Wanneer iemand haar vraagt hoe het voelt, migraine, tekent de hoofdpersoon uit Nachtschade een grillige spiraal. Ze leeft in eindeloze cycli van tijd en tussentijd. Wanneer de migraine toeslaat brengt ze de tussentijd door in een schemerruimte, terwijl vormloze monsters door haar schedel slenteren. In de andere tijd probeert ze een leven op te bouwen ondanks de grilligheid van haar eigen lichaam. Als houvast verzamelt ze de stemmen van vrouwen die haar voorgingen, op zoek naar soelaas, naar een teken, naar magie. Maar deze obsessie veroorzaakt een crisis wanneer blijkt dat de zeventiende-eeuwse filosofe Anne Finch Conway zich niet laat vangen.
In het rijke en erudiete Nachtschade verkent Emma Laura Schouten het niemandsland tussen ziek en gezond. Ze laat de lezer afdalen naar een hallucinante wereld opgebouwd uit kristalheldere vignetten, scherpe observaties, verwondering, en verwantschap met vrouwelijke denkers en schrijvers.
Nachtschade, de debuutroman van Emma Laura Schouten, heeft een prettig dubbelzinnige titel. Ten eerste raden zogenaamde experts de ik-figuur aan planten uit de nachtschadefamilie te vermijden, om zo migraine te voorkomen. Maar 'nachtschade' is juist ook een beschrijving van het effect van migraine. Schouten laat in meerdere goed beschreven scènes van migraine-aanvallen zien hoe haar hoofdpersonage zich opsluit in het donker en afwacht tot de storm weer luwt. Maar iedere aanval laat zijn lichamelijke en psychische sporen na, en Nachtschade beschrijft hoe de ik-figuur de regie op haar leven terug wil pakken door de migraine in te kapselen in een historische context van beroemde schrijvende vrouwen die dezelfde kwaal hadden.
De ik-figuur ziet haar migraine als een levend ding. Daarom noemt ze haar consequent Antaura, verwijzend naar een vrouwelijke Griekse migrainedemon. Antaura is in het leven van de verteller sinds ze op jonge leeftijd voor het eerst ongesteld raakte. Sindsdien is het een vast gegeven dat de migraine op komt zetten wanneer ze ongesteld raakt. Dan zijn er nog allerlei andere soorten triggers: ‘[e]en te zure citrusvrucht, een sneetje brood dat een vroeg stadium van schimmel bleek te bevatten, een vleugje nootmuskaat, het stroboscopische licht in een trein die langs een eindeloze rij bomen raast’. Wanneer de verteller haar migraine op voelt komen zetten, dan stopt haar leven even: Antaura is zo’n kwelling dat ze in een tussentijd belandt waarin ze in het donker en met helse kloppende pijn moet afwachten tot het weer over is. Schouten weet dat erg mooi en voorstelbaar te beschrijven:
Een stille drift trok mijn schouders op, verstrakte mijn kaken, en zonder om te kijken liep ik in de richting van het dichtstbijzijnde metrostation. Terwijl de roltrap me liet afdalen naar het ondergrondse gangenstelsel van de stad proefde ik gal. De metro was een beest dat zich krijsend door de donkere gangen perste, schuddend en sidderend van woede of genot, en ik zat in zijn stalen buik, krampachtig voorovergebogen met mijn hoofd tussen mijn knieën, waar onhoorbare tranen doordrongen in de stof van mijn broek. Van het metrostation naar het appartement liep ik traag en gebogen als een oude vrouw. Elke stap echode naar me terug: straf. Straf. Straf. Voordeur, kamerdeur, bed. Liggend en met gesloten ogen dreef ik weg in de tussentijd van een platgelegd lichaam.
‘Voordeur, kamerdeur, bed’: prachtig hoe de versnelling in handelingen nadat de ik-figuur zich naar huis heeft gesleept, zich uit in de kortheid van de zin. Wat een contrast ook met het meer essayistisch-intellectuele idioom waarvan de hoofdfiguur zich regelmatig bedient. Dat is juist taal waarvan je de haren te berge rijzen in een roman:
Sommige ervaringen zijn onverenigbaar met grammatica – de tiranniek van grammatica, die dwangmatig ordent wat van nature niet geordend kan worden en in dat gekunstelde proces de essentie van wat ze zo graag conserveren wil ontmaskert.
Nachtschade is zeker geen good read, daarvoor is er te veel van dit soort wollig aandoende introspectie en te weinig verhaal. De plot is in een zin heel behoorlijk samen te vatten: vrouw met migraine verdiept zich in andere beroemde schrijvende vrouwen met migraine en schrijft er een scriptie over, waarvoor ze naar het Verenigd Koninkrijk reist en tot een besef komt omtrent haar omgang met die vrouwen en de migraine. Als lezer kwam ik er al snel achter dat ik de kwaal van het hoofdpersonage interessanter vond dan het hoofdpersonage zelf, wat toch wel funest is voor dit werk als roman.
Het fascinerendste randje aan het geprivilegieerde leven van de verteller is dat ze moeite heeft met het feit dat haar eveneens aan migraine lijdende moeder minder zacht voor haar is dan toen ze een klein meisje was en nog geen migraine had. Maar ook bij die problematiek bekruipt je een gevoel van ‘klein bier’, want alsnog komt moeder in de kerstvakantie even de plas over om dochterlief te bezoeken. Zo is de relevantie van het hoofdpersonage maar gestut op één pilaar en dat is de migraine. Omdat Schouten ervoor heeft gekozen om haar schrijven over migraine in fictie te gieten in plaats van non-fictie had ze veel meer verbeeldingskracht mogen gebruiken om haar personage interessant te maken. Door scherp te stellen op ‘Antaura’ ligt de kracht van Nachtschade in de tussentijd, maar het grootste deel van de roman speelt zich daarbuiten af.
‘Dat vreemde amfibische hoofdpijnleven. Antaura in de ene vuist, een brok zuivere klank in de andere, ze samenpersen zodat er een gloednieuw woord uit valt. Waarschijnlijk iets belachelijks.’ - Virginia Stephen Woolf (vertaling door Emma Laura Schouten)
In NACHTSCHADE maakt Schouten ons deelgenoot van het verblijf in de tussentijd: de ‘oogverdovende, oorverblindende, tongverzendende, huidverlammende’ dagen doorgebracht achter gesloten gordijnen, tijdens de zoveelste onafwendbare migraineaanval. Niet alleen de ik-persoon leeft afwisselend in tijd en tussentijd, dat geldt ook voor het koor van andere vrouwen die Antaura – demoon van de migraine – kennen.
Jane Austen George Eliot Emily Dickinson Virginia Stephen Woolf Sylvia Plath Joan Didion Susan Sontag Anne Finch Conway
De lijst lijkt onuitputtelijk en dat maakt het ontzag voor hun intellect en doorzettingsvermogen, en de prachtige taal waarin Schouten die weet te vatten, des te groter.
Doe jezelf een onbeschrijfelijk plezier. Lees dit boek.
Indrukwekkend boek over de tijd die anderen vaak niet zien -- de tijd met pijn, hoofdpijn, migraine of zoals Schouten het noemt: Antaura. Ik voelde me steeds dichterbij de machteloosheid komen die het hoofdpersonage ervaart bij weer een nieuwe aanval. In dat opzicht is het boek erg geslaagd.
Schouten heeft een lange lijst van vrouwen die met hetzelfde hebben gekampt. Die worden in kleine intermezzo's genoemd inclusief adaptaties van of verwijzingen naar hun werk. Waarschijnlijk heel cool als je het origineel hebt bestudeerd, maar als je het origineel niet kent weinig interessant.
Verder loopt een scriptie als een rode draad door het boek heen en is het aanleiding voor veel (levens)keuzes. Aan het einde verdwijnt de scriptie uit het verhaal, waarmee ook het eindpunt van het boek onduidelijk wordt. Of de betekenis van verhaallijnen uitleggen dan de beste keuze is? Die vraag stellen is 'm waarschijnlijk beantwoorden.
Emma Laura Schouten is docent Nederlands, redacteur en schrijver. Begin 2025 verscheen haar debuutroman Nachtschade.
De auteur beschrijft de lijdensweg die ze ondergaat door migraine. Ze doet dit niet op een lineaire wijze maar eerder fragmentarisch, zoals haar leven opgedeeld is in fragmenten van tussentijd (wachtend in de donkerte) en leef-tijd. Als lezer krijg je een indringende beschrijving aan de hand van de oud-Griekse migraine-demon Antaura die aan haar kleeft en haar denken en doen beïnvloedt, maar wellicht ook haar persoonlijkheid en identiteit. Ze rijgt haar eigen verhaal bovendien aan een rozenkrans van andere vrouwelijke historische figuren die haar voorgingen in deze pijncirkel.
“Wie het onzichtbare niet kent, kan immers niet anders dan zich richten op het zichtbare.”
De auteur schrijft beeldend met mooie inzichten en soms interessante filosofische standpunten. Ze is een sterke observator en weet deze observaties te vangen in bijzondere passages. Pogingen om het onzichtbare onder woorden te brengen, de vinger te kunnen leggen op de bron van de pijn, op zoek naar erkenning en herkenning, op zoek naar gelijkgezinden. Soms voelt het ongemakkelijk, de hoeveelheid aan omschrijvingen van het leed dat Antaura met zich meebrengt. Maar hoe ondraaglijk staat het dragen van de realiteit tegenover dit ongemak voor de lezer?
Een bijzonder urgent pleidooi voor meer begrip en mildheid voor wat niet zichtbaar is voor de ander, voor dat waar woorden vaak ontoereikend zijn. Toch slaagt de auteur erin om woorden én zichtbaarheid te creëren voor het onzichtbare en het onzegbare. Een groeiend besef, zowel bij de auteur als de lezer, dat ieder individu anders bedraad is, en dat elk onderdeel van een individu het (figuurlijke) daglicht mag zien.
Prachtig. Het boek leest gefragmenteerd, maar is zó samenhangend. Ik vond het mooi om te lezen over migraine als onderbelichte en onbegrepen vrouwenziekte en herkende veel van de omschrijvingen. De dwarsverbanden met het verleden gaven het verhaal extra gewicht. Ik ken Emma niet, maar heb een paar jaar terug kort haar kamer in Londen ondergehuurd, wat de passages over Londen voor mij extra speciaal maakten.
Te hoogdravend en te academisch om mij een kans te geven om me goed te verbinden met de hoofdpersoon en haar ziekte. Sowieso begreep ik sommige van haar keuzes niet goed: de papiermuur, het gebrek aan omgang met de huisgenoten of gewoon überhaupt openheid over haar ziekte.
De keuze om haar geobsedeerd te laten zijn door de vrij onbekende 17e eeuwse filosoof Anne Finch Conway is dan wel weer een interessante keuze. Dat was ook de voornaamste reden voor mij om door te lezen.
Verder weet ik vrij zeker dat mannen ook last kunnen hebben van migraines, maar in dit boek wordt het vooral aangeduid als het monster Antaura dat alleen vrouwen met een baarmoeder kan treffen.
"Als ik omhoogkijk en zie dat de maan vol is, denk ik: dit zou de reden kunnen zijn. Als ik een bladzijde in mijn agenda omsla en de dagen dichtslibben met pen, denk ik: dit zou de reden kunnen zijn. Als ik een roestkleurige vlek in mijn onderbroek vind, denk ik: dit zou de reden kunnen zijn. Als er geen volle maan, geen volle agenda, geen roestkleurige vlek is, denk ik: dit zou de reden kunnen zijn."
Wat heeft Emma Laura Schouten het hebben van migraine en het leren vinden van een weg hierin sterk, herkenbaar en beeldend weten te vervatten.
“Mensen kunnen niet begrijpen waar ik hen voor nodig heb. Het is al zo vaak gedaan, zullen ze zeggen. Vrouw met obsessie voor vrouw met obsessie voor vrouw. Geredigeerde geschiedenis, gerechtigheid door mond-op-mondbeademing. Ze laten het klinken als een frivole bezigheid, een overbodige passie, alsof vrouwenverhalen vanzelf boven komen drijven, en niet aan hun haren naar boven moeten worden getrokken uit het puin van de vertekende geschiedschrijving. Ja, ik heb ze nodig, en zij mij evengoed. Ik wil het niet hoeven uitleggen. Ik wil dat zij voor zich spreken. Ik wil mijn warme adem in hun koude, stijve nek blazen, wil ze de toekomst in schrijven, hun aderen met inkt vullen.” p. 28
Mooi debuut, heel herkenbaar. Prachtig taal gegeven aan iets dat amper in taal is te vatten. Jammer van een joekel van een dt fout en de vergissing taxonoom- taxidermist, maar mss is dat in de tweede druk gecorrigeerd.
Nachtschade van Emma Laura Schouten is een boek over een hoofdpersonage met migraine. Ze studeert filosofie en bestudeert voor haar eindwerk de zeventiende-eeuwse filosofe Ann Finch Conway en gaat daar helemaal in op. Om wat geld te verdienen besluit ze ook les te gaan geven en ze doet aan co-housing, maar ze vindt niet echt verbinding met de mensen met wie ze samenwoont.
Emma Laura Schouten vertelt enerzijds dit verhaal en tegelijkertijd mengt ze dit verhaal met fragmenten over hoofdpijn en migraine van vrouwelijke denkers en schrijvers. Het is een beetje een allegaartje van van alles en nog wat, waardoor de leeservaring constant onderbroken wordt. Het is constant zoeken naar een link tussen het verhaal en de verschillende fragmenten en het voelde iets te academisch aan, waardoor de schwung van het lezen wat verloren ging.
Het boek toont wel hoe mensen die een chronische ziekte hebben ermee omgaan, maar ik had helaas niet de indruk dat het hoofdpersonage echt tot zelfinzicht is gekomen. Ik vond dat ze vooral de neiging had om weg te lopen van haar problemen en niet om de confrontatie aan te gaan.
Emma Laura Schouten (1994) schrijft essays, proza en poëzie. Ze is docent Nederlands in Amsterdam en werkte eerder als freelance redacteur. Haar werk verscheen onder meer in Kluger Hans, Het Liegend Konijn en op Hard//hoofd. Nachtschade is haar debuutroman.
interessant onderwerp, had 100 pagina’s minder gemogen — maar misschien had ik gewoon een matige reading experience. sommige ideeën blijven me wel bij, zoals tijd/tussentijd.
Het laatste boek dat ik las in maart. Dit boek komt zo dicht bij hoe iemand met migraine het voelt dat ik even de tijd nodig had om dit boek te laten zakken en de juiste woorden te vinden. Want deze roman raakt. Niet alleen de impact van migraine op het leven, maar ook de impact van de tussentijd - de tijd tussen gezond voelen en de volgende migraine. De kleine subtiele signalen die je laten weten dat de volgende helse periode weer in aantocht is. Dit boek schuurt als je weet hoe migraine dat waar je zo lang naar uitkeek kan verwoesten met een simpele weerkaatsing van licht in je ooghoek - of welke andere trigger dan ook. Dan lees je deze roman vanuit een ander oogpunt : je begrijpt de totale toewijding van het hoofdpersonage om naar herkenning te zoeken bij een bekend schrijfster uit de geschiedenis. Zoekend naar kleine aanwijzingen dat migraine ook grote personen kan raken. Dat ook zij niet minzaam ondergingen en het konden verstoppen maar ook de tekenen van migraines vertoonden via afbeeldingen of brieven. Een levenswerk maken van een zoektocht.. . Tussen elk hoofdstuk staan stukjes over beroemde schrijfsters voor wie migraine in hun werk voorkwam. Enerzijds begrijpbaar door de scriptie van het hoofdpersonage hierrond maar anderzijds trokken ze me soms uit de fictie. Een bijzondere roman.
Ik ben oneindig onder de indruk van dit boek. Woorden vinden voor pijn is een bijna onmogelijke opgave, maar Emma slaagt erin met een bedachtzame precisie. Tijdens het lezen voelde ik me alleen, het voelde koud en verdrietig, maar tegelijk ook mooi, intiem en pijnlijk. Ik voelde plaatsvervangende frustratie en woede over de pijn die altijd op de loer ligt. Goed, ik voelde dus veel. Naast de belachelijk mooie inhoud zegt het genoeg dat mijn exemplaar vol ezelsoren zit, omdat ik allemaal mooie zinnen tegenkwam die ik niet kwijt wil raken. Ik hoop vooral dat we nog veel van Emma gaan horen!!
‘Ik zocht soelaas in die onderwaterwereld, verzocht ook vloeibaar te mogen worden, mee te kunnen bewegen, weg te kunnen bewegen van mezelf. Maar hoe meer ik me verzette, hoe meer ik materialiseerde, verhardend als drogend beton, de zwaartekracht met geweld trekkend aan mijn logge ledematen.’
De zo allesomvattende en geheel juist omschreven aanvallen en bezoeken van Antaura wakkerden de migraine bij mezelf aan. Het verhaal rond de scriptie kon mijn aandacht niet vasthouden. Heb me er moeten doorsleuren.
In Nachtschade van debutante Emma Laura Schouten (1994) zit een vrouw gevangen in de ondraaglijke greep van migraine. Gefascineerd door schrijfsters die dat lot delen, stort ze zich vol overgave op hun leven en werk. Haar aanvankelijk academische zoektocht verandert al snel in een bijna dwangmatige reis — letterlijk en figuurlijk — naar het Verenigd Koninkrijk, waar ze hoopt antwoorden te vinden. Daar wordt ze geconfronteerd met de pijnlijke realiteit dat het lastig is om andermans lijden te bevatten, laat staan te vertalen naar je eigen verhaal.
De titel Nachtschade is een symbool dat de dualiteit van haar bestaan vangt. Aan de ene kant verwijst het naar het dieet dat ze volgt, waarin ze planten uit de nachtschadefamilie vermijdt in een poging haar migraine te beteugelen. Aan de andere kant roept het de nacht op als een donkere schuilplaats waar ze haar aanvallen kan doorstaan. Dat duister is geen vijand, maar een mysterieuze veilige haven waar het felle licht gedempt wordt en de pijn niet erger lijkt. Dit contrast tussen het verlangen naar controle en het zich noodgedwongen overgeven aan haar lichaam is als een rode draad door de roman geweven.
Migraine verschijnt hier als een levensecht monster: Antaura, haar persoonlijke demon die ongenadig toeslaat. Maar vooral de momenten tussen de aanvallen — die zenuwslopende ‘tussentijd’ — roept Schouten met beklemmende precisie op. De lezer voelt welhaast de fragiele spanning in de lucht, de angst die in elk detail schuilt: een bittere smaak, een onzichtbare geur, het flitsende licht van een trein. Het is een leven op scherp, met elk moment bevangen door dreiging en onzekerheid.
‘Ik verzamel de woorden van anderen in de hoop dat ze de vorm aannemen van de leegtes tussen de pijn, in de hoop dat ze in elkaar passen; een archeologie in inkt. Tussen de kralen in laat ik plekken open, want op de kale draad huizen de onzichtbaren, de naamlozen, zij die niet schreven of niet geschreven werden. Vrouwen die de tussentijd doorbrachten met een kind op elke heup, vrouwen die tijdens het splijten aardappels schilden, vrouwen die Antaura de andere kant van hun hoofd toekeerden (..) Als Antaura zich aankondigt, laat ik de kralen tussen mijn vingers door glijden.’
Door het verhaal heen duiken beroemde vrouwen met migraine op — van Hildegard von Bingen tot Virginia Woolf — als fragmenten in een caleidoscoop van pijn en inspiratie. Vooral Anne Conway, de zeventiende-eeuwse filosofe die de scheiding tussen lichaam en geest ondermijnde, grijpt de hoofdpersoon bij de keel. De reis naar Londen om haar te bestuderen is net zozeer een zoektocht naar de kwetsbare, zieke vrouw als naar de denker zelf.
Toch blijft de verteller zelf aldoor in de schaduw. Haar verleden, dromen en worstelingen worden nauwelijks aangeroerd, waardoor zij voor de lezer vaag en op afstand blijft. Terwijl de migraine in al haar pijn en macht voelbaar wordt, blijft de vrouw die ermee leeft een raadsel. Het thema van het lijden wordt interessanter dan het menselijke verhaal dat erachter schuilt.
Bovendien drijft het verhaal op een monotone zee van introspectie en somberte, met weinig flitsen van lichtheid of humor om de zwaarte te breken. Het leven van de verteller is gevangen in zichzelf, zodat kansen voor ontwikkeling of contact — haar lessen Nederlands, of bezoekjes van haar ouders — nauwelijks tot leven komen. Dit maakt het lastig om een warme connectie met haar te voelen.
Nachtschade schildert de pijn en het ongemak met scherpte en precisie. Als menselijk drama blijft het verhaal soms te afstandelijk en fragmentarisch, doordat de hoofdpersoon grotendeels in de mist blijft staan. Wel levert Schouten in haar eerste boek een intens portret van leven met migraine en het zoeken naar grip op lichaam en geest.
Nachtschade is een heel vrouwcentrisch boekje (met een bewust militant kantje, hoorde ik in de podcast 'De eerste keer'). Het lijkt het wel alsof enkel vrouwen migraine kunnen krijgen. ("Alleen vrouwen werden getroffen", staat er letterlijk.) Een bizarre gedachte(*), die een hele dimensie aan het gegeven ontzegt, en een deel van de mensheid ontkent. Nog goed dat ik daar allemaal niet zo gevoelig voor ben.
Ook was het een beetje storend dat de verteller het steeds heeft over Antaura (de Griekse migraine demon) ipv over migraine. Het is een beetje zoals mensen die het woord kanker bannen om op die manier het onheil niet over zichzelf uit te roepen. Magisch denken. (Achteraf vind ik die hypothese bevestigd in haar uitstekende essay Tussen ziek en gezond: De hiërarchie van ziektes.)
Maar goed, nu we dit uit de weg hebben, vond ik Nachtschade wel een goed boek. Het was de tweede of derde keer dat ik erin begon, en ik denk dat het voornamelijk met perceptie te maken had. Nachtschade wordt nadrukkelijk gemarket als een boek over migraine en dan denk ik algauw aan pseudowetenschappelijk zelfhulpboek. Quod non.
Het verhaal aan de oppervlakte is het schrijven van een scriptie, een boeiende zoektocht naar Anne Finch Conway, als metafoor voor de zoektocht van de verteller naar zichzelf en naar de manier waarop ze haar migraine een plaats kan geven, ook in het licht van hoe al een hele resem andere vrouwen er tijdens hun leven mee zijn omgegaan.
Enorm betekenisvol is ook het concept tussentijd (de periode van een migraine aanval), en hoe die onzichtbaar is voor de wereld waar enkel de tijd daarbuiten wordt erkend. Een beetje zoals het echte leven vs Instagram.
—
(*) Extra bizar omdat het allemaal heel erg herkenbaar is, wat in het boek beschreven wordt.
"De biografe liet Annes filosofie klinken als een logisch gevolg van haar ziektegeschiedenis. Een afwijzing van het dualisme lag volgens haar voor de hand bij iemand met onophoudelijke pijn. Voor mij vormde die conclusie juist een scherp contrast met mijn werkelijkheid; laat het onderscheid tussen mijn geest en lichaam alsjeblieft substantieel zijn, want als dit lichaam definieert wie ik ben is de laatste pilaar onder mij weggeslagen, dan helpen zelfs gesloten gordijnen niet meer."
‘Ik haatte haar om haar beleefde uitingen, haar gebalanceerde voorkomen, haar verbale buiginkjes naar de bezorgdheid van anderen. Ik eiste van haar dat ze zich gedroeg zoals mijn andere rozenkransvrouwen: warmbloedig. Ik wilde chagrijn, woede, rouw, kilte of wanhoop, in plaats van deze inertie - in plaats van deze spiegel.’ (Blz 45)
'Gezocht: nieuw hoofd. Maat S, mag gebruikssporen hebben mits functioneel intact.
Maar ook: 'Het was er koel en zacht, en als het kon vleide ik me naast haar neer; ik wilde slapen zoals zij, in die kamer, als een kat die slaapt zonder schuld of zelfbewustzijn.'
Een sterk debuut over de klachten die komen bij vrouw zijn en in het bijzonder migraines. Het gaat over de eenzaamheid die pijn veroorzaakt, de obsessie die hierbij komt kijken en bij het accepteren van het moeten leven met deze kwalen. Als lezer hoef je niet zelf last te hebben van migraines om je te identificeren met de hoofdpersoon, haast ieder mens heeft wel eens last van de "tussentijd". Ik merk ook dat deze term de afgelopen weken mijn vocabulaire in is geslopen, wat een ode is aan het woordgebruik van Emma Laura Schouten. Het kan een taai boek zijn om doorheen te komen, maar zeker het wel waard.
Ik had hoge verwachtingen van dit boek maar die zijn helaas niet ingelost. Door het eerste deel heb ik me echt door moeten ploegen en niet zelden heb ik getwijfeld of ik het gewoon zou opgeven. Gelukkig heb ik dat niet gedaan want de tweede helft is me wel beter bevallen. Het is me niet helemaal duidelijk of dit kwam omdat ik intussen gewend was aan de stijl van de auteur of omdat het verhaal in de tweede helft ook gewoon boeiender was. Ik heb me vooral gestoord aan de wollige, hoogdravende stijl en het gebrek aan actie in het boek. Bij uitbreiding heb ik me ook geërgerd aan de negativiteit en depressiviteit van het hoofdpersonage, die mijns inziens toch wel in een slachtofferrol kruipt (en ik lijd zelf ook aan chronische migraine dus ik heb hierbij toch wel recht van spreken, lijkt me). De mindsetverandering op het einde van het boek kwam dan ook als een verlossing en zorgde dan toch nog voor een hoognodige positieve noot.
Dit boek vind ik een tour de force, want pijn is enorm moeilijk om overtuigend in woorden te vatten. Vooral als het gaat om pijn die nooit overgaat en zo erg is dat sommigen overwegen om een eind aan hun leven te maken. Emma Laura Schouten slaagt er echter prachtig in. In Nachtschade beschrijft ze de ene na de andere migraineaanval van de hoofdpersoon, en ook het angstige toeleven naar de volgende. Ze noemt de aanvallen Antaura, naar de oud-Griekse migrainedemon. Schouten doet verder een zoektocht naar de levens van vrouwelijke schrijvers uit het verleden die ook aan migraine leden zoals Jane Austen, Emily Dickinson en Virginia Woolf. Tegelijk klaagt ze de eeuwenlange ontkenning van vrouwelijke pijn aan, want "het waren maar vrouwelijke kwaaltjes". Geen makkelijk verhaal, vrij erudiet en literair, en soms ook heel somber en moedeloos. Toch de moeite waard door de mooie poëtische beschrijvingen. Lees mijn uitgebreider blog over de Bronzen uil 2025, dit boek stond op de shortlist.