Anton Valens (1964-2021) was niet alleen schrijver, maar ook een begenadigd beeldend kunstenaar. In Een kniebuiging voor de ezel schrijft hij over die andere kant: over snel schetsen, over beweging en nabeeld, over verf en experiment, over portrettekenen en het tekenen van dieren, het staren naar een wit doek, de gelukzalige ogen blikken voor de ezel en nog veel meer. Uiteraard is er een ruime keuze gemaakt uit zijn tekeningen, voorstudies en schilderijen. Een kniebuiging voor de ezel is een levendig en ongewoon boek: een kunstboek en literaire tekst ineen, een boek dat kunstconsumenten aanmoedigt om beter te kijken en jonge kunstenaars om bevlogen te blijven werken. Voor de vele fans van de schrijver die genoten van zijn droogkomische verhalen en romans is dit zowel een feest van herkenning als een inspirerende ontdekking van het dubbeltalent Valens.
Drie jaar na zijn dood opeens nog weer eens die fijne letters van Anton Valens lezen! En dit keer over de schilderkunst in brede zin, waarbij ook zijn eigen werken voor het eerst worden uitgelicht. Zoals Delacroix aan het einde van zijn leven, zo schrijft Anton, aantekeningen maakte voor een 'Dictionnaire des Beaux-Arts' met allerlei lemma's over allerlei facetten van de schone kunst, zo heeft Anton ook zijn overpeinzingen opgeschreven over van alles en nog wat. De toon is eerlijk, authentiek, soms humoristisch en in elk geval reflecterend. Het is alsof hij in kleine hoofdstukjes steeds even tegen je praat. Mooi vond ik hoe hij de 'nabeelden' beschreef, het niet direct schetsen naar de werkelijkheid, maar het wel direct na een gebeurtenis stiekem schetsen: de nabeelden in zijn hoofd zo goed mogelijk weergeven. Ook zijn interactie met dieren was mooi om te lezen: hoe hij ze alleen tersluiks kon beloeren en niet recht kon aanstaren tijdens het schetsen. Dan gingen ze ervandoor. Van zijn kunstwerken vond ik de bands erg mooi, het roze schilderij van zijn thuiszorgcliënte (werkelijk geweldig is die!), de verschillende zelfportretten (hij heeft echt een goeie kop daarvoor!), Jaap en Joop in de keuken (omdat deze me aan het 'Compostcirculatieplan' deed denken) en het portret van Paula in de Witsenkamer. Mooi ook te lezen dat schilderstukken die hij al verloren waande, er in werkelijkheid toch nog waren en voor dit boek gefotografeerd zijn. Het boek is prachtig vormgegeven en de kunstwerken van Anton komen er het mooist in naar boven als maar had gekund. Een mooi eerbetoon, in zijn eigen woorden!