Spel is het derde boek van Stephan Enter die eerder Winterhanden (1999) en Lichtjaren (2001) schreef en alom werd erkend als een groot talent. Zijn beide boeken werden genomineerd voor de Libris Literatuur Prijs. Spel is een boek voor iedereen die weleens verlangt naar 'vroeger'. Naar de gelukzaligheid van een jeugd, naar hoe het is om iets voor het eerst mee te maken. Maar ook voor iedereen die wil weten wat dat nu eigenlijk is: opgroeien, en de wereld leren begrijpen.
In 1999 debuteerde Stephan Enter met de verhalenbundel Winterhanden. Deze lovend besproken bundel werd het jaar daarop genomineerd voor de Libris Literatuurprijs. In april 2004 verscheen zijn eerste roman, Lichtjaren, die eveneens een Librisnominatie in de wacht sleepte. Beide romans werden ook genomineerd voor de Gerard Walsschapprijs. Eind april 2007 verscheen Enters tweede roman, Spel, een roman in verhalen over Norbert Vijgh. Elk verhaal is geschreven in de stijl van een bekend auteur. Enter brak in november 2011 door na publicatie van zijn roman Grip. Deze roman werd genomineerd voor de Vlaamse Gouden Boekenuil en won de Publieksprijs.
Foto auteur: Martje Keetman, van de website van de auteur.
´Spel´ van Stephan Enter bestaat uit een aantal korte en langere verhalen over kind zijn en opgroeien. Prachtig en beeldend geschreven impressies van schuld en schaamte, erbij willen horen en erbuiten staan, van spelen en volwassen worden. Vooral indrukwekkend ook het stuk over het gestolde leven van zijn ´grootmama´. Mooi, mooi, mooi!
Stephan Enter is een meester in het beschrijven van verre treinreizen. Leve de nachttrein naar Zwitserland!
'Ik heb soms meer belangstelling voor mijn grootmoeder dan voor iets anders, maar ik heb dat juist omdat ik het fantastisch vind spelletjes met haar te doen. Onder de volwassenen is zij de enige die mij als tegenstander voor vol aanziet , het zou nooit bij haar opkomen me te laten winnen.'
Voor vol aanzien worden, daar komt het voor Norbert Vijgh in Spel op aan, je onderscheiden van de rest en het heldendom van de voorouders in ere houden. We volgen zijn ontwikkeling van zijn negende tot zijn negentiende. In elk hoofdstuk komt er een ander soort ‘spel’ aan bod, het ene al wat minder onschuldig dan het andere. Als lezer kan je het allemaal mee beleven: de teleurstelling als een verre vriend vertrekt zonder dat hij afscheid heeft kunnen nemen, de aandacht waarmee hij ‘zijn’ takje volgt dat door de stroming van een beek wordt meegevoerd, de wrange nasmaak van de pesterijen van een ruige buurjongen, de trots waarmee hij een afdruk neemt van zijn ‘war wounds’ na een risicovolle achtervolging op een verboden bouwterrein, het zelfvertrouwen dat hij ontleent aan een bijzondere leraar, de spanning als hij zijn eerste vriendinnetje meetroont naar een donkere kerktoren, de moed om tijdens de catechese te verkondigen dat hij niet meer gelooft, de schroom om tijdens het scrabblespel met zijn grootmoeder het woord ‘sexbom’ te leggen… Net als in Grip toont Stephan Enter zich ook hier al een meester in het beschrijven van zintuiglijke sensaties en de emoties die daarmee gepaard gaan. De treinreis met de nachttrein naar Zwitserland is zo mogelijk nog mooier beschreven dan die met de Eurostar naar Londen. Het is niet louter nostalgie maar pure schoonheid die de boeken van Stephan Enter het lezen en herlezen waard maken.
Stephan Enter heeft een bijzondere opbouw gekozen voor dit boek. In elk hoofdstuk staat een spel centraal dat gekoppeld is aan een bepaalde sfeer en een fase uit het leven van de hoofdpersoon Norbert. Hierdoor krijg je steeds een andere kant te zien van het karakter van Norbert. Dat maakt het boek aan de ene kant fragmentarisch maar juist ook weer een geheel. Ik vind dat op een bijzonder knappe manier gedaan en erg origineel. Echt een aanrader, zeker als je van verrassingen houd.
Spel is een afwisselend boek over de jonge jaren van Norbert Vijgh aan de hand van verschillende episodes in zijn jeugd. Steeds ligt een ander spel aan de basis van het hoofdstuk, ook de vertelperspectieven verschillen: soms de ik-figuur, soms de alwetende verteller en één verhaal is in de tweede persoon verteld. Ik loop enkele hoofdstukken langs voor een typering. Hofnar is een fantasierijk verhaal in de kerkbanken, in Heroïsch speelt de schrijver met het spanning-genre, in Jeune Premier beleeft een tienerromance een hoogtepunt in de kerktoren, in Poppenkast wordt met Maarten ‘t Hart-achtige gereformeerdenhaat afgerekend met het geloof, Stoelendans is een herkenbaar stukje middelbare school proza, in Koker voelt de lezer zich licht zweverig op de vleugels van een libel. Tot slot het aandoenlijke Scrabble over de reisjes van Norbert met zijn grootmama per trein naar Zwitserland. Nou, 4 of 5 sterren? Vooruit, je krijgt er 5 van mij.
Enters zinnen zijn ook hier vaak van grote schoonheid, vele prachtige observaties, zintuiglijke impressies en sfeervol oproepen van gevoelens van melancholie. Maar de plot valt hier in twee aparte delen uiteen: aan de ene kant zien we Norbert opgroeien tot vroegwijs, gevoelig bewustzijn, heel mooi, vooral via de relatie met zijn grootmoeder. Daarnaast helaas zien we dezelfde jongen die losbreekt in staaltjes van oninteressante puberale stoer- en wreedheid, alsof deze roman twee wisselende rotagonisten heeft. Een vreemde schizofrenie.
Fragmentarische vertelling, waar voor mij soms de logica en inhoudelijk lijn raadselachtig blijft. Jeugdherinneringen en een lange beschrijving vanuit het ik-perspectief van Norbert over zijn grootmoeder. Niet het sterkste boek dat ik dit jaar las...
Zeer leuk geschreven en super herkenbare elementen in het verhaal/ het leven van Norbert. Wel jammer dat het geen echte, doorlopende verhaallijn heeft.
Norbert Vijgh groeit op. Daarin volgen wij hem van zijn negende tot zijn negentiende jaar. De ontwikkeling is vol met ontdekkingen, vriendschappen, teleurstellingen. Stephan Enter heeft met de verhalen die samen deze roman vormen, een beschouwende biografie geschreven, maar dan héél persoonlijk, met alle emotiën van de betreffende levensfase. Het begint met de vriendschap met een Afrikaan; hier vindt hij nog niet alle benodigde uitdrukkingsvaardigheid die hij in abstracto wel in zich heeft; hetzelfde geldt voor de Afrikaan – fraai gespiegeld. Het wordt ook wel eens spannend, in een achtervolgingsscene met twee groepen leeftijdgenoten. Het eindigt serieus, als hij definitief afscheid moet nemen van zijn grootmoeder, met wie hij door het boek heen een sterke band heeft. Ook bij het scrabblespel dat Norbert met oma, op reis per trein, speelt, nodigt de auteur zichzelf uit tot het uitbuiten van zijn fijnzinnige taalgevoel. Daarvoor ben ik best gevoelig. Een sterke verhalenroman. JM
Een roman kan ik er niet in ontdekken, maar een fraaie bundel nauw met elkaar verweven korte verhalen over steeds dezelfde opgroeiende jongen is het wel.
De wonderlijke wereld van een jongen die we volwassen zien worden wordt gebruikt als microcosmos van wat de volwassen wereld brengen zal. Tot in detail ( ook de dagelijkse dingen worden tot in detail uitgelicht en worden hierdoor bijzonder) gebracht. Ook de rol van afkomst wordt niet onbelicht gelaten.