‘Ik ga tóch iets zeggen biedt een soort staalkaart van de stijlfiguren en stijlregisters die je in de Tweede Kamer voorbij hoort komen. Brandt Corstius is een geamuseerde toeschouwer van dit alles. Als je de columns achter elkaar leest, vormen ze een soort kroniek van de alledaagse gang van zaken in het parlement.’**** NRC
De Tweede Kamer heeft iets van een theater, en het vragenuur is een voorstelling. Aaf Brandt Corstius zit erbij en noteert woordenwisselingen, akkefietjes, lachsalvo’s, misverstanden, taalvondsten en soms een ontroerend moment. Van lentekriebels tot wolven, van de moeflonsjaal van Caroline van der Plas tot de gedichtenkeuze van Martin alles komt voorbij.
Juist in dit ene uur van de week komen er in de Kamer zaken aan bod die de gewone mens nogal waarom dreigen bingoavondjes illegaal te worden, en is een fatbike wel een goed idee? Naast de kleine, menselijke problemen worden de grootste kwesties behandeld – oorlog, uitbuiting, armoede en ziekte.
Een boek vol observaties die je in de gewone politieke verslaggeving niet over het taalgebruik van politici, hun verjaardagstraktaties, onverwacht melige momenten en kledingstatements.
De pers over Gun iedere kabouter zijn eigen muts
‘Aaf Brandt Corstius verzamelde treffende uitspraken in de categorie “daar heb je wat aan” en stopte die in dit leuke (cadeau)boek.’ Margriet
‘Aaf Brandt Corstius heeft een geweldige, onderkoelde humor. Het boek zit vol grappige anekdotes.’ AD Mezza
‘Grappige, slimme, doodeenvoudige, maar uiterst verhelderende inzichten die het leven een stuk lichter of makkelijker kunnen maken. Een boek waar je af en toe hardop om kunt lachen, maar dat ook weleens ontroert en verrast.’ Nouveau
‘Een verzameling van gekke uitspraken, woordenwisselingen, traktaties en taalvondsten die laat zien hoe het er in het parlement toegaat. Dat is vaak grappig en soms bizar, maar blijkt vooral verrassend veelzeggend over hoe de politiek en Nederland ervoor staan. Een politieke analyse zoals je ‘m niet vaak ziet.’ LINDA.
Aaf Brandt Corstius is columnist voor onder andere de Volkskrant, Margriet en Flow en heeft meerdere succesvolle boeken op haar naam, waaronder bij Meulenhoff Het jaar dat ik 30 werd, Eindelijk 40 en Trouwboekje. Ook is ze te horen in de goed beluisterde podcasts Aaf en Lies lossen het wel weer op (met Lies Visschedijk) en Over geld praat je niet (met Vincent Kouters). De verhalen in Gun iedere kabouter zijn eigen muts verschenen eerder in Flow.
Top als luisterboek! Geestig en interessant om de wekelijkse vragenuren door Aaf te laten verslaan. Zowel voor politieke nerds als mensen die weinig met politiek van doen hebben! Leuk dat het tijdperk Rutte en Schoof 1 in het boek voorbij komen.
Dit boek is, net als Gun iedere kabouter zijn eigen muts, leuker als je kleine stukjes leest in plaats van alles in één keer. Dit ging ik later tijdens het boek doen terwijl ik er een ander boek las.
Ik heb meerdere keren hardop gelachen, want de manier waarop Aaf schreef, ik hoor het haar zeggen. Caroline d’r outfits, woordgrapjes en de bro-hug van Jesse Klaver. Het zijn net mensen.
H ilarisch en tenenkrommend tegelijk. Aaf neemt je mee in het vragenuurtje van de Tweede Kamer tijdens de laatste fase van kabinet Rutte en de eerste maanden van kabinet Schoof.
Na het lezen vraag je je wel af of er ooit een minister komt die gewoon zegt dat iets zijn of haar fout is. Of een Kamerlid is vragen gaat stellen over echt belangrijke grote onderwerpen.
Wat dit boek zo leuk maakt is dat je veel leert van het taalgebruik van ministers en Kamerleden. Iedereen heeft zo zijn eigen stijl. En door al die uren te spenderen op de tribune, merkt Aaf ook het gedrag op van politici. Dit geeft je een leuk inkijkje in de persoonlijkheid van de politici.
De schrijver dacht mogelijk dat het een leuk idee was, maar het boek voegt weinig toe. Geen nieuwe inzichten en niet grappig. Veel is ook al wel in het nieuws geweest, als je dat tenminste volgt.
Rake observaties van Aaf die de moeite nam te beschrijven wat er in het wekelijks vragenuur allemaal plaatsvindt. Laten we met een milde blik zeggen dat politici ook maar gewone mensen zijn, alhoewel ik toch een hogere verwachting heb van onze volksvertegenwoordigers.
Leuk boek, bestaande uit korte columns. Vooral leuk om er af en toe eens bij te pakken. Niet om in 1x uit te lezen. Komisch geschreven, veel sarcasme, veel gelachen. Iedereen aan te raden. Aaf schrijft het heel leuk, je hoort haar gewoon praten in je achterhoofd. En ook zeker leuk om eens het vragenuurtje te bezoeken in de Tweede Kamer op dinsdag. Ik denk dat het het meest grappige en random politieke moment van de week is.
Klein stukje voor de fun: De ministers en staatssecretarissen zijn natuurlijk al maanden demissionair, maar nu is hun vervanging toch wel heel dichtbij. Dat is soms jammer, vindt uw verslaggever, want ze zal dan bijvoorbeeld niet meer kunnen genieten van het gedragen taalgebruik van minister Franc Weerwind (D66), die vandaag bevraagd wordt (…). ‘U hoort mij hierbij praten in de onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd omdat ik eerst wil uitzoeken of wat ik zeg en wat ik vraag in de praktijk kán’. Dat soort uitspraken. Die ga je toch missen. (p.167)
Brandt Corstius (Aaf) is een heerlijke observator en schetst in drie fasen een veranderend politiek klimaat, waarbij de laatste fase (het eerste halfjaar van kabinet Schoof) het meest hilarisch is. En pijnlijk tegelijk, in al z’n stupiditeit. We hebben het zwaar, politiek gezien, ondanks de demissionaire status van dit moment. In oktober zal er ongetwijfeld weer een nieuwe storm gaan waaien. Ik hoop in ieder geval, dat er een deel twee van deze serie columns verschijnt, de politieke arena krijgt door toedoen van de observaties van Aaf B.C. wat lucht, die we goed kunnen gebruiken. Fingers crossed!
Gelijk nog maar een boek van Aaf Brandt Corstius: dan ben ik weer bij. Dit keer staan er geen kinderen centraal, maar politici (die zich soms best kinderlijk gedragen). Aaf bezoekt zo’n 1,5 jaar lang (dus einde Rutte IV, stukje tussentijd en dan het begin van Kabinet Schoof) de Vragenuurtjes op dinsdagmiddag. En die verslaat ze op haar eigen nuchtere manier met een flinke nadruk op de typische taal van politici. Je wordt nog een keer meegenomen langs de onderwerpen van de afgelopen jaren, moet geregeld lachen om de bizarheid van wat er gezegd wordt en leert de politici weer wat beter kennen. Van Martin Bosma die kennelijk elke dinsdag een gedicht voorleest tot de positiviteit van Eric van der Burg. Eerder verschenen deze columns in de Volkskrant.
Tsja, de conclusie is vooral dat het treurig gesteld is met de Haagse politiek. Wel vermakelijk opgeschreven. Heb zowaar een zwak gekregen voor VVDer V/d Burg, door Aaf consequent als vrolijk, goedgemutst en roodbewangd omschreven.
Om te huilen als het niet zo grappig was. Echt heel fijn geschreven. Knap hoe ze luchtig houdt hoe tenenkrommend het er aan toe kan gaan in het vragenuurtje. Deed me ook denken aan Cornelissen met haar taalobservaties. Smaakt naar meer.
3,5 ⭐️ Leest lekker weg en liet me af en toe grinniken. Aaf is goed in het observeren van mensen en ze weet de dingen die haar opvallen komisch te omschrijven.
Leuke verzameling columns over het wekelijkse vragenuurtje met zelfs nog een mondelinge vraag aan voormalig staatssecretaris Heijnen waarvan ik mede de voorbereiding heb gedaan.
Als column vast wel aardig in het moment maar als boek vind ik het net niks. Het heeft geen echte lijn, is niet perse geestig (en probeert dat misschien wel te zijn?), het is geen echte scherpe taalanalyse en is politiek gezien ook niet echt samenhangend of een interessant tijdsbeeld. Geen aanrader
Ik ben groot fan van Aaf Brandt Corstius maar, hoewel ik het boek vermakelijk vond en er snel doorheen kwam, was ik niet helemaal gewowed. Er zaten zeker leuke observaties in en vermakelijke inzichten maar ik voelde er weinig emotie bij en moest ook niet echt lachen om de grappige opmerkingen.
Grappig en verhelderend om een keer een kijkje ‘achter de schermen’ te krijgen in de Tweede Kamer tijdens het vragenuur. (Terwijl je hier als burger ook altijd bij kunt zijn op dinsdag, maar naar mijn idee doen maar weinig mensen dat.)
De onderwerpen die aan bod komen, de sfeer in de Kamer en vooral de taal (of moet ik zeggen wartaal) die politici uitslaan is toch wel bijzonder. Aaf kan goed schrijven, is erg sterk in spelen met taal en heeft een droge humor die precies goed werkt. Het boek leest dan ook lekker weg, al blijft het wel wat aan de oppervlakte. Niet gek, want het vragenuur biedt je nou eenmaal geen compleet beeld van alle partijen en alle problematiek die zij bespreken. En ik denk ook niet dat dat de bedoeling van dit boek is.
Toch heeft het me wat meer inzicht gegeven. Dit werkt tegelijk ontnuchterend en verontrustend. Je vraagt je soms echt af, hoe kán het dat dit zo gaat? Waar gaat dit over? En wat kunnen die politici toch eindeloos om de hete brij heen draaien, je wordt er al ongeduldig van als je het leest, laat staan als je daar iedere dinsdag zit. En met wat voor oplossingen ze soms komen, daar gaan je oren ook van klapperen. Je vraagt je soms af of je over een middelbare schooldebat hoort of echt over de Tweede Kamer.
Je hoort Aafs politieke kleur er wel een beetje doorheen, al weet ik niet of dat komt doordat ik haar al ken van haar wekelijkse podcasts, waarin ze uitgesproken vertelt over haar belevingen en voorkeuren.
Al met al vermakelijk, en een extra halve ster, omdat ik stiekem een beetje fan ben van Aaf.😉
Aaf Brandt Corstius is een Nederlandse columniste, schrijfster, vertaalster en publiciste. Aaf is vooral bekend om haar columns in onder andere *nrc.next*, *de Volkskrant* en *Onze Taal*. Ze heeft ook verschillende boeken geschreven en is actief in de podcastwereld.
In het nieuwste boek ‘Ik ga toch iets zeggen; ABC Den Haag’ worden verhalen samengevoegd van de laatste maanden van het kabinet Rutte, de pauze en de eerste zes maanden van het nieuwe kabinet Schoof.
Haar schrijfwerk wordt vaak gekenmerkt door een persoonlijke, humoristische en toegankelijke toon. Ze gebruikt alledaagse observaties en combineert deze met zelfspot en relativeringsvermogen. Hierdoor voelt haar werk vaak lichtvoetig en herkenbaar aan, maar bevat het toch subtiele inzichten over de maatschappij en het moderne leven.
Aaf’s benadering blijft dicht bij het persoonlijke en het alledaagse. Ze richt zich minder op grote, complexe vraagstukken en meer op de details van het leven die iedereen kan herkennen.
De boek is een scherpe observatie van het wel en wee in de tweede kamer tijdens het wekelijkse vragenuurtje op dinsdagmiddag. Haar humor verrijkt de situatie en maakt deze levendig. Er komt tijdens het vragenuurtje vanalles voorbij; kledingobservaties, akkefietjes onder de kamerleden en natuurlijk de woordenwisselingen. Het was leuk om door de ogen van Aaf meegenomen te worden naar de vragenuurtjes in Den Haag.
Als columns werken ze misschien wel goed, maar als je deze columns achter elkaar leest, zijn ze slaap- én ergerniswekkend. Vooral de als uitsmijter bedoelde laatste zinnen beginnen al snel te irriteren, omdat ze - wat mij betreft - vrijwel nooit puntig (geestig, grappig, ad rem, enz) genoeg zijn om als uitsmijter te dienen.
Bovendien, laat ik daar ook eerlijk over zijn, helpen deze stukjes niet mee om degenen die dit land lijeiden, serieus te nemen. Dat kost me al zoveel moeite. Ik had dit boekje niet moeten lezen...
Wat hou ik toch van Aaf Brandt Corstius als schrijfster.
Ze geeft in deze bundel van haar columns een beeld van hoe het er aan toegaat tijdens het vragenuur in de tweede kamer. Ze focust zich hierbij op het bijzondere taalgebruik en vakjargon van de politici en gebruikt ontzettend veel ironie en humor. Ik vond het hierdoor een heel prettig boek en ondanks dat ik mij erg druk heb gemaakt over het gebrek aan effectiviteit van de tweede kamer dat in het boek naar voren komt heb ik ook ontzettend genoten. Zeker een leestip!
“We schakelen over naar het vuilnis van Rome, dat, werd deze week besloten, elke week per trein afgevoerd zal worden naar Amsterdam, alwaar het verbrand zal worden. Erik Haverkort (VVD) ziet al een ‘Romeinse rookpluim’ boven Amsterdam ontstaan, waar voortaan, volgens hem, ‘pizzadozen en pastablikjes’ worden verbrand. Pastablikjes? Het is het vragenuur, en je blijft achter met zo veel vragen.”