Een komische roman vol herkenbare familiesituaties.
Het was de grote wens van de hoogbejaarde op vakantie naar Texel, waar ze vroeger haar man ontmoette. De hele familie plus aanhang trekt in twee vakantiehuisjes op bungalowpark De Zeehond, maar van een relaxte midweek is geen sprake. Kibbelende schoonzussen, freelance werk dat nog af moet, jengelende kinderen en de nodige dieetwensen die een gezamenlijke maaltijd ingewikkeld maken. Neeltje raakt zoek, maar er bloeit ook een romance op. Komt de familie uiteindelijk nader tot elkaar of zorgt deze hectische midweek voor verwatering van het contact?'
Astrid Witte (Texel) schrijft gevarieerde fictie voor de jeugd en volwassenen. Van misdaadroman tot dystopie en van coming of age tot feelgood. Tripje Texel is haar zevende boek bij Uitgeverij Ellessy.
Eigenlijk weet ik niet precies waardoor of wanneer mijn passie voor schrijven is begonnen. Het was ergens op de basisschool (Jozefschool, Den Burg). Ik weet nog dat we in de klas een keer bezoek kregen van Jacques Vriens, dat maakte veel indruk. Ook won ik op school een keer een schrijfwedstrijd. Wat me in ieder geval aanstond, was dat schrijven iets is dat je helemaal alleen kunt doen. Lekker je eigen ideeën neerpennen en niemand die zich er direct mee bemoeit.
Mijn eerste poging tot een boek was ‘Dollie de Dolfijn’, geschreven op dat oude printpapier met gaatjes in de zijkant. Het ging over een dolfijn die zijn ouders kwijtraakte en bevriend werd met een pinguïn. Tegenwoordige tijd en verleden tijd werden door elkaar heen gebruikt en hoe de dieren allemaal samen op een tropisch eiland konden wonen, kan ik eigenlijk niet helemaal verklaren. Toen ik ging studeren (HEAO), verhuisde ik naar Alkmaar en daarna voor de liefde naar Zuid-Limburg.
Het eerste afgeronde manuscript stuurde ik pas op mijn 26e naar een paar uitgevers, met een paar afwijzingen als gevolg. Bij mijn tweede manuscript kreeg ik al feedback. Aangezien uitgevers voor mij Goden waren (achteraf bleken het gewoon mensen te zijn), koesterde ik dit alsof het de bijbel was. ‘Spiegelmeisje’ stuurde ik pas jaren later in en na nog een aantal afwijzingen, lag mijn motivatie ergens in de richting van het middelpunt van de aarde. Het valt niet mee om jaar in jaar uit ergens aan te werken zonder verdiensten of garantie op succes. Ik was dan ook in de zevende hemel toen ik het woord ‘publicatie’ in een mailtje van de directeur van uitgeverij Clavis las. Mijn eerste contract voor een jeugdboek in de pocket! En kort daarna ook het tweede contract ondertekend. Natuurlijk gaat het schrijven ondertussen gewoon door en liggen er verschillende andere ideeën op de plank, die hopelijk ook in vaste vorm gaan verschijnen.