Vrijheid is een kernwaarde in onze maatschappij. Maar het woord ‘vrij’ is gekaapt en wordt gebruikt om uitbuiting te rechtvaardigen. De farmaceutische industrie neemt de vrijheid om te veel geld te vragen voor medicijnen, grote techbedrijven zijn gevrijwaard van toezicht als het om privacy gaat, politici voelen zich vrij om tot opstand op te roepen, en het bedrijfsleven wordt nauwelijks belemmerd in zijn vrijheid om de planeet te vervuilen. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Wiens vrijheid is eigenlijk het belangrijkst – en welke vrijheid moeten we dringend heroverwegen?
Nobelprijswinnaar Joseph E. Stiglitz betoogt dat het westerse politieke en economische systeem geen werkelijke vrijheid neoliberalisme en vrijemarktkapitalisme vormen voor veruit de meeste mensen juist een bedreiging. De weg naar vrijheid laat zien dat een fundamentele herwaardering van de democratie en de economie noodzakelijk is, en niet alleen in de Verenigde welk systeem staat dan wél garant voor een goede samenleving, inclusief betekenisvolle vrijheden voor het grootste deel van de mensheid? Het nieuwe boek van Stiglitz is essentieel voor iedereen die zich een toekomst voorstelt waarin tolerantie en vrijheid centraal staan.
Joseph Eugene Stiglitz, ForMemRS, FBA, is an American economist and a professor at Columbia University. He is a recipient of the Nobel Memorial Prize in Economic Sciences (2001) and the John Bates Clark Medal (1979). He is also the former Senior Vice President and Chief Economist of the World Bank. He is known for his critical view of the management of globalization, free-market economists (whom he calls "free market fundamentalists") and some international institutions like the International Monetary Fund and the World Bank.
In 2000, Stiglitz founded the Initiative for Policy Dialogue (IPD), a think tank on international development based at Columbia University. Since 2001, he has been a member of the Columbia faculty, and has held the rank of University Professor since 2003. He also chairs the University of Manchester's Brooks World Poverty Institute and is a member of the Pontifical Academy of Social Sciences. Professor Stiglitz is also an honorary professor at Tsinghua University School of Public Policy and Management. Stiglitz is one of the most frequently cited economists in the world.
Dat deze auteur zijn bedenkingen bij het kapitalisme heeft wordt al snel duidelijk. En daar heeft hij ook zijn argumenten voor. Die argumenten komen vervolgens in een dusdanig tempo aan bod dat je bij de conclusie toch steeds afvraagt hoe je daar nu precies bent gekomen. Na 70 pagina’s heb ik dan ook de hoop opgegeven dat dit boek tot enige reproduceerbare kennis zal leiden.
Al sinds de opkomst van de burgerlijke samenleving wordt er gestreden in hoeverre het economisch verkeer volledig kan worden overgelaten aan de vrije markt of dat de overheid regulerend moet optreden. Het traditionele liberale ‘laissez-faire’-denken bepleitte een volledig ongestuurde economie. De ‘libertaire’ variant wilde zelfs zo min mogelijk belasting van inkomen en vermogen, want dat was diefstal. Overheidstaken moesten worden beperkt tot de ‘nachtwakersstaat’ of zoveel mogelijk via het profijtbeginsel worden verrekend.
Friedrich Hayek en Milton Friedman waren de belangrijkste woordvoerders van een moderne vorm van liberalisme, ook wel aangeduid met ‘neoliberalisme’, die een sterke regelgeving rond ‘de vrije markt’ bepleiten om open en eerlijke concurrentie mogelijk te maken, maar voor de rest de keuze zoveel mogelijk bij de individuele burger te laten. Hayek hekelde vooral de collectieve besluitvormingsprocessen die volgens hem nooit tot optimale resultaten konden leiden, terwijl Friedman vooral veel vertrouwen had in marktwerking an sich, om collectieve besluitvorming te vermijden. Dat kon zo ver gaan als dat ouders vouchers krijgen voor het onderwijs van hun kinderen, zodat ze volledig zelf kunnen bepalen naar welke school ze hun kinderen willen sturen.
Joseph Stiglitz heeft als econoom veel onderzoek gedaan naar marktwerking en de invloed van onvolledige informatie op de uitkomsten. Voor dit onderzoek heeft hij de Nobelprijs ontvangen. Daarnaast was hij jarenlang lid van de Economische Adviesraad van de regering Clinton. Zijn mening is dat volledig vrije markten niet efficiënt zijn en ook niet wenselijk. Hij heeft al meerdere boeken over dit onderwerp geschreven en in dit nieuwe boek vat hij de hoofdlijnen nog een keer samen. De titel van het boekje is een parodie op de titel van het boekje van Friedrich Hayek, The Road to Serfdom.
Stiglitz behandelt diverse situaties waarin de markt niet goed werkt. Zo kan het vrije economische verkeer ruimte bieden aan uitbuiting en bedrog, aan economische recessies, en aan schade aan anderen en de omgeving (externaliteiten).
De economische theorie veronderstelt dat de burger (als homo economicus) rationeel handelt en met volledige kennis op de markt opereert. Mensen handelen echter niet altijd rationeel en hebben niet altijd het overzicht, wat kan leiden tot ‘vastgoed’ bubbels, omdat niemand in een stijgende markt “de boot wil missen”. De daaropvolgende correctie kan echter tot een jarenlange stagnatie in de woningbouw leiden. Dit staat ook bekend als een coördinatieprobleem. Beter dus om de markt tijdig af te koelen om langjarige rampspoed te vermijden. Ook werken prijsprikkels lang niet altijd goed. Je kunt een goede interne motivatie verstieren door het te ‘monetariseren’.
Voor de vrije markt om goed te werken, wordt ook verondersteld dat iedereen zich ‘netjes’ gedraagt, en niet voordringt, noch rommel verkoopt. In de aanloop van de kredietcrisis verkochten banken gesecuriseerde hypotheken en andere derivaten, waarvan ze wisten dat die enorme risico’s inhielden voor hun klanten, die gelokt werden met hoge rentetarieven. Toen de hypotheekrente steeg en veel huisbezitters hun sleutel bij de bank inleverden, stortte het kaartenhuis in.
De ‘vervuiling’ die de sociale media veroorzaken, zadelt de burger op met extra kosten: hij moet extra moeite doen om de waarheid te achterhalen. De traditionele pers kon een zekere mate van geloofwaardigheid opbouwen door een strak redactiebeleid en selectie van artikelen en schrijvers. Een dergelijke screening is er op de sociale media niet, terwijl we weten dat een goed functionerende samenleving niet kan zonder een maatschappelijk breed geaccepteerde manier om de waarheid te bepalen.
Maar misschien moeten we ook iets veranderen aan het economisch systeem zelf, zodat goede keuzes meer als vanzelf naar voren komen. Stiglitz pleit daarom voor een ‘progressief kapitalisme’, dat correctieve belastingen hanteert tegen de inkomensongelijkheid, meer overheidsinvesteringen in collectieve voorzieningen als onderwijs en huisvesting, meer controle over de informatievoorziening, en meer aandacht voor de volksgezondheid.
We moeten een grote verscheidenheid van ‘instituties’ zoals scholen, universiteiten, coöperaties en gemeenschapsvoorzieningen koesteren, en zeker de onafhankelijke pers en de wetenschap, die zich met waarheidsvinding bezighouden. Een goed niveau van collectieve voorzieningen zal volgens Stiglitz het vertrouwen van de burgers in de samenleving en de overheid doen toenemen zodat men minder zijn oren zal neigen naar het populisme.
Deze tekst is een copy/paste van mijn Instagramaccount KaatLeest. Je kan mij daar ook volgen.
Economie wordt vaak voorgesteld als onveranderlijk. De vrije markt zou zichzelf reguleren en wordt vaak ter discussie gesteld. "There is no alternative" zei Margaret Tatcher in ter verdediging van het liberaal kapitalisme. Ondertussen is uitspraak ook in de 21ste eeuw meermaals geuit door overheden. . Nobelprijswinnaar en econoom J. Stiglitz neemt de lezer mee in zijn kritische lezing (en onderzoek) van dergelijke paradigma's. Hij zou het met Tatcher ook helemaal niet eens zijn. Vanuit de kernwaarde 'vrijheid' toont hij aan hoe het woord 'vrijheid gehackt en verengd is. Stiglitz toont aan hoe een ander soort economie, waarin de vrije markt niet heilig is, kan leiden tot een goede samenleving voor iedereen. De overheid mag zich best mengen en dit hoeft geen bedreiging te zijn. Neoliberalisme en vrijemarktkapitalisme bedreigen eerder deze goede samenleving dan dan ze de maatschappij als geheel vooruit brengen. . Stiglitz gaat grondig te werk in zijn boek, de achtergrond is duidelijk die van de V.S., waar inmenging van de overheid, zoals verdeling van lasten, sociale zekerheid voor iedereen, door velen gecontesteerd wordt. Het boek vraagt best wat inspanning van de lezer, maar je hoeft geen econoom te zijn om het boek in zijn waarde te ontdekken. Een betere samenleving is volgens Stiglitz mogelijk, met een economie in dienst van iedereen. De overheid mag best van zich laten horen, vandaar ook het belang van democratie, waar een overheid in dienst staat van de samenleving.
Voor wie is dit boek? Voor wie wakker ligt van ongelijkheid in de samenleving, (kinder-)armoede of zich vragen stelt over 'hoe het geld rolt' in onze economie. Lezers die geboeid waren door Piketty vinden hier een heel andere invalshoek maar wel hetzelfde idealisme. Interesse in de overheid en haar rol in de samenleving? Dan is dit ook een boek voor jou. Uiteraard ook voor lezers met een passie voor (globale) economie.
full disclosure: ik ben het veelal eens met Stiglitz, al zeker wat betreft zijn kritiek op de globalisering of het kapitalisme. Ik las zijn nieuwste worp uit nieuwsgierigheid naar zijn analyse van hoe het neoliberalisme de vrijheid die het als uitgangspunt heeft nooit kan waarmaken, laat staan zelfs in de weg staat. Jammer genoeg blijken zijn argumenten in dit boek niet meteen overtuigend, om het zacht uit te drukken. Erg jammer, het is een onderwerp dat veel meer krachtig onderzoek verdiende, de stelling lijkt me alleszins nog steeds geldig -meer ondanks dan dankzij dit boek.