In de dagen hiervoor heb ik 'Een schitterende leegte' van Lieke Knijnenburg gelezen, ook autobiografisch, ook over werk en productiviteit, ook zoekend. De twee boeken zijn als een tweeluik, spiegelend aan elkaar. Ik weet niet of het een goed idee was om deze twee boeken achter elkaar te lezen, omdat juist ieders gebrek zou pijnlijk duidelijk tegen de ander afsteekt.
Bij 'Een schitterende leegte' van Lieke Knijnenburg betreurde ik het dat het zo onpersoonlijk bleef en de schrijfstijl mijn gedachten telkens weer uit het boek gooide in plaats van het meezoog. 'De tijd van je leven' is juist ontzettend goed geschreven, Frida Boeke weet je elke keer weer in een paar bladzijdes te pakken, en schuift je zonder gene tussen de regels stukjes van zichzelf toe.
Maar daar staat ook wat tegenover. Waar Lieke Knijnenburg moedig analyseert en zoekt naar verdieping en verlossing, blijft Frida Boeke stil en kort. Het boek is een verzameling columns, verhaallijn ontbreekt en bijna ieder verhaal eindigt te vroeg en laat me achter met het gevoel van "En dus???" Razend word ik ervan. Het boek voelt onaf, als een verzameling aantekeningen die nog herkauwd moeten worden om een goed boek te worden.
Frida Boeke schrijft zo goed, ik weet zeker dat ze bezig is met het volgende. En die ga ik hoe dan ook lezen, want dit was enkel nog maar de opmaat.