwapens. En toen ontstond wat wel wordt genoemd de gun-slave cycle. Slaven waren vanaf dat moment niet alleen meer een bijproduct van oorlogen maar een doel op zich. Kortom de slavenhandel werd grootschalig.
Slavenhandel is bij ons jarenlang min of meer verzwegen. Dat geldt overigens ook voor Ghana.
“Ook in de twee voornaamste musea in Kumasi, over de cultuur en geschiedenis van de Ashanti was geen spoor van slavenhandel of slavernij te vinden.”
Over het bezoek van Ashanti-koning Osei Tutu II aan Amsterdam in 2002 lezen we:
“Osei Tutu bezocht Amsterdam in het kader van driehonderd jaar handelsbetrekkingen tussen Nederland en Ghana. ‘Deze hele missie had niet mogen plaatsvinden,’ zei Belliot in Het Parool. Ze was de voormalige stadsdeelvoorzitter van Amsterdam-Zuidoost en kende de Surinaams-Ghanese gevoeligheden als weinig anderen.”
Als je meer wil weten over de Nederlandse slavenhandel is dit boek een aanrader.
"Fascinerend relaas over een kasteel aan de West-Afrikaanse Goudkust dat lange tijd in Hollandse handen was. Van Engelen stuitte er ooit op de nodige sporen van Nederlandse aanwezigheid maar vond nergens een boek dat dit stukje vaderlandse geschiedenis aan een Afrikaanse kust behandelde en schreef het daarom maar zelf." Lees de rest van onze recensie hier: http://www.afrikaansetoestanden.nl/re...