Als een sperwer hangt Wilfried de Jong boven het peleton. Hij speurt en schrijft over de renners in de Tour de France, de Giro, Parijs-Roubaix, de Ronde van Vlaanderen en het wereldkampioenschap. Realisme en romantiek gaan hand in hand. Voor Solo maakte Wilfried de Jong een selectie uit zijn mooiste columns voor NRC van de afgelopen vijf jaar, en schreef hij enkele nieuwe stukken.
Another very nice collection of short columns by De Jong, this time all non-fictional and about cycling. As I've written before he perfectly captures my love for the sport and brings me back to several interesting moments that I saw live back then and thus relived in the last couple of days. Let's hope he will bring us many more columns and short stories about the sport that I love the most.
Citaat : Canderella won. Er is geen modernere variant van een flandrien denkbaar. De knoestige dialectsprekende, eenvoudige Vlaming met diepe haarinplant is definitief vervangen door een metroseksuele aerodynamische superman met geile benen die onmogelijke wattages trapt. Review : Wilfried de Jong (Rotterdam, 30 september 1957) is een Nederlands theatermaker, televisieprogrammamaker, tv-presentator, acteur en schrijver. De Jong werd bekend door zijn samenwerking met Martin van Waardenberg in het theaterduo Waardenberg en de Jong. Nadat deze samenwerking was beëindigd legde De Jong zich toe op het maken van televisieprogramma's. Eerst maakte hij voor de VPRO 'Sportpaleis De Jong' en later, samen met Matthijs van Nieuwkerk, 'Holland Sport', waarvan hij van 2008 tot en met 2011 de enige presentator is. Hij presenteerde ook '24 uur met...', dat vanaf begin 2008 op Nederland 3 werd uitgezonden.
Zijn liefde voor sport in het algemeen kwam verder tot uiting in een serie documentaires over de fans, hobbyisten en organisatoren van diverse amateursportevenementen. In de in Rotterdam opgenomen serie 'Pakhuis de Jong' speelde Wilfried de Jong met doorgewinterde TV-persoonlijkheden in op actualiteit. Daarnaast speelde De Jong soms rollen in films en televisieseries ('Evelien') en schreef hij een boek, De linkerbil van Bettini en een verhalenbundel: Aal. In maart 2007 verscheen ter gelegenheid van de literaire boekenmaand van de Bijenkorf De opheffing van Bob, een speciale uitgave, met vier oude verhalen van De Jong. Verder levert Wilfried de Jong regelmatig een bijdrage aan het voetbaltijdschrift 'Hard Gras'. In 2009 verscheen De man en zijn fiets, een bundel wielerverhalen. Als aanvulling op deze verhalenbundel verscheen er ook een cd 'Man & Fiets' met Ocobar. Wilfried de Jong schrijft een wekelijkse sportcolumn in NRC Handelsblad. In de zomer van 2013 presenteerde De Jong het programma 'Zomergasten' en hij nam ook de editie 2014 voor zijn rekening.
Wilfried de Jong betuigt in dit boekje zijn liefde voor het wielrennen. Enkele verhalen over De Jongs eigen ervaringen als fietser zijn speciaal voor de bundel geschreven. De meeste stukken zijn eerder als column verschenen in het NRC en het wielertijdschrift 'De Muur'. De Jong heeft bijzondere aandacht voor het detail. Hierdoor overstijgen de columns de actualiteit. De romantiek van het wielrennen staat op de voorgrond zonder dat De Jong onderwerpen als doping uit de weg gaat. Door zich te beperken tot wielerverhalen is de bundel evenwichtiger dan de eerder verschenen sportbundel De linkerbil van Bettini. Wilfried de Jong schaart zich in het rijtje literaire wielerauteurs als Tim Krabbe en Peter Winnen. Als een sperwer hangt Wilfried de Jong boven het peloton. Hij speurt en schrijft over de renners in de Tour de France, de Giro, Parijs-Roubaix, de Ronde van Vlaanderen en het wereldkampioenschap. Realisme en romantiek gaan hand in hand.
Voor Solo maakte Wilfried de Jong een selectie uit zijn mooiste columns voor NRC van de afgelopen vijf jaar, en schreef voor deze uitgave enkele nieuwe stukken.
Excellent (Dutch-language) collection of short, snappy columns about the pro cycling circus of the last five years. A few pieces capture the author's own experiences during his rides in the Dutch lowlands. de Jong's tone is caustic and his observations brim with dry wit. But his reverence for the sport shines through everywhere. The book can be read in afternoon but many of the pieces are worth revisiting. Recommended.