Ya Spinoza había formulado la pregunta: «¿Por qué la gente lucha por su esclavitud del mismo modo que lucha por su salvación?». Esta pregunta debe hacerse una y otra vez, y más aún en tiempos de crisis e incertidumbre. Charim encuentra la respuesta en el narcisismo, la herida abierta que nos constituye y queocultamos bajo la máscara del ideal.
No obstante, el narcisismo no es un trastorno psicológico ni un defecto de la personalidad, sino un artefacto social que nos dispone a asumir ideales del yo prefabricados; un proceso que nos hace dúctiles e infelices, que nos lleva a establecer una relación íntima y personal con la autoridad... a someternos voluntariamente.
Gelezen voor research. Af en toe moet je bladzijdes 10 keer lezen voor het kwartje valt, maar geduld wordt beloond! Zo confronterend, scherp en slim. Het hielp enorm om mijn eigen gedachten over dit onderwerp meer vorm te geven. Een boek wat je in je kast hebt liggen en er af en toe gewoon weer even uit pakt.
Erg interessant en inzichtgevend. Het verklaart veel over onze tijd. Het gaat niet over de narcistische persoonlijkheid, maar hoe iedereen zich maatschapijbreed vrijwillig onderwerpt aan narcisme. Het verklaart waarom politieke idealen als solidariteit niet meer populair zijn, maar ook bood het inzicht in veel filosofische analyses. Het was niet makkelijk lezen, maar dat is niet altijd erg.
In de jaren zeventig beschreef Richard Sennett in The Fall of Public Man (1977) de huidige maatschappij als ‘narcistisch’ vanwege de ‘tirannie van intimiteit’ die via de sensatiebladen en reality-tv over ons wordt uitgestort. Of het nu de relatieproblemen van BN-ers en filmsterren, of datingprogramma’s zijn, waar iedereen zich binnenste buiten keert, we krijgen alles te zien. De burgerlijke beleefdheidsvormen in de openbare ruimte werden daarmee definitief om zeep geholpen. Informele kleding, onbeschoft gedrag zijn standaard geworden.
Christopher Lasch sluit zich in zijn bestseller De Cultuur van het Narcisme (1979) daarbij aan, en hij benoemt de gegroeide belangstelling voor het persoonlijke als het verval van het gemeenschappelijke.
Met deze etikettering van de individualisering als ‘collectief narcisme’ is de schrijfster en filosofe Isolde Charim niet tevreden. Ze wil niet alleen het verval van ‘het gemeenschappelijke’ ontleden, maar ook dieper kijken naar de psychische mechanismes. Centraal staat daarin de ‘aanspreking’, de vrijwillige onderwerping, vergelijkbaar met de wijze waarop in de Griekse mythe Narcissus verliefd wordt op zijn eigen spiegelbeeld.
Heeft het neoliberalisme en de individualisering een collectieve narcistische persoonlijkheidscultuur voortgebracht of beantwoordt de economische en politieke realiteit aan onderliggende psychische motieven? En welke rol speelt het verlies van ooit breed gedeelde ideologieën in die aanspreking? Volgens Isolde Charim kan die aanspreking niet plaats vinden zonder een ‘denkbeeldige’ (vaak vereenvoudigde) voorstelling van de werkelijkheid, zoals Narcissus zijn eigen spiegelbeeld waarneemt en daardoor emotioneel wordt geraakt.
Isolde Charim gebruikt het narcisme om de huidige maatschappelijke processen van neoliberalisme en individualisering te duiden. Alles wat Lasch en Sennett eerder beschreven hebben is natuurlijk in verdubbelde vorm realiteit geworden. De individualisering is enorm toegenomen en met de sociale media wordt alles nog eens uitvergroot. Dat levert nog meer ‘collectief narcisme’ op, zoals zij het noemen.
Maar zoals gezegd wil de schrijfster dieper gaan. Overal ziet ze ‘aansprekingen’ opduiken. Door dit psychologische duiden ook vaak zonder aanleiding te doen, krijgt de uitleg het karakter van een ‘psychologisme’, het gebruik van de psychologie als unieke verklaring voor maatschappelijke verschijnselen. Ze besteedt weinig of geen aandacht aan andere factoren zoals technologische ontwikkelingen, sociale media, en onderwijs. De ideologie van het neoliberalisme en ‘het managen van jezelf’ kunnen ook afgeleid worden uit economische en sociaal-culturele motieven.
Bas Heijne (NRC 15-2-2024) volgt haar in haar stelling dat ze een coherente filosofische ondergrond biedt voor het neoliberalisme. Dat lijkt me niet het geval, al is er wel degelijk nood aan een uniforme diagnose voor de overvloed aan maatschappelijke problemen, die dagelijks over ons worden uitgestort, zoals scheidingen, burnouts, populisme, autocratische politici, complottheorieën, onvrede, maatschappelijke tweedeling, eenzaamheid, etc. Hadden we maar zo’n theorie.
Het benadrukken van ‘ideologie’ als een vereenvoudigde weergave van het ‘ik-ideaal’ of van een maatschappelijke context, en de liefde en zelfidentificatie die dat oproept of daarop geprojecteerd wordt, is zeker een interessant uitgangspunt. Hoe dit in zijn werk gaat en of we er wat aan kunnen doen, blijft open. Ze levert geen enkel bewijs voor de ‘aansprekingen’ of hoe waanbeelden en complottheorieën ontstaan.
Ook de “vrijwillige onderwerping” van de subtitel blijft wat duister. Natuurlijk onderwerpt men zich aan het ‘ik-ideaal’, net als bij een verliefdheid, anders is niet mogelijk, je ondergaat het. Van uiterlijke dwang is geen sprake. Ook biedt de schrijfster geen perspectief op een beheersing van de narcistische trend. Hoe lang houdt de betovering aan? Hoe kunnen we de neoliberale verleidingen weerstaan?
Het is een boeiend boek dat zeker twee keer gelezen moet worden. Zie voor een uitgebreide bespreking Narcisme en neoliberalisme in Civis Mundi #169.
Ik moet bekennen dat de eerste paar hoofdstukken door de freudiaanse 'concepten' voor mij zeer moeilijk leesbaar waren. Ik heb het dan ook vaak weggelegd. Maar het laatste hoofdstuk maakte het de moeite waard; hoewel de heldere conclusie niet erg hoopgevend is.
El ensayo defiende que la principal invocación que seguimos hoy en día es la del narcisismo. Trata de intentar comprender este modo tan particular que tenemos de vivir en sociedad. Toma prestado este concepto psicoanalítico para referirse a una nueva normalidad social. Así lo considera: como un momento social determinante. No se trata de un ego inflado, sino de una forma de sufrimiento por no poder cumplir con los ideales de la autenticidad y la auto-realización que la sociedad impone.
Charim argumenta que, en lugar de ser una patología individual, el narcisismo en la sociedad actual es una forma de "sumisión voluntaria" que surge de la presión por la auto-optimización y la autenticidad en un contexto neoliberal.
Desvela la paradoja de una sociedad que, mientras celebra la individualidad, en realidad produce sujetos que se someten voluntariamente a las exigencias de un sistema que promete libertad pero entrega una nueva forma de servidumbre.
La atención narcisista que antes se dirigía hacia el yo ahora le corresponde a un «ideal en parte demandado desde fuera», hacia una «figura en parte demandada desde fuera». La figura ideal, esta imagen ideal, no sólo genera amor, también provoca una cierta «identificación». El sujeto no dejará de identificarse una y otra vez con el ideal.
El ideal del yo es a la vez promesa, exigencia y medida. El narcisismo es una sumisión voluntaria al ideal del yo. Sometimiento voluntario a la llamada que proviene de nuestra «propia» imagen ideal —en sus componentes tanto individuales como sociales—. Sumisión voluntaria a la forma elevada del yo. A una imagen de «sí» con la que no se concuerda aunque se pretende hacer real.
Con la idea de que los sujetos son un recurso al que se puede acceder por procedimientos «técnico-sociales». Tanto el comportamiento desinteresado como el egoísta se consideran sólo desde un punto de vista: la obtención de utilidad. Por eso, todas las acciones son, en última instancia, interesadas. Incluso los sacrificios desinteresados.
Se remarca que la difusión de una figura central —la del empresario de sí mismo— no tiene tanto que ver con la extensión del neoliberalismo sino con la del narcisismo: "La ideología neoliberal ha demostrado ser un gran reduccionismo conductista. Un engaño ideológico, si se prefiere, que esconde la invocación narcisista fundamental que nos mueve hoy." "El éxito queda desacoplado del trabajo, el esfuerzo y el compromiso. Lo importante ya no es el deber, sino la «actuación» —el modo en que se representa cada uno socialmente—."
Vivimos en una sociedad que sólo cabe designar como narcisista. Vivimos en sociedades que funcionan con y a través del narcisismo. La sociedad es la que promueve el narcisismo.
La «moral» narcisista —la pretensión de hacer mío el mundo— es precisamente eso: una forma de negar la socialidad. Precisamente a través de la ilusión de una concreción del individuo que se erige en absoluto.
En la autoidentificación personal encontramos todo lo que constituye la «moral» narcisista: negación del propio ser social, ilimitada afirmación personal del yo, rechazo de las categorías universales y, a la vez, la contradicción a la que todo ello conduce, la necesidad del reconocimiento social que conlleva.
Gegrepen door de ondertitel van het boek - vrijwillige onderwerping - stelde het in jet eerste deel niet teleur. Onze onderwerping zit dieper dan een oppervlakkige duiding van het neoliberalisme doet voorkomen. Waar ik in het tweede deel van gaar betoog wachtte op de adembenemende conclusie - wij leven in een illusie - raakte ik verstrikt in uiteenzettingen over het narcisme. Gelukkig schiet Spinoza ons hier te hulp: we verlangen niet iets omdat we het goed vinden maar vinden iets goed omdat we het begeren.
Muy bueno. Ensayo sobre la nueva ideología dominante y la sumisión que provoca. No tiene nada que ver el narcisismo como aquí se trata con autores anteriores.