Karel Čapek, 1890-1938, Tsjechisch schrijver, criticus en journalist, is het bekendst om zijn science fiction-werk, waaronder de roman Oorlog met de salamanders (1936) en het toneelstuk R.U.R. (Rossum’s Universal Robots, 1920), dat het woord robot wereldwijd introduceerde.
In het jaar 1929 experimenteerde Čapek met het korte verhaal en schreef er één per week. Wat aanvankelijk humoristische anecdotes waren, evolueerde al snel tot unieke, humanistische miniatuurtjes met elementen van humor, het mysterie- en het detective-genre. Dit resulteerde in de bundels Verhalen uit de linker– en Verhalen uit de rechterzak (Povídky z jedné kapsy en Povídky z druhé kapsy)
Voetsporen introduceert vijf van de beste ervan voor het eerst in het Nederlands taalgebied.
Wat een prachtige verhalen, getekend in een - toepasselijke - sobere mysterieus aquarel. Aanleiding om meer tekenwerk van Milan Hulsing op te zoeken. Ook maar eens op zoek naar werk van de auteur Karel Capek. Prachtig!
Heerlijk 'vage' verhalen rondom mensen die net een beetje anders denken en doen dan (jij (?) of) ik, getekend en verteld op Hulsing's eigen( )wijze. Ik heb ervan genoten.
Ik lees in de recensies: absurde verhalen, maar absurd vind ik ze allerminst. Mysterieus, zeker, en de stijl van tekenen van Milan Hulsing draagt daar ook aan bij met de donkere tinten; grappig zijn ze ook, maar wat zo treffend is aan de verhalen van Capek is dat ze laten zien dat mensen een bord voor hun kop hebben. Dat geldt voor vrijwel alle personages. Ze komen aan het einde van een verhaal tot inkeer of tot een realisatie, waarmee ze een ervaring rijker en illusie armer zijn. Dat kun je absurd noemen of gewoon levensecht.