Hoewel Friedrich Nietzsche God in de negentiende eeuw al doodverklaarde, is nog steeds het grootste deel van de wereldbevolking gelovig en worden nog steeds uit naam van het geloof vreselijke dingen gedaan. Toch lijkt het strijdbare atheïsme van weleer verdwenen. Stine Jensen houdt een vurig pleidooi voor een radicaal, maar ook teder atheïsme, dat vrijmoedig van zich laat horen wanneer het gaat om hete hangijzers: van boa tot boerka, van slachten tot seksuele voorlichting, van gebedsruimte tot modest fashion en weigerambtenaren. Alleen in een seculiere samenleving is de mogelijkheid tot vrijheid van geloof én ongeloof gegarandeerd.
Stine Jensen is hoogleraar publieksfilosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, columnist voor NRC en auteur van vele non-fictieboeken.
Prachtige conceptualisatie van hoe het is om zonder een god te leven, en tegelijkertijd niet tegen religie te zijn, en wat voor rol atheïsme hierin speelt
“Mijn atheïsme is strijdvaardig, maar niet militant, mijn goddeloosheid richt zich niet tegen religie, maar is areligieus”
“… Hij respecteert dat godsdienst mensen een (moreel) anker biedt, en verder is het een privézaak. Hij heeft niks tegen religie. Maar als religie politiek wordt of gemilitariseerd, dan krijgt het een vermogen om schade aan te richten”
In dit essay verdedigt Stine Jensen het recht om religie te bekritiseren, dat volgens haar onder vuur ligt. Met dit pleidooi voor vrijheid van meningsuiting kan men het moeilijk oneens zijn, maar de belangrijkere vraag is of de religiekritiek die zij verdedigt wel de moeite waard is. En dat lijkt me helemaal niet het geval.
Jensens religiekritiek lijkt er vanuit te gaan dat bijna elke manifestatie van religie in de publieke ruimte om de een of andere reden verboden moet worden (wellicht uit angst dat dit zomaar zou leiden tot een volledige theocratie)? Een gebedsruimte voor islamitische leerlingen op een (openbare) school is voor haar al een brug te ver. (p. 11) Waarom dit geen redelijke aanpassing is die inclusiviteit promoot, wordt door haar nooit toegelicht.
Evenmin leren we hier veel over hoe het atheïsme een bron van zingeving kan zijn. In een ander boek van haar (Go east!) lijkt ze hier wel dieper op in te gaan. Misschien is dat werk van haar wel iets interessanter.
Ik lees Jensens columns altijd graag, en ook dit is een inspirerend boekje. Hoewel Jensen een aantal gevaren van de georganiseerde godsdienst noemt (gevallen van onverdraagzaamheid, censuur, homo- en vrouwenhaat), zou ze wat mij betreft die gevallen wel iets explicieter hebben mogen beschrijven om duidelijk te maken dat atheïstische weerbaarheid noodzakelijk blijft. In sommige passages lijkt ze atheïsme en religie dichter bij elkaar te willen brengen, bijvoorbeeld als het gaat over meditatie. Maar voor meditatie is natuurlijk geen god nodig. Wat waardevol is aan het boeddhisme is een opvatting over de menselijke psyche en een praktijk van tot rust komen, en daar zijn de meer religieuze aspecten van het boeddhisme niet voor nodig.
Prettig geschreven pleidooi waarin het antwoord op de vraag van de cover niet gegeven wordt. De kritiek op religie richt zich weloverwogen en onderbouwd sterk op islamisme en in tweede instantie op orthodox christendom, waarbij de tweede overwegend stromannen toebedeeld krijgt om zich te verdedigen.
Het is verder een fijn overzicht van de mores binnen het humanisme en atheisme en geeft een inkijk in mw. Jensen's persoonlijke relatie met haar levensfilosofie.
Heel diep gaat het niet, maar dat lijkt ook niet het doel. Geen verkeerd boek. Blij dat ik het gelezen heb.
Mooi boek! Dit boek bevestigt mijn eigen opvattingen over religie en moedigt me aan om als spiritueel atheïst door het leven te gaan. In een wereld vol labels en oordelen, waar vrijheid niet vanzelfsprekend is.
Prachtig essay, dat nog sterker mij overtuiging in een zacht atheïsme duidt. Ook kraakt Jensen harde noten over het humanisme en de tandeloosheid van links over religie.
Niet heel diepgravend, maar wel een stoer pamflet dat in een gat springt tussen de religieknuffelaars en de incel ridders van de rede. Hopelijk noopt het anderen de draad op te pakken waar Stine hem heeft uitgesponnen.